1. Waarom deze afrekening met het denken van Spinoza?
...

1. Waarom deze afrekening met het denken van Spinoza? Els Moors: Voor het literaire tijdschrift nY wilde ik een artikel schrijven over Spinoza. Ik las zijn Ethica en wat mij daarbij opviel, was dat het boek maar enkele concrete beelden bevat, bijvoorbeeld van een man die beseft dat zijn vrouw hem heeft bedrogen en die daardoor opeens haar lichaam voor zich ziet samen met de geslachtsdelen van een andere man. Djeezes, denkt de schrijver in mij dan, die gast was gewoon doodsbenauwd van de begeerte. Ik denk dat de westerse filosofie wel betere mensbeelden heeft opgeleverd dan dat. Voor mij is het ondergaan van de begeerte juist de voorwaarde om mens te kunnen worden. Ik vind het verbazingwekkend dat wij die in essentie kapitalistische, hiërarchische en kolonialistisch denkende Spinoza nog steeds verkopen als de voorman van een verlichtingsdenken dat de wereld zou kunnen redden. 2. En waarom je boek dan ophangen aan Spinoza's 48 affecten? Moors: Dat leek me een geniale manier om het concept fictie te onderzoeken. Fictie heeft een dwingende, causale spanningsboog. Door mijn roman op te hangen aan die affecten kon ik aan dat narratief ontsnappen. Iedere dag nam ik die erbij en mediteerde ik er kort over. Waar bevonden die affecten zich in mij, vroeg ik me dan af. Kon ik betekenis genereren zonder een overkoepelend narratief te volgen? Maar ik ontdekte dat onze geest zelf op zoek gaat naar zo'n narratief. Wij zijn constant op zoek naar een samenhang. 3. Je roman is autofictie, maar hoe auto kan fictie worden? Hoe eerlijk kun je daarin zijn? Moors: Wat ik uit de psychoanlayse opgestoken heb, is dat we ons vooral blootgeven in onze fantasieën, en niet in onze rationaliteit. Mijn boek gaat dus over mezelf, maar tegelijkertijd is het ook fictie, want de woede die erachter zit, is gechargeerd. Ik zat inderdaad met verschrikkelijk veel liefdesverdriet, maar tezelfdertijd speel ik met de perceptie die de lezer van mij heeft. Ik heb dus gedaan wat alle schrijvers doen, ik heb gemanipuleerd. Uiteindelijk is er geen manier om naar de werkelijkheid te kijken zonder dat je haar fictionaliseert. Betekenis geven begint met fictionaliseren. Wij hebben de illusie dat er nog een waarheid daarbuiten zou zijn, maar die is er niet. Er is geen waarheid buiten het verhaal.