Eerste zin Ik werp geen schaduw.
...

Eerste zin Ik werp geen schaduw. Daniel en Cathy wonen bij hun oma Morley. Hun vader is een prijsvechter die soms langere tijd verdwijnt en hun moeder komt maar af en toe langs, uitgeput en 'bloedend wanneer ze kapot is', zoals oma het zegt. Wanneer oma op een dag sterft, overleven de kinderen anderhalve week op koekjes, bananen en chips, tot hun vader hen vindt en diep in het bos een huis voor hen bouwt waar hij zijn kinderen zonder negatieve invloeden van buitenaf wil zien opgroeien. Maar dat is zonder meneer Price gerekend, de grootgrondbezitter in wiens bos vader zijn huis heeft gebouwd. De spanning stijgt, er wordt gedreigd en er hangt geweld in de lucht, zeker wanneer vader de lokale bevolking opjut te gaan staken omdat Price en zijn maten uitbuiters zijn. Wanneer de zoon van Price niet veel later gewurgd teruggevonden wordt, slaat de vlam in de pan. Fiona Mozleys roman Elmet, genoemd naar het in Yorkshire gelegen laatste onafhankelijke Keltische koninkrijk van Engeland, dat nog voortleeft in de plaatsnamen Sherbern-in-Elmet en Barwick-in-Elmet, is een geweldige én een meedogenloos gewelddadige roman die je als lezer compleet omverblaast. Niet voor niets stond dit debuut op de shortlist van de Booker Prize. De aantrekkingskracht van Elmet is deels te wijten aan de onbepaaldheid ervan. Het boek speelt in het noorden van Engeland, maar je weet nooit goed waar of wanneer. Het is een hedendaagse roman - dat leer je uit de schaarse verwijzingen naar gesloten mijnputten en staalfabrieken - maar hij zou net zo goed in de verre toekomst kunnen spelen, wanneer het woud opnieuw bezit heeft genomen van het land. Of gewoonweg ergens anders, want Elmet zou net zo goed een John Wayne-western kunnen zijn of een verhaal over het desolate Alaska ontsproten aan de duistere koker van David Vann. Ook Daniel en Cathy blijven heel lang schimmig. Zij lijken heel kinderachtig, krijgen les van een verre buurvrouw en kijken ietwat naïef tegen het leven aan, tot je leest dat ze whisky drinken en sigaretten roken. Het geeft de roman iets pervers gedegenereerds. Dat het niet goed afloopt met de personages uit Elmet is geen verrassing. Mozley onderbreekt haar verhaal immers een aantal keer voor een cursief gedrukte blik in de apocalyptische toekomst, waarin Daniel de enige overlever lijkt. 'Een boerderij kan een eenzame plek zijn,' schrijft Mozley. 'Een eenzame plek als je huid is opengereten en je botten zijn verbrijzeld. Een eenzame plek om te sterven.'