Aan vertelstof geen gebrek, zou je denken, als je de gebeurtenissen in Hier ben ik op een rijtje zet. Israël wordt getroffen door een aardbeving en de antisemitische buren sluiten meteen een pan-Arabisch pact om ook de laatste Israëlische restjes van de aardbol te vegen. In Washington komt het huwelijk tussen Jacob en Julia onder druk te staan omdat Jacob hete sms'jes heeft gestuurd naar een collega en Julia eigenlijk wel op Mark valt, terwijl hun zoon Sam zijn bar mitswa dreigt te verknallen omdat hij tijdens de les schuttingtaal bezigde. Dat heeft hij misschien geleerd van grootvader Irv, die op zi...

Aan vertelstof geen gebrek, zou je denken, als je de gebeurtenissen in Hier ben ik op een rijtje zet. Israël wordt getroffen door een aardbeving en de antisemitische buren sluiten meteen een pan-Arabisch pact om ook de laatste Israëlische restjes van de aardbol te vegen. In Washington komt het huwelijk tussen Jacob en Julia onder druk te staan omdat Jacob hete sms'jes heeft gestuurd naar een collega en Julia eigenlijk wel op Mark valt, terwijl hun zoon Sam zijn bar mitswa dreigt te verknallen omdat hij tijdens de les schuttingtaal bezigde. Dat heeft hij misschien geleerd van grootvader Irv, die op zijn blog de racistische praat niet schuwt. Het kan Sam weinig schelen: het leeuwendeel van zijn leven speelt zich online af, waar hij zich terugtrekt in een virtuele wereld. Een wereldramp van epische omvang, een krakkemikkig huwelijk, de Joodse kwestie en een kind dat opgeslokt wordt door een parallel universum: daar moet een ervaren romancier wel mee uit de voeten kunnen? Helaas. Safran Foer faalt in zijn langverwachte nieuwe roman zowat op alle vlakken, in die mate dat je Hier ben ik in cursussen creatief schrijven als toonbeeld kunt gebruiken van hoe het níét moet. Vooreerst kiest Safran Foer resoluut voor de dialoogvorm. Pagina na pagina krijg je integrale gesprekken voorgeschoteld die nergens heen gaan: keukengeklets, oeverloze semantische debatten - 'Wat bedoelde je? Neen, dat niet, daarvóór, wat je eerder zegde', die teneur - telefoonconversaties die niets aan het verhaal bijdragen, chatsessies waar de verveling af druipt. Het wekt alleen desinteresse op. Na tweehonderd pagina's kan het je al lang niks meer schelen, je ploegt voort in de ijdele hoop beloond te worden. Safran Foer klungelt ook opvallend vaak. Maakt iemand een grapje, dan moet hij in de volgende zin via een flashback de pointe uitleggen: juist, dat was ik jullie vergeten te vertellen. Of net omgekeerd. Gebruikt hij een flashforward - over vijf jaar zal dit (een eerste tongzoen, een verhuis) gebeuren - laat dat je, omdat die tijdsprong buiten de verteltijd van de roman valt, als lezer siberisch koud. Of hij vergeet personages aan bod te laten komen: Sam is niet de enige zoon in het gezin, maar omdat hij de andere kinderen nauwelijks uitwerkt, voel je bevreemding als ze toch opdraven. Safran Foer had met de rijke thematiek goud in handen, maar hij is er via een omgekeerd alchemistisch proces in geslaagd om een loden pil op tafel te toveren. Wie zich in de Joodse literatuur wil verdiepen, is beter af met pakweg het oeuvre van Philip Roth, of De instructies van Adam Levin, maar dit misbaksel is op alle vlak een verspilling: van papier, van de schrijfjaren die de auteur erin stopte, en bovenal van de tijd die zijn grote schare lezers aan deze roman - nou ja - zullen verkwanselen. HIER BEN IK * Jonathan Safran Foer, Ambo-Anthos (originele titel: Here I Am), 576 blz., ? 24,99. RODERIK SIXCENTRALE ZIN Toen de verwoesting van Isräel begon, twijfelde Isaac Bloch of hij zelfmoord zou plegen of naar het Joods Tehuis verhuizen.