Een stripauteur die als twintiger wereldwijd geprezen wordt in de meest vooraanstaande pers, tot in Focus Knack toe, het is wellicht uniek. Stripauteurs zijn meestal laatbloeiers. In tegenstelling tot rockers worden ze beter met de eerste grijze haren, en ze kunnen daarna nog lang hun topniveau handhaven. Zelfs zogenaamde wonderkinderen als Chris Ware ( Jimmy Corrigan) of Joann Sfar ( De kat van de rabbijn, Donjon) waren de dertig voorbij toen ze hun internationale doorbraak forceerden.
...

Een stripauteur die als twintiger wereldwijd geprezen wordt in de meest vooraanstaande pers, tot in Focus Knack toe, het is wellicht uniek. Stripauteurs zijn meestal laatbloeiers. In tegenstelling tot rockers worden ze beter met de eerste grijze haren, en ze kunnen daarna nog lang hun topniveau handhaven. Zelfs zogenaamde wonderkinderen als Chris Ware ( Jimmy Corrigan) of Joann Sfar ( De kat van de rabbijn, Donjon) waren de dertig voorbij toen ze hun internationale doorbraak forceerden. Thompson kon door zijn leeftijd dus op meer hype rekenen. De vloedgolf die hij echter door de wereldwijde stripkritiek stuurt (waaronder nominaties voor de nog uit te reiken Harvey awards en Eisner awards, de belangrijkste stripprijzen over de Atlantische Oceaan), was even verwoestend uitgedraaid als was hij een knorrepot van 75 geweest. Thompsons debuut, Goodbye Chunky Rice, was in 1999 een intense dierenfabel over afscheid nemen van vrienden. Met Een deken van sneeuw zette hij een stap vooruit die laat vermoeden dat hij over zevenmijlslaarzen beschikt. Met haar zeshonderd bladzijden dwingt de dikte van het boek al respect af. Dat aantal plaatst Een deken van sneeuw haast automatisch tussen klassiekers als From Hell (Moore & Campbell) en Cages (McKean). Een boek ter grootte van een uit de kluiten gewassen sigarenkistje nodigt uit om erin te bladeren, om erdoor verleid te worden. Een vrouwelijke lezeres vertrouwde Thompson toe dat ze het boek gekocht had omdat ze het als voorwerp zo mooi vond dat ze het wilde kussen. Maar kwantiteit garandeert nog geen kwaliteit. In de manier waarop Thompson zijn jeugd beschrijft, zit grotendeels de charme van de striptekenaar. Die jeugd was bewogen, maar niet zo uitzonderlijk dramatisch. Hij groeide op in een klein stadje in Wisconsin, een koud stukje middle of nowhere. Hij voelde zich onderdrukt door de doctrines van de born again christians, een repressieve tak van het christendom waartoe ook George W. Bush behoort. Zijn vader was autoritair, op school werd hij door medeleerlingen geslagen en hij en zijn broer werden misbruikt door een babysitter. Thompson maakt er geen tragedie van. Hij raakt veel trieste voorvallen even aan, als accidents de parcours, voorvallen die bijdroegen tot zijn onderdrukte kindertijd. De onderdrukking biedt dan weer ondersteuning voor zijn afscheid van zijn godsdienst, wat een lang en pijnlijk proces bleek in een typische zwijgzame boerenfamilie. De treurnis van alledag wordt moeiteloos geneutraliseerd door het centrale thema van Een deken van sneeuw. Thompson wou zijn boek volledig opbouwen rond een belangrijke emotie, zijn eerste nacht samen slapen met zijn eerste liefje Raina. Thompson bouwt honderden pagina's naar dat moment op. Naast hun ontluikende, onwennige verliefdheid schetst hij ook de moeilijkheden van Raina's gezin, waarin de ouders op scheiden staan en twee geadopteerde kinderen met het Downsyndroom de situatie niet vergemakkelijken. Craig en Raina ontdekken dat ze niet alleen op de wereld zijn, maar durven elkaar nauwelijks aan te raken. Voor Craig Raina kust, kijkt hij naar een streng portret van Jezus aan de muur. Thompson beschrijft het jubelende geluk van de twee eenzame tieners zo doorleefd en intact dat het aanstekelijk werkt. Of zoals Time schreef: 'It reminds you what falling in love feels like.'De overweldigende verliefdheid belet niet dat Thompson zijn lezer snel weer met de voeten op de grond zet. Romantiek en plakkerigheid zijn twee verschillende zaken en Thompson heeft dat goed begrepen. Net zoals de auteur blijft de lezer ouder en wijzer achter, een zoete herinnering rijker. Velen hebben adolescentenverliefdheid ervaren zoals Thompson en veel jongeren worstelen nog met hun godsdienstige opvoeding. De mooie en eerlijke stijl voert de lezers terug naar emoties die ze kennen, maar waarvan de intensiteit was vervaagd. Het mag dus geen wonder heten dat het boek in het Engels aan zijn vierde druk toe is, en dat het boek de ene vertaling na de andere krijgt. In het Nederlands verschijnt het boek als Een deken van sneeuw, en op het artistieke festival van Haarlem komt Thompson het zelf signeren. Craig Thompson: Ik wou zeggen dat mijn leven er niet door veranderd is, maar dat is niet waar. Ik reis nu al maanden de wereld rond om het boek te promoten en ik voel me echt als een rockster op tournee. Daardoor kan ik bijvoorbeeld collega's ontmoeten naar wie ik vroeger ongelooflijk opkeek, maar die me nu als gelijke behandelen. Mijn financiële situatie is nog even precair als voordien, maar zodra mijn royalty's worden betaald, zou dat moeten veranderen. De Engelse editie zit nu al boven de 25000 verkochte exemplaren, wat naar Amerikaanse normen erg veel is voor zo een dik en duur boek. Thompson: Ik krijg heel veel post van allerlei slag. Veel mensen schrijven me dat Een deken van sneeuw de eerste strip is die ze gelezen hebben. Onlangs kreeg ik een brief van een vrouw van 82. Er zijn ook nogal wat jongeren die schrijven dat het boek hen heeft geïnspireerd om zelf ook strips te gaan tekenen als beroep. Anderen schrijven dan weer dat ze thema's herkennen: de strengreligieuze opvoeding of de eerste kalverliefde. Natuurlijk zijn er ook briefschrijvers die zeggen dat ze voor me bidden, dat ze het afdwalende schaap terug naar de kudde willen leiden. Thompson: Alles wat in het boek staat, is waar. Maar ik heb erin gesnoeid. Ik heb de gebeurtenissen vereenvoudigd voor de lezer. Ik heb bijvoorbeeld een zus, maar die heb ik uit het boek geknipt. De romance met Raina is ook een amalgaam van de echte romance met Raina en de liefdesrelatie die ik beleefde toen ik Een deken van sneeuw maakte. Zo zijn er nog veel kleine ingrepen. Wellicht passen veel autobiografische auteurs hun belevenissen op die manier aan, dus misschien hoef ik niet zo bang te zijn van het label autobiografisch. Maar ik vind het nogal verwaand om op mijn 29e te beweren dat ik een autobiografische strip heb gemaakt. Thompson: Mijn ouders waren woedend op me. In het begin voelden ze zich vernederd omdat ik ons gezinsleven zomaar te grabbel gooide. Dat gaat nu wat beter, maar ze blijven enorm boos en teleurgesteld over het feit dat ik mijn religie overboord gooi. Dat hebben ze door het boek ontdekt. Het gaat zo ver dat ze het boek een 'werktuig van de duivel' noemen. Mijn broer Phil reageerde heel positief. Van Raina had ik sinds onze breuk niets meer gehoord, maar net voordat ik naar Europa kwam, kreeg ik een brief van haar. Ze vertelde dat ze over het boek had gehoord, dat ze nieuwsgierig was om het te lezen, maar dat ze eerst van mij wilde weten of ze ergens bang voor moest zijn. Ik heb haar het boek opgestuurd met een lange brief erbij, waarin ik vooral uitleg wat er in het boek anders is dan zij het wellicht beleefd heeft. Ik heb haar ook verteld hoe blij ik was om weer van haar te horen. Sindsdien heb ik geen nieuws meer. Ik vind dat ik niet in de positie ben om nu weer te schrijven. Net zoals ik vroeger vond dat ik niet de persoon was om het contact te hernieuwen, omdat ik indertijd de relatie heb verbroken. Thompson: Dat gebeurt, terwijl ikzelf net vind dat een strip een ideale manier is om een serieuze boodschap over te brengen. Een strip maak je idealiter alleen, zodat je alle aspecten van het verhaal onder controle hebt. Een strip lees je ook meestal alleen. Het is dus een echt intieme communicatievorm van mens tot mens. Mijn volgende boek wordt trouwens een fictief Arabisch verhaal in plaats van een serieuze autobiografie. Dat kan vreemd lijken in deze context. Men zegt soms dat het gemakkelijker is om eerlijk te zijn in fictie. Het verhaal kan dan een middel worden voor een heel universele boodschap. In mijn nieuwe boek wil ik onder meer het thema seksuele trauma's aansnijden. Van dit nieuwe project wéét ik dat het een universele lading zal hebben. Bij Een deken van sneeuw vreesde ik dat het vooral over mijn eigen situatie ging. Eigenlijk is het goed dat het boek uiteindelijk toch universeel blijkt, want tegenwoordig is Amerika zo fundamentalistisch, dat mijn verhaal over religieus fundamentalisme geen kwaad kan. Al was de perfecte timing natuurlijk niet ingecalculeerd toen ik het boek maakte. Thompson: Mijn geheugen zit zo in elkaar. Feiten onthoud ik met moeite, maar emoties kan ik me heel precies herinneren. Het hele boek is ook vanuit die emoties en herinneringen opgebouwd. Ik heb de personages getekend zoals ik ze me herinner. Ik heb daarvoor geen documentatie gebruikt. Ik idealiseer Raina ook in het boek, omdat ik haar toen als een ideaal meisje zag. Het blijft trouwens een constante in mijn relaties dat ik mijn vriendinnen te veel idealiseer. Thompson: Dat hoort gewoon bij mijn persoonlijkheid. Ik vind dat ik niet het recht heb om radicale posities in te nemen. Het gaat er niet om dat ik alles grijs vind. Er zijn duidelijke uitersten. Zo is volgens mij seks goed en oorlog slecht. Dat is niet evident, want mijn ouders houden bijvoorbeeld van George W. Bush. Ik begrijp daar niets van, maar de reden is eenvoudig: mijn ouders vinden oorlog niet noodzakelijk slecht. Thompson: Toen ik nog aan Goodbye Chunky Rice aan het tekenen was, raakte ik gefrustreerd over mijn toenmalige stijl. Dat was een nogal arbeidsintensieve, gepolijste stijl vol ronde dierenfiguurtjes. Ik wist dat ik nadien mensen wilde tekenen. Ik heb dus tussen de twee boeken wat geoefend op menselijke anatomie, maar ik heb mijn nieuwe stijl niet bewust ontwikkeld. Hij was er gewoon bij het begin van Een deken van sneeuw. Thompson: Er zijn twee serieuze aanbiedingen om Een deken van sneeuw te verfilmen. Ik zit er niet bepaald op te wachten, maar we hebben twee totaal verschillende opties. Mijn uitgever zou het liefst de studio die het meeste geld biedt haar zin geven en vervolgens hopen dat het toch nooit tot een film komt. Maar ik ben meer te vinden voor een groepje sympathieke filmmakers met veel minder geld. We zullen zien. Door Gert Meesters