Al vier albums en ontelbare liveshows lang ontpopt Jones zich samen met haar achtkoppige begeleidingsgroep The Dap-Kings tot een bevlogen evangeliste die jong, oud, zwart en wit bekeert tot de helende kracht van rauwe funk en vurige rhythm & blues. Lang was de zangeres een goed bewaard geheim binnen de muziekbiz, tot ene Amy Winehouse bij haar de mosterd ging halen voor Back In Black en de wereld opnieuw oor had voor lekker ouderwets klinkende soul. In de jaren 70 zong ze in een bruiloftgroepje, vandaag dingen ondermeer Lou Reed, David Byrne, Rufus Wainwright en, ahum, Michael Bublé naar haar vocale kunsten. It's a man's man's world, maar Sharon Jones zwaait er de scepter!
...

Al vier albums en ontelbare liveshows lang ontpopt Jones zich samen met haar achtkoppige begeleidingsgroep The Dap-Kings tot een bevlogen evangeliste die jong, oud, zwart en wit bekeert tot de helende kracht van rauwe funk en vurige rhythm & blues. Lang was de zangeres een goed bewaard geheim binnen de muziekbiz, tot ene Amy Winehouse bij haar de mosterd ging halen voor Back In Black en de wereld opnieuw oor had voor lekker ouderwets klinkende soul. In de jaren 70 zong ze in een bruiloftgroepje, vandaag dingen ondermeer Lou Reed, David Byrne, Rufus Wainwright en, ahum, Michael Bublé naar haar vocale kunsten. It's a man's man's world, maar Sharon Jones zwaait er de scepter! Sharon Jones: Het oudste spelletje ter wereld, jongeman: relaties! Op elke relatie komt namelijk sleet, elke verhouding evolueert in een vermoeiend en eentonig spelletje - en als dat gebeurt, moet je de handschoen opnemen en opnieuw proberen. Het oudste liedje ter wereld, dus. Jones: Het zingen word ik van mijn leven niet moe! Het maakt me niet uit over welk onderwerp, zolang ik er maar een verhaal in zie. Jones: Moeilijke relaties blijken een dankbaar onderwerp om over te schrijven. The Game Gets Old is mijn song niet, de jongens van de groep hebben die tekst geschreven. Ik zing zo veel over gebroken relaties en andere ellende dat mijn vrienden me af en toe vragen of alles oké is. Dan moet ik hen geruststellen: ík schrijf de teksten niet, met mij is alles oké! De mannen hebben problemen, niet ik. (Lacht) Jones: Het is onze manier van werken. De jongens schrijven de nummers, ik zing ze. Simpel. Ik heb wel input, hoor. Voor deze plaat hebben we bijvoorbeeld de track Money een jaar of vijf geleden samen geschreven. Jones: De crisis in Amerika is al lang aan de gang. De huidige situatie is de erfenis van Bush en zijn kornuiten. Vijf jaar geleden, met de vorige regering aan de macht, is het systeem beginnen in te storten en nu pas wordt de ware omvang van de ramp duidelijk. Muzikanten zijn de eersten om financiële problemen aan den lijve te voelen. Aan de platenverkoop verdienen we sowieso niets meer, maar wanneer er plots veel minder volk in de zaal staat, dán weet je dat er stront aan de knikker hangt. Hopelijk weet Obama het tij te keren. Jones: Ik voel me best goed bij die titel, dankjewel. Of ze me nu 'the queen of funk', of 'the godmother of soul' noemen, mij maakt het niets uit. Zolang niemand zegt dat ik 'the queen of soul' ben, is het oké. Dat is Aretha Franklins bijnaam en ik wil Aretha's staat van dienst niet bezoedelen. Jones: Zij doen hun ding en ik doe het mijne. Als die jonge generatie de soulmuziek probeert levend te houden, kan ik daar niets op tegen hebben. Jones: Wat wil je dat ik zeg? Mensen vergelijken te veel, dat is mijn ding niet. Oké, ik voel me niet verwant met iemand als Amy Winehouse of Daniel Merriweather, maar moet ik hen daarom in de grond boren? Jones: Zolang ze braaf naar huis terugkeren, zie ik daar geen graten in. Je kunt Amy onmogelijk met mij vergelijken. Wanneer Amy met The Dap-Kings op een podium staat, krijgen zij niet dezelfde energie als bij mij. Denk je dat The Rolling Stones even goed zouden klinken met Keith Richards en Charlie Watts, maar zonder Mick Jagger? Kijk, ik ben Mark Ronson en Amy Winehouse erg dankbaar, dankzij hen hebben wij een veel groter publiek - and that's that. Jones: Of je het nu hebt over soul, funk of rhythm & blues, ze hebben allemaal dezelfde roots. De onderlinge verschillen zijn onbelangrijk, alle muziek met een ziel heeft zijn wortels in gospel, ook blues, jazz en pop. Zelf ben ik beginnen te zingen in de kerk, mijn eerste podiumervaring was als engeltje in een koor dat Silent Night zong. Ze hadden me beter twee horentjes opgezet, want er schuilde toen al een duiveltje in mij. (Lacht) Serieus, als je me vraagt 'wat is soul?' zeg ik: kom naar een van onze liveshows. Je zult snel merken wat échte soulmuziek is. Ze komt uit het hart - en wat uit het hart komt, ráákt het hart. Jones: Natuurlijk ken ik Joss Stone. Ze is ontdekt door Betty Wright, niet? Dat meisje heeft een goede stem, ik zie niet in waarom ze geen goede zangeres kan zijn. Hey, als ze (spuwt de naam uit) Duffy al een soulzangeres noemen! Jones: Al die zogenaamde talenten-shows zijn doorgestoken kaart. Op de middelbare school deed ik ook mee aan talentenjachten en toen was het niet anders. Er is altijd wel iemand die iemand kent en een streepje voor heeft. Het is pure politiek, compleet fake. Er wordt in die programma's trouwens lichtzinnig omgesprongen met het woord talent. Ik heb mijn talent van God gekregen, en bij mijn weten is Simon Cowell God niet. Kijk maar naar wat met Jennifer Hudson gebeurde 'Geef vooral je baan niet op', zei Cowell en ze mocht naar huis. Vandaag is ze een ster die de prijzen aaneenrijgt. Geloof me, het is allemaal opgezet spel. Jones: Oefenen! Ik weet niet hoe anderen het doen, maar ik heb het geleerd door anderen te imiteren. De hele catalogus van Stax en Motown kon ik achterstevoren zingen. Samen met mijn zussen stond ik voor de spiegel te doen alsof we The Supremes waren. Imiteren en repeteren, dat is mijn advies. Jones: New wave, hiphop en disco waren mijn muziek niet. Ik paste blijkbaar niet in het plaatje. Te dik, te zwart, te klein of te oud, het was altijd iets - en ik was toen pas de 25 jaar gepasseerd! Om rond te komen werkte ik als bewakingsagente en cipier, en in het weekend trad ik op met een bruiloftbandje. Vijftien jaar lang heb ik covers van romantische oldies gezongen, maar het was moeilijk te combineren met mijn baan als cipier. Om misbruik te voorkomen veranderen ze in de gevangenis om de vier weken je uurrooster, daardoor miste ik veel optredens. Jones: Ik ben opgegroeid in Brooklyn in de woelige jaren 60 en 70, daar leerde ik mijn mannetje te staan. De eerste regel in het gevangeniswezen is: nooit je angst laten zien. Geen enkel probleem voor deze meid! In mijn buurt moest je elke dag opnieuw vechten om je eigen plek. Ik heb nog steeds dezelfde instelling als ik op een podium sta - dit is mijn territorium, waag het niet om binnen te dringen of ik mep je tegen de grond! Jones: Heel erg belangrijk. Muziek biedt troost. De hele dag was ik op mijn hoede - je kon ieder moment op je kop krijgen. Zomaar, omdat je zwart was of omdat je op de verkeerde straathoek stond. Als Dick Clark op zijn American Bandstand (legendarisch tv-programma in de VS; nvdr.) artiesten als The Supremes of Aretha Franklin aankondigde, kregen we verse moed. Toen Martin Luther King in 1968 vermoord werd, braken overal in het land rellen uit. De zwarte gemeenschap was woedend, er vloeide bloed door de straten en er werden enorme vernielingen aangericht. Pas toen James Brown op tv een oproep tot kalmte deed, keerde de rust terug. En dat, beste vriend, is échte soul power. Jones: Ik wil zingen voor de president. Ik werd gek toen ik Shakira met haar platte kont zag zwaaien op Obama's inwijding. Mister president, I'm your woman! Volgende keer is het mijn beurt, deal? I LEARNED THE HARD WAY Nu uit bij Rough Trade Door Jonas Boel'Vroeger paste ik niet in het plaatje: te dik, te zwart, te oud - en dan was ik amper 25.' 'Waag het niet om mijn territorium binnen te dringen of ik mep je tegen de grond.'