Hoe kwam je, na Capote (2005) en Moneyball (2010), in het worstelwereldje van Foxcatcher en John du Pont terecht?

BENNETT MILLER: Door een mysterieuze ontmoeting met het lot. (grijnst) Ik was in een videotheek dvd's aan het signeren - een half jaar na de release van Capote - toen plots een onbekende een enveloppe in mijn handen stopte en zei: 'Dit is een verhaal dat je zeker zult willen verfilmen. En ik heb er de rechten op.' Ik heb er drie maanden over gedaan om die enveloppe te openen, aangezien ik het allemaal wat raar vond en er niet te veel aandacht aan wilde besteden. Maar toen ik mijn nieuwsgierighe...

BENNETT MILLER: Door een mysterieuze ontmoeting met het lot. (grijnst) Ik was in een videotheek dvd's aan het signeren - een half jaar na de release van Capote - toen plots een onbekende een enveloppe in mijn handen stopte en zei: 'Dit is een verhaal dat je zeker zult willen verfilmen. En ik heb er de rechten op.' Ik heb er drie maanden over gedaan om die enveloppe te openen, aangezien ik het allemaal wat raar vond en er niet te veel aandacht aan wilde besteden. Maar toen ik mijn nieuwsgierigheid niet langer kon bedwingen, ik het eerste artikel las en daarna nog één, en nog één, en nog één, wist ik het meteen: dit is dynamiet, dit moet ik verfilmen. Uiteindelijk bleek die vreemde een ex-worstelaar te zijn - Tom Heller - die nog eventjes met de broers Schultz had getraind en al jaren allerlei wilde, naïeve filmplannen had. Hij was een soort Rupert Pupkin (Robert De Niro's personage in The King of Comedy, nvdr.) in Hollywoodland. Wat hij in gedachten had, was iets heel simpels en sensationeels, met veel actie. Gelukkig kon ik hem overtuigen om de rechten aan mij te verkopen, in ruil voor een vermelding als executive producer. MILLER: Ik ben begonnen als documentairemaker en ik hou ervan om dingen te onderzoeken. Milieus. Feiten. Mensen. Waar eindigt de feitelijkheid en waar begint de mythe. In die schemerzone wil ik werken. Iedereen wilde graag over Foxcatcher praten, maar elke getuige legde andere accenten, zat met andere aspecten van de zaak verveeld of verzweeg dingen. Het was aan mij om de puzzel te leggen, om de code te kraken. Ik begon met feiten opeen te stapelen, andere te schrappen en haast vanzelf werd het een breed allegorisch verhaal met allerlei verschillende lagen, over vaders, klassen, macht, manipulatie, Amerika en noem maar op. Het werd een great American novel, maar dan eentje louter opgetrokken uit feiten. Bij Capote en Moneyball ging het trouwens net zo. Mocht een schrijver die verhalen verzonnen hebben, had hij wellicht gedacht: néé, dit is erover, dit is te perfect. Een psychotische multimiljonair die zichzelf Eagle noemt en ook nog eens een haakneus heeft, dat gaan de lezers nooit slikken. (lacht)MILLER: Absoluut. Ik zei tegen Steve: dit is grappig, tot het ophoudt grappig te zijn. Dat is trouwens mijn levensmotto. (grijnst) Laat ons eerlijk zijn: Foxcatcher is een sensationeel verhaal. Maar de uitwerking is dat allesbehalve. Dit is geen film die een verhaal vertelt of verkoopt. Dit is een film die een verhaal observeert. (D.M.)