Eerste zin Ik heb je weleens verteld, Jeffers, dat ik uit Parijs vertrok en in de trein de duivel ontmoette, en dat na die ontmoeting het kwaad dat gewoonlijk rustig onder de oppervlakte ligt, opwelde en zich uitstortte over alle aspecten van het leven.
...

Eerste zin Ik heb je weleens verteld, Jeffers, dat ik uit Parijs vertrok en in de trein de duivel ontmoette, en dat na die ontmoeting het kwaad dat gewoonlijk rustig onder de oppervlakte ligt, opwelde en zich uitstortte over alle aspecten van het leven. Ooit zat schrijfster M met niemand minder dan de duivel op de trein. Het was in Parijs, toen ze in een galerie net de kunstwerken van L had ontdekt. Jaren later, wanneer ze zich met haar goedige man Tony en haar wispelturige dochter Justine heeft teruggetrokken in een huisje bij een moerasgebied, nodigt ze L uit in haar cottage, een bijgebouw dat dienstdoet als residentie-atelier. Na zijn eerste successen is L aan lagerwal geraakt, dus hij kan wel wat inspiratie gebruiken. L arriveert met de wulpse Brett die het liefst in haar negligé paradeert en al snel broeit er spanning tussen het vijftal: L blijkt een arrogante etter, Brett palmt Justine in, en Tony moet kribbig toekijken hoe zijn vrouw M in de ban raakt van de demonische kunstenaar. Gooi nog een snikhete lente en wat drugs in de snelkoker en lees hoe Rachel Cusk haar nieuwe roman De tweede plaats laat opborrelen tot een orgastische apocalyps. Aan de lezer om uit te zoeken wie de demon in het spel is en wat Cusk bedoelt met de tweede plaats. Doelt ze op de positie van de vrouw, of op die vrijhaven in ons hoofd en de drang om in absolute vrijheid te leven?