Jeanette Winterson, Atlas Contact (originele titel: The Daylight Gate), 192 blz., ? 17,95.
...

Jeanette Winterson, Atlas Contact (originele titel: The Daylight Gate), 192 blz., ? 17,95. In 1597, toen hij nog koning van Schotland was, schreef en publiceerde de diepgelovige protestant James VI zijn magnum opus Daemonologie, waarin hij zijn medegelovigen haarfijn uitlegde wat er met heksen diende te gebeuren. Of het nu mannen, vrouwen, kinderen of grijsaards waren: allemaal moesten ze het hoekje om geholpen worden, en wel 'commonly used by fire'. James' rabiate heksenfobie was het gevolg van een zware storm op zee die hij en zijn kersverse vrouw Anne zeven jaar eerder amper overleefd hadden. Na hun huwelijk in Annes thuisland Denemarken liep hun schip op de terugweg zware averij op. Ze moesten weken in Noorwegen schuilen en James zag daarin de hand van een honderdtal heksen uit North Berwick. Na een reeks vakkundige ondervragingen met behulp van een paar gloeiende poken bekenden de meesten dat ze 's nachts liefst in de kerk gingen copuleren met Satan himself. Ze belandden allemaal op de brandstapel. Toen de Engelse koningin Elizabeth I in 1603 ongehuwd en kinderloos stierf, werd haar dichtste verwant, koning James VI van Schotland, uit Edinburgh gehaald en als James I op de Engelse troon gezet. Twee jaar later probeerde de katholiek Guy Fawkes de Schotse protestantse koning op te blazen door de kelder onder het parlementsgebouw te vullen met buskruit. De aanslag mislukte, Fawkes werd opgehangen en gevierendeeld en James was voortaan naast heksenhater ook papenvreter. De gruweljaren onder James I vormen het griezelige decor voor Jeanette Wintersons knappe, magische en bloederige historische roman De schemerpoort. In 1612 was Lancaster, de hoofdstad van het noordelijke graafschap Lancashire, het toneel van een heksenproces dat tot vandaag in het collectieve geheugen van de Britten is blijven voortspoken. Het proces tegen de heksen van Lancaster was het eerste gedocumenteerde heksenproces. Thomas Potts, jurist en fan van James I, schreef het 'ooggetuigenverslag' en gaf er de welluidende titel The Wonderfull Discoverie of Witches in the Countie ofLancaster aan. Winterson gebruikt Potts' verslag als basis voor haar roman. Die start met een weergaloze donkere en dreigende beschrijving van het donkere en dreigende noorden van Engeland. In dat ruige landschap woont de levenslustige Alice Nutter. Ze bezit haar eigen landgoed en is rijk geworden door de uitvinding en productie van een waterbestendige rode verf. Ooit werkte ze voor koningin Elizabeth en voor de koninklijke astroloog John Dee. Haar vrije levensstijl maakt haar verdacht in de ogen van haar tijdgenoten, en zeker in die van heksenjagers als Thomas Potts. Winterson zet de historische figuur van Alice Nutter helemaal naar haar hand en kneedt haar tot een zelfbewuste sterke vrouw, die zowel op mannen, vrouwen, als op een gecastreerde priester valt. JAN STEVENSSLEUTELZIN Het noorden is het donkere oord.