Eerste zin Er was eens een platenzaak.
...

Eerste zin Er was eens een platenzaak. Voor ze zich met De onwaarschijnlijke reis van Harold Fry (2012) aan een roman waagde, had de Britse Rachel Joyce al een twintigtal radiohoorspelen geschreven, dat vergeten vertier voor landerige avonden. Hoe helder en beeldrijk ze haar taal weet te ontplooien, blijkt nu ook uit De platenzaak. Het is 1988, en in een doodlopende straat van een onbestemde Engelse provinciestad houden enkele weerbarstige winkeliers vooralsnog stand tegen de uitkoopstrategie van een vastgoedholding. Een van hen, een vinylboer genaamd Frank die bokkig de boot van de cd-revolutie afhoudt, geeft met zijn gevoelsmatige kennis van vele muziekjes alle moderne algoritmes het nakijken. Onder het motto 'zelfde ding, andere tijd' klasseert hij Bachs Brandenburgische Konzerte naast Pet Sounds van The Beach Boys en Bitches Brew van Miles Davis. 'Als je van Genesis houdt, dan houd je ook van Mendelssohn', redeneert hij. Voor de mama van een huilbaby diept hij Wild Thing van The Troggs op, en de bankdirecteur met het wegkwijnende huwelijk krijgt A Night to Remember van Shalamar toegeschoven. Fijne vondsten. Maar zo probaat de klinkende pillen van deze alternatieve zielenknijper, zo hoog de muur die hij rond zijn eigen eenzame persoon heeft opgetrokken. Dat bouwsel barst wanneer pal voor Franks etalage een mysterieuze Duitse vrouw in zwijm valt. Met die romantische plot maakt Joyce van het verhaal prompt een open doelkans voor regisseurs van gemoedelijke familiefilms. Zéker omdat ze naar een eclatante finale toe schrijft. Uit Franks buren, die elk op hun manier de ruis op het leven in het verlopen Unity Street belichamen, valt bovendien een bonte, jofele cast te halen. Toch slaagt Rachel Joyce erin meerdere bordjes draaiende te houden. Op een slimme, onderhoudende manier maakt ze van De platenzaak een actueel boek, in deze tijd van grassrootsbewegingen en hunker naar meer menselijkheid in de samenleving. Joyce doet je piekeren over verlies, en hoe voorzichtig men moet zijn bij wat men verkiest af te werpen. Als klap op de vuurpijl schrijft ze met uitzonderlijk, verlichtend begrip over muziek. 'En natuurlijk is de stilte aan het begin van een muziekstuk altijd anders dan de stilte aan het slot.' Hoe wáár.