[DE KLASSIEKE SCENE]

Over de Liefde is een bevreemdend compendium van geciteerde en eigen inzichten over de liefde, dat ook een studie is van Stendhals ambigue psychologie. Hij is een scherpe observator, ongenadig maar niet zonder humor, en zoals zijn milieu het vereiste (hij was een hoge ambtenaar onder Napoleon) bedreven in verleidings- en formuleringskunst. Tegelijk is hij een gevoelsmens, vaak op het neurotische, soms op het hysterische af. Sprekend is hoe hij in La Chartreuse de Parme zijn geboorteland gispt: 'In Italië, dat ver van ons vandaan ligt, wordt men door d...

Over de Liefde is een bevreemdend compendium van geciteerde en eigen inzichten over de liefde, dat ook een studie is van Stendhals ambigue psychologie. Hij is een scherpe observator, ongenadig maar niet zonder humor, en zoals zijn milieu het vereiste (hij was een hoge ambtenaar onder Napoleon) bedreven in verleidings- en formuleringskunst. Tegelijk is hij een gevoelsmens, vaak op het neurotische, soms op het hysterische af. Sprekend is hoe hij in La Chartreuse de Parme zijn geboorteland gispt: 'In Italië, dat ver van ons vandaan ligt, wordt men door de liefde nog tot wanhoop gedreven.' Een donjuan die echt verliefd werd - hij is niet heel oud geworden. Stendhal hield van muziek. Hij bedenkt: 'Vanavond heb ik ondervonden dat muziek, wanneer zij volmaakt is, ons hart in precies dezelfde toestand brengt als wanneer het zich verblijdt over de aanwezigheid van onze geliefde; dat wil zeggen dat muziek ons het ogenschijnlijk grootste geluk op aarde schenkt. (...) De gewoonte om naar muziek te luisteren en de daarmee gepaard gaande overpeinzingen maken iemand ontvankelijk voor de liefde. Een gevoelige en droeve melodie, die niet te dramatisch is en ons niet dwingt aan daden te denken, maar louter mijmeringen over de liefde oproept, is iets verrukkelijks voor gevoelige en ongelukkige zielen: een goed voorbeeld is de lange klarinetsolo aan het begin van het kwartet in Bianca e Falliero, en het recitatief van Camporesi in het midden.' Bianca e Falliero is een vergeten opera van de nochtans blijvend populaire Rossini - overigens de laatste componist die me te binnen schiet bij de gewaarwording die Stendhal beschrijft. Het kwartet aan het einde is ook het hoogtepunt, en een passage waar Rossini zo tevreden over was dat hij de muziek later hergebruikte. Bianca e Falliero is een verhaal over buitenspo-rige emotie, gezet in 17e-eeuws Venetië. Bianca houdt van generaal Falliero, die Venetië tegen de Spanjaarden verdedigt. Haar vader Contareno belooft haar echter aan zijn medesenator Capellio. Als Falliero arriveert, is het zoals u begrijpt hommeles. Na de nodige vijven en zessen wordt Falliero van verraad beschuldigd en voor de Raad van Drie gebracht - waar Capellio en Contareno er Twee van zijn. Alles lijkt verloren voor de dodelijk verliefde generaal, maar kijk: de Italiaanse librettist Felice Romani wist het oorspronkelijke slot van de Fransman Antoine-Vincent Arnault toch tot een happy end om te buigen. Een beetje merkwaardig dus dat Stendhal uitgerekend dit muziekje aanhaalt. De opera werd vanaf kerst 1819 tientallen keren uitgevoerd in La Scala, waar Stendhal hem moet gehoord hebben. Na de uitvoering van 1826 in Barcelona werd hij pas in 1986 (!) weer opgevist. Zelfs voor Stendhal het wachten niet waard. Bayo, Barcellona e.a., Palumbo (Dynamic)