[DE KLASSIEKE SCENE]

In de trein discussiëren een man en een vrouw over de liefde en het huwelijk. Hij vindt dat een vrouw vooral moet gehoorzamen, zij gelooft in wederkerigheid. Ene Pozdnysjev mengt zich in het gesprek. In een ontnuchterende monoloog vertelt hij hoe hij zijn vrouw, een pianiste, heeft vermoord omdat ze een affaire had met een violist. De muziek - of liever haar erotische kwaliteiten - doet Pozdnysjev overkoken: 'Er was een band tussen hen, muziek - d...

In de trein discussiëren een man en een vrouw over de liefde en het huwelijk. Hij vindt dat een vrouw vooral moet gehoorzamen, zij gelooft in wederkerigheid. Ene Pozdnysjev mengt zich in het gesprek. In een ontnuchterende monoloog vertelt hij hoe hij zijn vrouw, een pianiste, heeft vermoord omdat ze een affaire had met een violist. De muziek - of liever haar erotische kwaliteiten - doet Pozdnysjev overkoken: 'Er was een band tussen hen, muziek - de meest verfijnde vorm van sensuele wellust. Wat kon hen tegenhouden? Niets. Integendeel, alles dreef hen naar elkaar toe. En zij, zij was altijd een raadsel geweest en gebleven. Ik kende haar niet. Ik kende haar slechts als een dier, en een dier kan noch moet zich in toom houden. En nu herinner ik me hun gezichten die zondagavond, toen ze na de Kreutzersonate een passioneel stuk speelden, geschreven door weet ik veel wie, maar een stuk dat op het obscene af passioneel was.'Tolstoj laat het hoofdpersonage van zijn beroemde novelle het passionele gehalte van Beethovens Kreutzersonate terecht nuanceren. Elders zegt Pozdnysjev letterlijk hoe vervelend hij het stuk wel vindt. Nochtans vormen de repetities en de uitvoering van de beroemde sonate de aanleiding voor de affaire van zijn vrouw en haar vioolspelende minnaar. Wellicht creëert Tolstoj hier met opzet een ontnuchterend contrast tussen de razernij die het stuk in zijn held opwekt en de bittere onverschilligheid waarmee hij het vervolgens bejegent. Nu heeft ook de Kreutzersonate een bijzondere ontstaansgeschiedenis. Ze werd geschreven voor de jonge virtuoos George Polgreen Bridgetower, een Pools-Britse mulat die in 1803 Wenen aandeed. Bij publicatie in 1805 werd het stuk opgedragen aan de veel beroemdere violist Kreutzer - die het stuk overigens 'onbegrijpelijk' vond en het als 'muzikaal terrorisme' liet catalogeren. De beroemde koortsachtige finale waarover Tolstoj zo meeslepend schrijft, behoorde eigenlijk tot een ándere sonate uit 1802. Een merkwaardig prozaïsche achtergrond dus voor een werk dat zo symbolisch is geworden. Zou een plompere titel als Bridgetowersonate, of het droge Sonate nr. 9 in A, Tolstoj ook aan een titel hebben geholpen? En hoe zou dan Leos Janaceks eerste strijkkwartet hebben geheten, dat zijn titel op zijn beurt aan Tolstojs novelle dankt? David Oistrakh, Lev Oborin (Philips) RUDY TAMBUYSER