Het is niet omdat de vrijgevochten Amerikaanse rockster onlangs de kaap van vijfenzestig heeft gerond dat de arbeidsmarkt haar moet afschrijven. Chrissie Hynde heeft niets meer te moeten en alles te mogen. Ze maakt een plaat wanneer de wind gunstig zit, en de naam die ze daarvoor op de hoes verkiest, is van minder belang dan de persoonlijkheden die haar terzijde staan.
...

Het is niet omdat de vrijgevochten Amerikaanse rockster onlangs de kaap van vijfenzestig heeft gerond dat de arbeidsmarkt haar moet afschrijven. Chrissie Hynde heeft niets meer te moeten en alles te mogen. Ze maakt een plaat wanneer de wind gunstig zit, en de naam die ze daarvoor op de hoes verkiest, is van minder belang dan de persoonlijkheden die haar terzijde staan. Na Hyndes niet bijster geslaagde solodebuut Stockholm (2014), gemaakt met de Zweedse producer en songschrijver Björn Yttling (van het umlautloze Peter Bjorn & John), mocht dit keer Dan Auerbach de lakens uitdelen, zoals hij gewend is te doen in zijn studio in Nashville. De sterren hadden al ernstig uit verband moeten staan vooraleer dat kon mislopen. Als opnameleider staat Auerbach garant voor natuurlijk ademende muziek waarvan de ogenschijnlijk ongekunstelde jamsfeer net genoeg verhult dat ze in de meeste gevallen heel proper en secuur is opgenomen. Kwaliteit zonder poespas: dat belieft Chrissie Hynde wel. Alone bewijst aanvankelijk dat Hynde zich gewillig liet meelokken in Auerbachs kenmerkende mix van soul, blues, rock en r&b. Zo is er de smakelijk rockende titelsong, tevens Hyndes zoveelste doorslaande vrijheidsverklaring: 'I like being alone, yeah/ What are you gonna do about it?' Ander bewijsmateriaal: het zwoel groovende Roadie Man en het nijdige Gotta Wait, waarin Auerbachs groep The Arcs zich nog het meest kan uitleven. Maar in de tweede plaathelft geeft Hynde een snok aan het roer. Plots openbaart ze haar zachte kant, waarvan we makkelijk vergeten dat ze die altijd heeft gehad. Op een bedje van smachtend gitaargetokkel, een zoemend orgel of lieflijke belletjes geeft ze in Blue Eyed Sky en The Man You Are lucht aan de aanhankelijkheid die ze achter haar stoere façade cultiveert. Die serenere frankheid leidt tot nog meer fraaie ballades. Al gaapt er toch een aardig kloofje tussen het van liefde overlopende Let's Get Lost en het tegen die verdraaide 'perversions of the heart' weerstand biedende I Hate Myself. De twanggitaar die u in dat nummer hoort, is trouwens niet die van levende legende Duane Eddy. Maar in Never Be Together is ze dat wél. Alone is dus van Pretenders maar rijmt toch vooral op Chrissie, zo'n eigenwijs geheel van branie, melodie en emotie is het geworden. Dat ze nog lang niets meer moet moeten. PRETENDERS *** Alonerock/pop BMG DOWNLOAD Alone Let's Get Lost Blue Eyed SkyKURT BLONDEEL