Millennials zullen dit nooit geloven, maar in 1996 kon je zelfs in de multiplexen een psychoseksuele thriller gaan bekijken over volwassen mannen en vrouwen die geilen op verkeersongevallen, neuken in autowrakken én - the horror! - roken in ziekenhuizen. Sterker nog: David Cronenbergs Crash groeide uit tot een culthit, met dank ook aan de controverse die deze loyale en heerlijk subversieve adaptatie van J.G. Ballards boek uit 1973 nog voor de release al omringde. In verschillende Britse steden werd Crash in de ban geslagen, sommige censoren vreesden voor copycatgedrag, mediamogol Ted Turner probeerde de distributie in Amerika tegen te houden en verschillen...

Millennials zullen dit nooit geloven, maar in 1996 kon je zelfs in de multiplexen een psychoseksuele thriller gaan bekijken over volwassen mannen en vrouwen die geilen op verkeersongevallen, neuken in autowrakken én - the horror! - roken in ziekenhuizen. Sterker nog: David Cronenbergs Crash groeide uit tot een culthit, met dank ook aan de controverse die deze loyale en heerlijk subversieve adaptatie van J.G. Ballards boek uit 1973 nog voor de release al omringde. In verschillende Britse steden werd Crash in de ban geslagen, sommige censoren vreesden voor copycatgedrag, mediamogol Ted Turner probeerde de distributie in Amerika tegen te houden en verschillende critici maakten gewag van een zieke film voor zieke geesten, wat het kinky sexappeal natuurlijk alleen maar vergrootte. Mocht je de film, nu opnieuw uit in een 4k-restauratie die het geblutste chroom en de ingedeukte portieren nog feller doen blinken, nooit hebben gezien: een smeuïge, van het zweet parelende B-shocker hoef je, ondanks de sensationele premisse, niet te verwachten. Hoewel de borsten van Holly Hunter en de kont van James Spader te zien zijn, is Crash meer een (anti-)erotische ijldroom over de leegheid van onze materialistische cultuur en haar misgroeide obsessie met seks en technologie dan een hijg- en kwijlparade vol allerlei hitsige standjes. Gids langs de botsingen, blutsen en builen is James Ballard (Spader), een gladde reclameproducer met issues, Deborah Kara Unger als zijn gewillige seksspeeltje én een dodelijke crash op zijn catatonische geweten. Dat brengt zowel hem als de weduwe van zijn slachtoffer (Hunter met leren handschoenen, nylonkousen en bitter weinig verdriet) in contact met een ondergronds clubje fetisjisten die een kick krijgen van het naspelen van befaamde auto-ongevallen, op het zelfdestructieve af.Net als Ballard cruiset Cronenberg, de Canadese visionair die in Videodrome (1983), The Fly (1986), Dead Ringers (1988) en andere genremutaties al zijn fascinatie voor de botsing tussen lichaam en geest en mens en machine botvierde, je door een kil visueel landschap. Ondertussen strooit hij met een snuif surrealisme, een vleugje sciencefiction en een klad oliedonkere humor, om in de achterbuurt van een hollywoodiaanse thriller te parkeren. Het groteske is in Crash dan ook nooit veraf, maar wat deze freudiaanse fabel over onze donkerste driften nog altijd zo dwingend en fascinerend maakt, is dat Cronenberg geen spat ironie door de strakke frames laat sijpelen, en het idee van de Liebestod op wielen net zo serieus neemt als zijn psychopathologische personages. Tel daar de voyeuristische, schaamteloos objectiverende camera die als een ramptoerist om de lichamen van de personages cirkelt nog bij, plus het gitaargegalm van huiscomponist Howard Shore, en je krijgt een film die als een reeks verwrongen seksuele rituelen over het doek trekt, in afwachting van een climax die zowel Eros als Thanatos bevredigt. De jury van Cannes gaf Cronenberg er de prijs voor 'moed, lef en originaliteit' voor. Anderen riepen 'boe' en liepen verontwaardigd de zaal uit. Don't fasten your seatbelts.