(The Keystone Comedies)
...

(The Keystone Comedies) 1914 Films: **** Extra's: **** Arté Editions/Lobster (Franse import) In zijn meer dan een halve eeuw lange filmcarrière beleefde Charles Spencer Chaplin (1889-1977) wel meerdere fel bewogen jaren, maar in geen enkel jaar gebeurde zoveel als in 1914. In januari tekende de matig bekende Britse vaudevillester een contract voor enkele slapstickfilmpjes van de Amerikaanse productiemaatschappij Keystone Film Company. Op het eind van het jaar was hij de grote kassa-attractie van de exploderende nieuwe vermaakindustrie: om hun zalen vol te krijgen, hoefden de bioscopen niet meer te doen dan een bord uithangen met de tekst 'CHARLIE HERE TODAY'. Bovendien was hij uitgegroeid tot het beroemdste silhouet ter wereld. Drie dozijn filmpjes maakte hij in dat beslissende jaar; behalve de enige verloren titel in zijn filmografie ( Her Friend the Bandit) prijken ze allemaal in de box Charlie Chaplin 1914 - The Keystone Comedies: 34 kortfilms van 5 tot 30 minuten, maar ook één film van langere adem, Tillie's Punctured Romance, de eerste komische speelfilm uit de geschiedenis. Niet alleen kun je aan deze gerestaureerde kluchten uit de prehistorie van de cinematografie veel plezier beleven, deze uitgave is ook een echte schatkamer voor wie geïnteresseerd is in filmgeschiedenis in het algemeen en de evolutie van Chaplin het bijzonder. Al heel vroeg zien we de geboorte van een icoon: in zijn filmdebuut Making a Living speelt Chaplin nog de atypische dandy met monocle en hoge hoed, maar vanaf zijn derde proeve, Mabel's Strange Predicament, had hij al de attributen gevonden van het typetje dat hem wereldfaam zou bezorgen: kortgeknipte snor, bolhoed, slobberbroek, te nauw jasje, te grote schoenen en wandelstokje. De zwerversplunje kwam makkelijker dan het personage eronder: de eerste Charlot was nog niet de lieflijke Little Tramp, maar een vervelende onruststoker met een drankprobleem. Zolang Mack Sennett, de grote baas van Keystone, de pretfilmpjes regisseerde, primeerde de brutale, antisociale kant van het personage. Pas toen Chaplin, amper vier maanden nadat hij zijn eerste stappen in de filmbizz had gezet, zelf aan het regisseren sloeg, verloor de Zwerver zijn agressieve kantjes en kreeg hij zijn welbekende ontroerend humane dimensie. In de latere speelfilms met boodschap werd het sentimentele en pathetische van de Charlot-figuur dermate aangedikt dat het melodrama ging overheersen. De beste filmpjes uit deze box tonen echter een Chaplin die nog taai en grimmig uit de hoek kan komen, zoals Caught in a Cabaret. Daarin speelt Chaplin een armzalige ober die als een echte gentleman een meisje van de hogere klasse (Mabel Normand, Sennetts minnares en vrouwelijke ster en occasioneel ook regisseur) tegen een dief verdedigt en als beloning wordt uitgenodigd op haar chique tuinfeest. Charlie is tot over zijn oren verliefd, maar wordt diep vernederd wanneer Mabel en haar rijkeluisvrienden zijn lage maatschappelijke status ontdekken. In plaats van een happy end krijgen we de pijnlijke openbaring van een onoverbrugbare sociale kloof. PATRICK DUYNSLAEGHER