Gezwollen kamerfolk, barokke indierock, theatrale artpop: in zeventien jaar heeft Shearwater de kwistige krullen nooit geschuwd. Misschien lag het eraan dat frontman en enig vast lid Jonathan Meiburg in het dagelijkse leven óók een beetje too much is: multi-instrumentalist, schrijver, globetrotter en, als ornitholoog, naar verluidt een wereldautoriteit inzake de Falklandcaracara. Men krijgt op Discovery Channel al voor veel minder een format rond zich getimmerd.
...

Gezwollen kamerfolk, barokke indierock, theatrale artpop: in zeventien jaar heeft Shearwater de kwistige krullen nooit geschuwd. Misschien lag het eraan dat frontman en enig vast lid Jonathan Meiburg in het dagelijkse leven óók een beetje too much is: multi-instrumentalist, schrijver, globetrotter en, als ornitholoog, naar verluidt een wereldautoriteit inzake de Falklandcaracara. Men krijgt op Discovery Channel al voor veel minder een format rond zich getimmerd. Jet Plane and Oxbow bevat eindelijk genoeg flitsen van briljantie om u finaal toch voor Meiburgs zaak te winnen. Wijd opengesperde, grandioze songs zijn dit, die zich volop uitleven in details maar tegelijk met strakke blik het doel voor ogen houden. Nadat hij eerder al een drieluik had gewijd aan de menselijke voetafdruk op deze ooit ongerepte planeet, uit Meiburg nu bekommernissen om de gevaren van technologie, zonder de deugden ervan onder de mat te vegen. Gespannen dreiging en idealistische hoop: die afwisseling vormt het dynamisch kloppende hart van de plaat. Een insteek die producer Danny Reisch en filmcomponist Brian Reitzell perfect aanvoelen. Meiburg kauwde op een protestplaat die toch fun zou uitstralen, en hoe vertaal je dat beter dan in een spatieus geluid verankerd in luide, stuwende drums? Als u alle big music uit de eighties hoort voorbijdenderen - The Waterboys, Peter Gabriel, U2 -, dan komt dat omdat alleen vintage apparatuur uit die periode de studio in mocht. Los daarvangebruikt Pale Kings duidelijk het sjabloon van Where the Streets Have No Name om Meiburgs haat-liefdeverhouding met zijn Amerikaanse nationaliteit te duiden. Filaments vindt fundament in het hypnotiserende Afrikaanse drumwerk waarmee David Byrne en Brian Eno al stoeiden op Remain in Light van Talking Heads en My Life in the Bush of Ghosts. Only Child creëert veel dieptezicht maar blijft in wezen een simpele, hemelsmooie melodie, terwijl die wervende gitaarlick in Glass Bones eraan herinnert hoeveel forse gitaren de plaat bevolken. Natuurlijk zou Jonathan Meiburg zichzelf niet zijn als hij niet af en toe wat te veel auditieve Botox gebruikte. Maar dat stoort alleen in het vendelzwaaierige refrein van A Long Time Away en de irritante vocale echo van de wat deprimerende afsluiter Stray Light at Clouds Hill. Een geweldige back to the future-plaat. SHEARWATER **** Jet Plane and Oxbowindierock Sub Pop DOWNLOAD Quiet Americans Filaments Only Child KURT BLONDEEL