BELPOP: WIM DE CRAENE

Een jonge WIM DE CRAENE. 'Hij was van kindsbeen af een rebel, en dat botste met zijn ouders.'

Maandag 8/9, 20.40 – Canvas

Met muzikanten als Yevgueni, Hannelore Bedert en Stoomboot zit kleinkunst en andere Nederlandstalige muziek weer in de lift. Belpop wijdt voor zijn zevende en voorlopig laatste seizoen twee afleveringen aan liedjes in uw moerstaal. Deze week staat Wim De Craene (1950-1990) centraal, later in dit seizoen serveert het programma u de geschiedenis van vaderlandse kleinkunst. ‘Wim De Craene stond eigenlijk allang op ons lijstje’, aldus Olivier Wille, Belpop-ancien en regisseur van deze aflevering.

OLIVIER WILLE: Zowel zijn muzikale erfenis als zijn verhaal is zo rijk dat je er gemakkelijk een aflevering mee vult. Het zou hem en zijn repertoire oneer hebben gedaan mochten we hem enkel een klein stukje binnen een bredere kleinkunstaflevering gegeven hebben. Kleinkunst was trouwens een genre waar hij zich steeds meer tegen afzette. Toen het begin jaren tachtig uit de mode raakte, begon hij te experimenteren los van de kleinkunst, maar met nummers zoals het fragiele Rikky is hij soms nog teruggekeerd. Er zijn ook maar weinig muzikanten die meer dan twintig jaar na hun dood nog altijd hoog eindigen in de eindejaarslijstjes van Radio 1 en Radio 2. Als je even nadenkt, kun je zes, zeven, misschien zelfs acht nummers van hem noemen die in het collectieve geheugen zitten. Rozane, Tim

Wat maakte hem zo speciaal?

WILLE: Van kindsbeen af was hij een rebel. Gitaar in de hand. Altijd willen opvallen. Je ziet dat ook op het foto- en videomateriaal dat in Wetteren, waar hij werd geboren, geschoten werd. Hij was geen gemakkelijke mens en dat botste met zijn ouders. Vooral zijn vader, die een andere toekomst voor hem gedroomd had, kon niet goed overweg met zijn schunnige en maatschappijkritische teksten. Hij heeft trouwens nooit een optreden van zijn zoon willen bijwonen. Heel pijnlijk. Zo komt het dat Wim al op jonge leeftijd naar Amsterdam is getrokken om in de leer te gaan bij zijn idool Ramses Shaffy, met wie hij een tijdlang erg goed bevriend was.

Hoe brengen jullie hem in beeld?

WILLE: We hebben zijn hele traject gevolgd en dus niet enkel de komeetjaren waarin hij zijn grootste hits scoorde. Al is dat laatste betrekkelijk, want hij was een van die artiesten die pas na hun dood groot zijn geworden. Zijn broer en zijn zoon komen aan het woord, maar ook Chris Thys, de dame voor wie hij Rozane schreef. Met Dimitri van Toren en Jan De Vuyst vertellen twee kompanen van weleer hun verhaal, evenals enkele jeugdvrienden. Zo schetsen we een beeld van een man die muzikaal, maar ook menselijk op zoek was naar erkenning, naar warmte en liefde, en dat tot aan zijn vroegtijdige dood.

THOMAS VAN LOOCKE

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content