PARADISE ALLEY (1978)

Een film van Sylvester Stallone over drie jongens die opgroeien in New York, die Sly mocht maken na het succes van Rocky twee jaar daarvoor, maar die flopte aan de kassa. Waits speelt zijn eerste rol, al is 'spelen' misschien niet het juiste woord: zijn personage, de pianist Mumbles, is een doorslagje van de mompelende, verzopen jazzcat die Waits zelf in de jaren zeventig was. 'Ik heb drie weken achter een piano gezeten, en daarna ben ik naar huis gegaan', zo omschreef hij een paar jaar later zijn acteerdebuut.
...

Een film van Sylvester Stallone over drie jongens die opgroeien in New York, die Sly mocht maken na het succes van Rocky twee jaar daarvoor, maar die flopte aan de kassa. Waits speelt zijn eerste rol, al is 'spelen' misschien niet het juiste woord: zijn personage, de pianist Mumbles, is een doorslagje van de mompelende, verzopen jazzcat die Waits zelf in de jaren zeventig was. 'Ik heb drie weken achter een piano gezeten, en daarna ben ik naar huis gegaan', zo omschreef hij een paar jaar later zijn acteerdebuut. ONE FROM THE HEART (1982) Na Paradise Alley speelde Waits personages die meestal niet eens een naam kregen en op IMDb staan als 'drunken bar owner'(Wolfen, 1981) of 'trumpet player'(One from the Heart). Die laatste film was wel belangrijk omdat regisseur Francis Ford Coppola aan Waits ook vroeg de muziek te schrijven. Het werd een kantelmoment in Waits' leven. Zijn eerste platen hadden geen succes, hij was verslaafd, zijn privéleven was een rommeltje, maar in de aanloop naar One from the Heart maakte hij kennis met zijn latere vrouw Kathleen Brennan, die voor Coppola's studio werkte, en op de set kreeg hij een eigen bureau, waar hij mocht schrijven. 'Het was alsof ik naar kantoor ging', aldus Waits. 'En dat was goed voor mijn karakter, mijn discipline. Ik geloof dat het slot aan de buitenkant van de deur zat, omdat ze bang waren dat ik naar Acapulco zou vluchten.' DOWN BY LAW (1986) Een zwart-witfilm van Jim Jarmusch over drie mannen die een cel delen en een plan bedenken om uit de gevangenis te ontsnappen. De werkloze dj Zack is Waits' eerste echte rol, en vooral in de scènes met zijn geliefde, gespeeld door Ellen Barkin, bewijst hij dat hij kan acteren. Waits zou ook later nog meewerken aan Jarmuschfilms, zoals Coffee and Cigarettes (1993), waarin hij zichzelf speelt naast Iggy Pop. De zware drinker die bij zijn ontbijt een glas whisky naar binnen kapt, het is wellicht het personage dat Waits het vaakst gespeeld heeft en dat hij dankzij zijn uitgebreide research ook het best onder de knie heeft. Nergens is hij op dat vlak beter dan in Robert Altmans meesterwerk, een mozaïekverfilming van Raymond Carver-verhalen. In een cast waar de grote namen over elkaar heen vallen, valt hij toch op als Earl Piggot, de limousinechauffeur met een drankprobleem en een stormachtig huwelijk. Al was Waits achteraf niet echt te spreken over dat hele acteerwereldje. 'Je wordt vooral betaald om te wachten, in een stoel te zitten en je haar te laten doen', zei hij. In The Fisher King (1991) liet Waits zich opmerken als verlamde oorlogsveteraan, een rolletje dat hij op voorspraak van hoofdrolspeler Jeff Bridges had gekregen: regisseur Terry Gilliam had toen nog nooit van hem gehoord. Bijna twintig jaar later zocht Gilliams voor The Imaginarium of Doctor Parnassus een acteur die de duivel kon spelen, en deze keer was Waits wel zijn eerste keuze. De film zelf werd berucht om een andere reden: hoofdrolspeler Heath Ledger stierf toen de opnames nog liepen, en Gilliam moest alles afwerken door Johnny Depp, Colin Farrell en Jude Law te vragen om in de huid van Ledgers personage te kruipen.