Meer dan een tv-serie is Twin Peaks een mythisch fenomeen dat zich begin jaren negentig twee seizoenen lang in het onderbewustzijn nestelde van al wie zich eraan blootstelde. Niet zozeer vanwege de vaak verwarrende verhaallijn, maar des te meer dankzij de lucide, enigmatische fragmenten, de bevreemdende beelden en de meesterlijke mix van banaal en bizar, van mondain en magisch. Dat schrijven auteur David Campany en enkele van d...

Meer dan een tv-serie is Twin Peaks een mythisch fenomeen dat zich begin jaren negentig twee seizoenen lang in het onderbewustzijn nestelde van al wie zich eraan blootstelde. Niet zozeer vanwege de vaak verwarrende verhaallijn, maar des te meer dankzij de lucide, enigmatische fragmenten, de bevreemdende beelden en de meesterlijke mix van banaal en bizar, van mondain en magisch. Dat schrijven auteur David Campany en enkele van de fotografen die meewerkten aan A Place Both Wonderful and Strange, een fraaie fotografische kortverhalenbundel geïnspireerd door regisseur David Lynch en zijn unieke universum. Fotografie handelt in feiten, maar ook - en vandaag misschien meer dan ooit - in suggestie. Als 'lynchiaans' dan wordt gekenmerkt door een 'specifieke ironie die het erg macabere en het erg alledaagse op zo'n manier combineert dat de aanhoudende aanwezigheid van het eerste in het laatste wordt onthuld', zoals David Foster Wallace het treffend formuleerde, dan verwacht je van dit boek een speels vat vol vreemde verwondering. Dat is het grotendeels ook geworden, mede dankzij Jason Fulford, die gewoon doet wat hij altijd doet: kurkdroge maar steevast eigenaardige foto's in een eigenwijze sequentie aaneenrijgen. Ook Melissa Catanese bewees in het verleden al dat ze met found footage een droomachtige sfeer kan neerzetten. Sommige fotografen tappen dan weer iets te gretig uit het ondoorgrondelijke en iets te weinig uit het alledaagse, waardoor het evenwicht wat zoek is. Maar laat dat vooral de pret niet drukken. Hoogvliegers zijn Enrico di Nardo & Valentina Natarelli, die wél de juiste balans vinden. Of Anna Beek, die een soort spin-off maakte over de Log Lady, en Cristina de Middel, die zich duidelijk amuseerde in haar spookachtige hotelkamer in het Poolse Lodz. De 'gewoonste' bijdrage komt van Carl Bigmore, die een tussen bos en berg gelegen Amerikaans stadje en zijn jonge bewoners op zo'n verraderlijk eenvoudige manier in beeld brengt, dat je bijna niet anders kunt dan je afvragen welke donkere mysteries daar verscholen liggen.