1 WORKPRINT (1982) Dit is de versie die net voor de film voor 't eerst in de bioscoop kwam in Amerika als preview werd getoond. Voor de Blade Runner-fanaten is dit de clou van deze editie, want hij verschilt het meest van alle latere versies en was na de proefvertoningen alleen maar te zien tijdens eenmalige evenementscreenings in Los Angeles en San Francisco. Komt vergezeld van een geweldige commentaar van Paul M. Sammon, auteur van het boek Future Noir: The Making of Blade Runner. Deze superfan detecteert minstens zeventig verschillen met de lat...

1 WORKPRINT (1982) Dit is de versie die net voor de film voor 't eerst in de bioscoop kwam in Amerika als preview werd getoond. Voor de Blade Runner-fanaten is dit de clou van deze editie, want hij verschilt het meest van alle latere versies en was na de proefvertoningen alleen maar te zien tijdens eenmalige evenementscreenings in Los Angeles en San Francisco. Komt vergezeld van een geweldige commentaar van Paul M. Sammon, auteur van het boek Future Noir: The Making of Blade Runner. Deze superfan detecteert minstens zeventig verschillen met de latere montages, meestal gaat het om kleinigheden maar in sommige gevallen betreft het ook ingrijpende wijzigingen, zoals grote flarden uit de voorlopige score die hoofdzakelijk bestaande composities bevat van Jerry Goldsmith en James Horner. 2 U.S. THEATRICAL CUT (1982). De film zoals hij een kwarteeuw geleden voor 't eerst in Noord-Amerika werd uitgebracht. Regisseur Ridley Scott heeft geen hoge pet op van die oorspronkelijke versie omdat hij niet tevreden was met de voice over van Harrison Ford en omdat de studio erop aandrong er een compleet kunstmatig happy end aan te plakken waarin Ford en Rachel Ward weten te ontsnappen en in een onwaarschijnlijk mooi berglandschap (met dank aan Stanley Kubricks The Shining) verdwijnen. Zelf blijf ik dit ondanks het betwistbare einde de beste versie vinden omdat de voice over (die weliswaar sterker had gemogen) als verhalend procedé een directe link is naar het film noir-genre waar de hele film aan refereert en ook enige overkoepelende structuur geeft aan de rommelige plot. 3 INTERNATIONAL THEATRICAL CUT (1982). Zelfde versie als de U.S. Theatrical Cut, alleen met wat meer beelden van het expliciete geweld dat de teergevoelige Yankees bespaard bleef. Zo laat de scène waarin replicant Rutger Hauer de ogen van zijn schepper uitduwt nog weinig aan de verbeelding over. 4 DIRECTOR'S CUT (1992) Weg met de voice over en het happy end in deze versie die de ambiguïteit ten top drijft, vooral door een toegevoegde droomscène met een eenhoorn in een betoverend woud (beelden die niet uit Ridley Scotts vorige film Legend komen, zoals vaak wordt beweerd), wat moet suggereren dat de speurder Deckard (Ford) zelf een replicant is. 5 THE FINAL CUT (2007) De droomscène verdwijnt weer naar de prullenmand en hier en daar heeft Scott met computereffecten wat kleine verbeteringen aangebracht (bepaalde decors zijn duidelijk bijgewerkt). Op een van de docu's zie je dat dit toch heel wat voeten in de aarde had: zo werden hoogtechnologische kunstjes aangewend om Joanna Cassidy een vroegere scène te laten overdoen, en haar te doen morphen met haar stuntdoublure van vijfentwintig jaar geleden. De beeld- en geluidskwaliteit (volledig gerestaureerd van origineel negatief volgens het modernste digitaal productieproces; nieuwe geluidsmix gemaakt van de oorspronkelijke zessporensoundtrack) is moeilijk te overtreffen. En voor wie meer over Blade Runner wil weten dan-ie ooit durfde vragen, zijn er niet minder dan drie commentaartracks! (P.D.)