Hans Dekkers

1 'Ernest meende dat er in elke goede roman een essay verborgen zat'; schrijf je. Gaat jouw 'essay' over de onvermoede manieren waarop de menselijke geest zichzelf een rad voor ogen draait?
...

1 'Ernest meende dat er in elke goede roman een essay verborgen zat'; schrijf je. Gaat jouw 'essay' over de onvermoede manieren waarop de menselijke geest zichzelf een rad voor ogen draait? Hans Dekkers: Zeker. Dat is een van mijn belangrijkste thema's. 'De droom van de rede baart monsters', luidt een uitspraak van Goya die me erg aanspreekt. Telkens opnieuw blijkt de mens behoefte te hebben aan dromen, idealen, verlangens en illusies. En telkens weer verliest hij daarbij de realiteit uit het oog, waardoor hij in de problemen komt. Wanneer de redelijkheid uit het zicht verdwijnt, zijn de monsters niet ver weg meer. Het tragische is dat we dat zelf niet zien. 2 Dat is een romantische visie, tekenend voor je roman. Voer je daarom schrijver J. Slauerhoff op als personage? Dekkers: Het verbaasde me dat de figuur van Slauerhoff, in Nederland toch hét prototype van de romantische dichter, nooit eerder als personage in een roman was opgevoerd. In Over de Taag staat hij voor de eeuwige romanticus, op zoek naar het geluk dat nooit te vinden is. 'Dort, wo du nicht bist, dort ist das Glück' heet het in een lied van Schubert, en Ernest zou dat ongetwijfeld beamen. Ook bood Slauerhoff me de mogelijkheid over Lissabon te schrijven, de stad van de melancholie. In Lissabon vond Slauerhoff een atmosfeer die paste bij zijn gemoedsgesteldheid. Ernest probeert er aan zijn demonen te ontsnappen. 3 Je gebruikt in deze roman verschillende stijlen en technieken. Waarom komen er twee sf-verhalen in voor, een verhaal over een beo dat zo van Slauerhoff zou kunnen zijn en een katerige stream of consciousness? Dekkers: In modernistische romans gebeurt dat vaak. Het brengt het verhaal op spanning. Ik vind het jammer dat deze manier van schrijven in de Nederlandse literatuur steeds minder gebruikt wordt. Het lijkt wel of zij terug wil naar het eenvoudige, ouderwetse vertellen van een goed verhaal. In veel Zuid-Europese en Latijns-Amerikaanse literatuur wordt wel met de vorm geëxperimenteerd. Lees bijvoorbeeld de romans van António Lobo Antunes, João Ricardo Pedro of Clarice Lispector. In de Angelsaksische literatuur zie je hetzelfde. Ook in films en tv-series wordt met allerlei verhaaltechnieken zoals flashbacks en flashforwards geëxperimenteerd, wat het volgens mij interessanter maakt. Als de literatuur het experiment schuwt en er alleen maar teruggegrepen wordt op traditionele verteltechnieken, is dat in mijn ogen stilstand. Een levendige literatuur kan niet zonder experimenteren.