Tot voor kort was een bepaald kunstenaarstype erg in zwang. Hij - of zij, maar meestal hij -was ambitieus en razend getalenteerd, een kei ook in communicatie en zaken. Hij opende naast de werkuren een hip restaurant, trouwde met een popster, gaf een grappig kunsttijdschrift uit en was - vanwege de enorme winsten - de lieveling van collectioneurs en kunsthandelaren. Succes was niet alleen een doel maar ook een glijmiddel dat nog meer succes moest genereren. Niet dat het een verhaal zonder kleerscheuren en pijnlijke echtscheidingen was. Het had een prijs, maar dat heb je nu eenmaal met een ideaal. Toch werd steeds sterker getwijfeld aan de stijl van de georganiseerde succeskunstenaar. Er ontbrak iets, en stilaan bleek ook dit type slechts een product van zijn tijd. Toen hij - in casu J...

Tot voor kort was een bepaald kunstenaarstype erg in zwang. Hij - of zij, maar meestal hij -was ambitieus en razend getalenteerd, een kei ook in communicatie en zaken. Hij opende naast de werkuren een hip restaurant, trouwde met een popster, gaf een grappig kunsttijdschrift uit en was - vanwege de enorme winsten - de lieveling van collectioneurs en kunsthandelaren. Succes was niet alleen een doel maar ook een glijmiddel dat nog meer succes moest genereren. Niet dat het een verhaal zonder kleerscheuren en pijnlijke echtscheidingen was. Het had een prijs, maar dat heb je nu eenmaal met een ideaal. Toch werd steeds sterker getwijfeld aan de stijl van de georganiseerde succeskunstenaar. Er ontbrak iets, en stilaan bleek ook dit type slechts een product van zijn tijd. Toen hij - in casu Jeff Koons - zich outte als adviseur van Lady Gaga ging er definitief iets verloren. De laatste restanten van een ooit zo glorieus tijdperk stortten in. Her en der begon men hardop te zeggen dat de geldmachine rondom kunst stuitend was. En naast de kwestie, want kunst moest toch meer zijn dan speelgoed voor de rijken? Het duurde niet lang of een romantischer type deed zijn intrede: de kunstenaar die naar binnen kijkt en daar 'diepere' taferelen treft, William Blake in een hedendaags kloffie. De Biënnale van Venetië zette de deuren wijd open voor die nieuwe en veel minder wereldse kunstenaar. Hij werd er ontvangen als een verkenner van nieuwe oorden, als een Mozes die door de Rode Zee van de verbeelding trekt. De man die dat nieuwe kunstenaarstype er in Venetië relatief nauwkeurig uitlichtte, was Massimiliano Gioni, een frisgeknipte Italiaanse curator die voorheen veel te zien was in de buurt van succeskunstenaar Maurizio Cattelan. Gioni kwam niet met een lijst van kunstenaars die 'ertoe doen', maar trok een biënnale op rond de innerlijke wereld van kunstenaars. De grens tussen professionelen en amateurs, tussen outsider- en insiderkunst werd weggespoeld. Bij gebrek aan pronkstukken leverde het gebeuren geen vlekkeloze tentoonstelling op. De meningen waren verdeeld, maar het pad was geëffend, kunst mocht plots heel wat gekker, fouter, zieliger en onhandiger. De in beelden gevatte dromen en wilde visioenen van psychoanalyticus Carl Gustav Jung werden in vitrines gelegd. Van wijlen Morton Bartlett waren wonderlijke poppen te zien die hij dertig jaar lang in het diepste geheim had gemaakt. Ondanks zijn adoptie was de wees Bartlett altijd een leegte blijven voelen, die hij vergeefs probeerde te vullen met het vervaardigen van anatomisch correcte moeders en zussen. Ook buiten de dogestad traden kunstenaars met bizarre waren en vreemde inzichten voor het voetlicht. De altijd al wat wereldvreemde Aalstenaar Patrick Van Caeckenberg legde een sculpturale clownsneus neer in zijn stad. Het Rotterdamse museum Boijmans Van Beuningen verwelkomde Grayson Perry en een ambachtelijk vervaardigde houten boot. De Brit kleedt zich graag als meisje met opbollende rok en strikjes in het haar. Zijn weirdoschap maakt deel uit van zijn kunstpraktijk, wat het trouwens aanzienlijk interessanter maakt. In het Muhka deden Jos de Gruyter en Harald Thys films en absurde installaties uit de doeken. Het tweetal maakt kunst die opzettelijk niet goed gemaakt, niet vlot en niet stoer is. Een nobel streven, waarmee het duo dit jaar omnipresent was. Dat de weirdotrend niet altijd fonkelmooie kunst oplevert, hoeven we u niet te vertellen. Falen is toegestaan. Meer nog, het wordt sterk aanbevolen. Alleen daarom al is de weirdotrend prijzenswaardig. Hij zorgt voor kunst die menselijk is en rechtstreeks tot de verbeelding spreekt, misschien zelfs tot nog iets diepers. Het concept biedt mogelijkheden aan al wie in zijn vrije uren geheimzinnige knutselwerken in elkaar priegelt. Het opent een weg die vroeger potdicht zat. Bovendien getuigt succes als doel van weinig verbeelding. Terwijl je met verbeelding de wereld kunt veranderen. Plus est en vous, of niet soms? DOOR ELS FIERS