Roland Emmerich met Steven Strait, Camilla Belle, Cliff Curtis, Nathanael Baring, Mo Zainal
...

Roland Emmerich met Steven Strait, Camilla Belle, Cliff Curtis, Nathanael Baring, Mo Zainal Steriele actie, debiele dialogen, holle personages en muzikale bombast gedrapeerd rond rechts geïnspireerde flauwekul over heldenmoed, eer en trouw: hoe terecht er ook op Roland Emmerich wordt ingehakt, beweren dat de man achter Independence Day, Godzilla, The Patriot en The Day After Tomorrow géén eigen stijl heeft, kan je niet. Maar daarmee is dan ook het enige positieve gezegd. Dit keer heeft de Teutoonse pletwalsfilmer het op de 'prehistorische' spektakelprent à la Conan the Barbarian en One Million Years BC gemunt, maar dan zonder de viriele actie en gravitas uit de eerste of het woeste gegrom en Raquel Welch in bontbikini uit de tweede. Wat overblijft, is een familievriendelijk flutverhaaltje over een uitverkoren krijger met dreadlocks (Steven Strait) die zijn gekidnapte liefje (Camilla Belle) uit de klauwen van een clan slavendrijvers moet zien te redden, én iets over een profetie rond blauwogige lolita's en adonissen die met sabeltandtijgers keuvelen. Niet gehinderd door (pre)historische correctheid laat Emmerich besneeuwde toendra's abrupt overgaan in tropische jungles, positioneert hij de continenten op wandelafstand van elkaar, geeft hij nogal wat stammen een multi-etnische samenstelling (het democratische westen versus het despotische oosten), laat hij de held opjagen door mastodontische struisvogels en gemene proto-Arabieren met haakneuzen (de war on terror is kennelijk van alle tijden) en zet hij mammoets in bij de bouw van de piramides. En dat alles volgens de apocriefe kalender van Herr Emmerich anno 10.000 voor Christus! Vederlichte nonsens, er is natuurlijk altijd een publiek voor. Maar het ziét er dit keer ook niet uit. Waar Mel Gibson je in Apocalypto nog overtuigend te midden van de Yucateekse jungle en de gedoemde Mayacultuur wist te droppen, is Emmerich' prehistorische delirium een travestie van begin tot eind. Houten klazen van acteurs die vooral hun pelsmantels lijken te showen, mechanisch ogende actiesequenties zonder een greintje suspense, een voorgeprogrammeerde score die bombastmaestro Hans Zimmer naar de kroon steekt én digitale effecten die alleen in de mammoetstampede in het begin enige indruk weten te maken. Was het leven maar zo simpel als een Roland Emmerichfilm, met superslechte slechteriken, supergoeie goeieriken en wansmaak zo wansmakelijk dat het bijna schuldig genieten wordt. Bijna, zeiden we. Dave Mestdach