...

U kent Rik Verheye als de betreurde Jay Vleugels uit Callboys, als theateracteur én als de stem achter talrijke reclamespotjes. Dat laatste doet hij tussendoor. 'Om een bepaalde levensstandaard te kunnen hebben, maar ook omdat ik de afwisseling interessant vind', vertelt hij. 'Film en tv hebben al een heel andere taal dan theater. En de vluchtigheid en de techniciteit van radiospots is ook weer iets totaal anders. Al moet je er ook de ambacht van het acteren voor gebruiken. En daarom vind ik het fijn.' 'Zonder dat alles is overleven als acteur inderdaad niet gemakkelijk', vervolgt Verheye. 'Van toneelspelen alleen ga je niet rijk worden, dat is duidelijk. Ik heb wél respect voor acteurs die alleen maar theater doen, dat is een keuze. Ik heb het tijdperk natuurlijk niet meegemaakt dat acteurs vast bij een theater werkten en een maandloon uitbetaald kregen.' Voor Verheye is een beetje zakelijk inzicht de sleutel tot succes, ook in het theater. 'Er is een soort wisselwerking tussen mijn theater- en tv-werk. Als je af en toe op tv komt en je wordt herkend, zit de theaterzaal meteen vol. Dan lok je mensen naar het theater die anders niet zouden komen.' Als rasechte West-Vlaming vindt Verheye het artiestenbestaan ook gewoon een kwestie van hard werken. 'Ik was me er heel bewust van toen ik eraan begon dat het niet makkelijk zou worden. Ik ben zelf wel een echte ondernemer. Ik ga niet zitten te wachten op een kans. Door hard te werken verdien je vanzelf je boterham. Natuurlijk moet je het ook wel kunnen, en de kansen die je krijgt benutten. Maar ik geloof dat je die kansen ook wel kunt afdwingen. Het tijdperk van louter uitvoerend te zijn is volgens mij aan het verdwijnen.'Het verkrijgen van het fameuze kunstenaarsstatuut vormde voor Verheye geen groot probleem. 'Ik heb op het einde van mijn studies een jaar lang intensief gefilmd, waardoor ik al heel snel aan de eisen voldeed', vertelt hij. 'Het statuut is een vangnet voor tussen de opdrachten door, want je kan in onze sector niet zomaar de ene na de andere opdracht krijgen. Ik vind het een beetje terecht dat het niet zo makkelijk is om dat statuut te krijgen. Er zal wel ergens een vorm van profiteren rond bestaan, waardoor er strenger opgetreden wordt.'Volgens Verheye zit het grootste knelpunt in de begeleiding van pas afgestudeerde acteurs. 'Op de toneelscholen wordt totaal niks zakelijks aangeleerd, je bent enkel met het artistieke bezig. Ze zouden er een vak van moeten maken, dat zou de doorstroom ook ten goede komen.' Gelukkig is er wel nog het Kunstenloket, waar kunstenaars terecht kunnen voor zakelijk advies. Verheye: 'Een heel goed platform, waar ik destijds ook naartoe ben gegaan en hulp gekregen heb. Het is nu eenmaal eigen aan artiesten dat ze niet echt met geld bezig zijn, met de boekhoudkundige kant. Dan is het wel leuk dat je gesubsidieerd wordt en geen rekening hoeft te houden met die dingen. Maar zoals gezegd: ikzelf ben gezond commercieel ingesteld. Ik blijf een West-Vlaming, hè.''Van de overheid moet je niks verwachten. Kunstenaars moeten zichzélf adviseren'Bijklussen, ook één van Belgiës duurste kunstenaars Luc Tuymans deed het ooit. Hij begon zijn carrière eind de jaren zeventig als buitenwipper in nachtclubs. 'Gedurende zo'n 12 jaar heb ik in het nachtleven gewerkt als portier, in zowel kleinere zaken als grote discotheken', vertelt Tuymans. 'Ik deed dat drie dagen op een rij, van donderdagavond tot zondagochtend. Maandag begon ik dan aan mijn artistieke werk.' Want full-timekunstenaar is wat hij wilde worden. 'Ik ben in die tijd heel wat galeries afgegaan, onder andere in Keulen, op dat moment een zwaartepunt in Europa wat kunst betreft. In totaal ben ik bij 68 galeries gaan aankloppen. Zonder succes. Dan ben ik maar naar een vriend gestapt die een ruimte had op de Waalsekaai in Antwerpen, niet ver van het M HKA. Daar heb ik mijn eerste tentoonstelling gehouden, waarvoor ik de onkosten zelf betaald heb.'Ondertussen is Tuymans een internationaal gegeerde schilder, die opereert onder de vleugels van de David Zwirner Gallery, een New Yorkse galerie waar 150 mensen werken. In de Londense afdeling werken er nog eens 80. En normaal gezien gaat er straks ook nog een filiaal in Hong Kong open. 'Een groot deel van de galeries is meer corporate-achtig geworden, kijk maar naar mijn eigen galerie. Daarom is het dezer dagen moeilijker voor jonge kunstenaars om het te maken. Ze worden vaak enkel nog in het aanbod opgenomen als onderdeel van een package deal.''Het aanbod is natuurlijk ook heel groot. Er zijn veel kunstenaars die nu gewoon zelf hun appartement openstellen en dat gebruiken als expositieruimte.' Volgens Tuymans komt dat omdat er wereldwijd te weinig galeries zijn die als tussenpersoon kunnen opereren. 'Daardoor zullen kunstenaars meer belang moeten gaan hechten aan elkaar, en aan samenwerken.'Ook bij het onderwijs ligt een deel van het probleem, zegt Luc Tuymans. 'De studenten aan het kunstonderwijs worden onvoldoende voorbereid op de wereld waarin ze nadien zullen terechtkomen, op hoe de kunstwereld georganiseerd wordt en wat die kunstmarkt allemaal inhoudt - kunst wordt vaak gezien als een hobby, maar is dat natuurlijk helemaal niet. Maar wat wil je, veel van de docenten zijn zélf kunstenaars die les moeten geven om te kunnen overleven.' En dan zijn er nog de subsidies. 'We zitten met een krakkemikkige subsidiëringssituatie, waardoor het ook voor de instellingen moeilijker wordt om kunst te tonen die anders is. Er wordt tegenwoordig enorm veel waarde aan de bezoekersaantallen gehecht. Dat leidt tot een soort uniformiteit. Het gebrek aan subsidies zorgt er immers voor dat er vaker gekozen wordt voor grote namen, voor zekerheden.' Ook andere overheidsinitiatieven, zoals de Cultuurbank of het Kunstenloket, bieden volgens Tuymans niet meteen een oplossing. 'Ik denk dat er van de overheid weinig verwacht moet worden, en dat kunstenaars vooral zichzelf moeten gaan adviseren.' Toch is er nog altijd hoop voor jonge aspirant-kunstenaars, besluit Tuymans. 'Natuurlijk moet je vanaf het moment dat je geluk hebt het ook waarmaken. Er zijn genoeg kunstenaars die een kans hebben gekregen maar die niet hebben gegrepen. Dat heeft natuurlijk ook te maken met je eigen overtuiging: je maakt niet altijd kunst om geld te verdienen, maar omdat je iets betekenisvols wilt doen. Dat is geen evidente keuze, zoals een 9 to 5-job. Het is een keuze voor het leven.'Eline Van Lancker