Stel: je neemt de antieke Griekse tragedie van Iphigenia - de Trojaanse koningsdochter die door haar vader Agamemnon als offer werd aangeboden aan de goden. Je transponeert die naar het Amerika van vandaag, je verpakt het verhaal als een horrorfilm in de koele, glaciale stijl van Stanley Kubrick en je overgiet alles met wat absurdisme à la Luis Buñuel. Welk explosief goedje zou dat opleveren? Het is een vraag die u zich waarschijnlijk nog nooit heeft gesteld, en met u de rest van de wereldbevolking. Laat dergelijke hersenspinsels vooral over aan Yorgos Lanthimos, de gekke Griek achter heerlijk bizarre, door zwarte humor aangedreven genrehybrides als Dogtooth (2009), Alps (2011) en The Lobster (2015).
...

Stel: je neemt de antieke Griekse tragedie van Iphigenia - de Trojaanse koningsdochter die door haar vader Agamemnon als offer werd aangeboden aan de goden. Je transponeert die naar het Amerika van vandaag, je verpakt het verhaal als een horrorfilm in de koele, glaciale stijl van Stanley Kubrick en je overgiet alles met wat absurdisme à la Luis Buñuel. Welk explosief goedje zou dat opleveren? Het is een vraag die u zich waarschijnlijk nog nooit heeft gesteld, en met u de rest van de wereldbevolking. Laat dergelijke hersenspinsels vooral over aan Yorgos Lanthimos, de gekke Griek achter heerlijk bizarre, door zwarte humor aangedreven genrehybrides als Dogtooth (2009), Alps (2011) en The Lobster (2015). Lanthimos' geflipte fantasie en zijn voorliefde voor intellectuele spielereien met genres en archetypes levert nu The Killing of a Sacred Deer op. De film zorgde dit jaar in Cannes zowel voor extatisch applaus als verontwaardigd boegeroep. De pitch? Steven Murphy is een succesvolle hartchirurg die al jaren gelukkig is getrouwd en twee kinderen heeft. Zijn zorgeloze gezinsleventje komt echter onder druk te staan wanneer hij zich ontfermt over een getroebleerde vijftienjarige knul. Waarom de jongen alsmaar vreemder en dwingender gedrag begint te vertonen, en waarom Steven hem niet gewoon wandelen stuurt, moet u vooral zelf ontdekken. Eén ding kunnen we u wel al verklappen: het eindigt niet met een gezellig familie-uitje richting Disneyland. In de hoofdrollen van Lanthimos' allereerste film op Amerikaanse bodem - en zijn vierde met scenarist Efthimis Filippou - herkent u Nicole Kidman als de trofeevrouw met dienst en Colin Farrell, die ook al in zijn dystopische romance The Lobster te zien was, als de chirurg die plots voor heel grote dilemma's komt te staan. Zoals steeds stanst Lanthimos hun beproevingen ijzig precies en met uitgestreken gezicht in beeld, alsof elk shot met een scalpel lijkt uitgesneden. Voeg daar 's mans typische, kurkdroog gebrachte offbeatdialogen aan toe, en de verheven klassieke muziek die nu en dan opwelt, en je krijgt een chiller waarin de all-American Family zonder verdoving op de dissectietafel wordt gelegd en waar een gitzwart, spotziek hart onder klopt. 'Gratuïte gruwel', foetert de een. 'Messcherpe satire', jubelt de ander. Een Griekse tragedie vermomd als horrortrip. Hoe kom je erbij? Yorgos Lanthimos: Eerlijk? Het is pas toen ik met Efthimis het scenario uitwerkte dat ons duidelijk werd dat het verhaal gelijkenissen vertoont met Iphigenia en andere tragedies. Als Grieken hadden we beter moeten weten. (lacht) Het vertrekpunt was: een jongen dringt een familie binnen, is uit op wraak en blijkt slimmer dan de volwassenen om hem heen. Ik wilde iets doen over de strijd tussen de generaties en binnen de familie, over thema's als wraak, gerechtigheid, loyaliteit en opoffering, en uiteindelijk voelde het logisch om dat te koppelen aan de Griekse tragedies en er ook naar te verwijzen. Die thema's zijn tenslotte van alle tijden. Ben je daar als Griek extra gevoelig voor? Lanthimos: Welnee. Ik hoor soms dat wij Grieken een diepere notie hebben van antieke tragedies, maar dat is bullshit. Vraag in Athene op straat wie Sophocles is en de kans is groot dat de mensen antwoorden: de kapper daar om de hoek. Die mythes en tragedies behoren tot ons verleden, maar we zijn er minstens zo van vervreemd als Amerikanen of Belgen. Maar dat maakt ze niet minder relevant of poëtisch. Blijft de vraag hoe je erbij komt om zo'n tragedie te verpakken als een horrorfilm die bij momenten aan Stanley Kubrick en David Cronenberg doet denken. Lanthimos: Wanneer ik een scenario schrijf, denk ik nooit aan hoe de film er zal uitzien. De visuele inkleding, het genre, de acteurs: dat is allemaal werk achteraf. Eens de structuur vastlag, hebben we onszelf afgevraagd: hoe brengen we de personages naar een punt waarop ze onmogelijke beslissingen moeten nemen? We wilden de gruwel die ze in hun binnenste voelen naar de oppervlakte halen, hun ziel en onderbewuste ontbloten, en dan kom je algauw uit bij horror, bij Kubrick en Cronenberg. Je kunt als filmmaker eenmaal niet om bepaalde mijlpalen of conventies heen. Beweren dat je start vanaf een maagdelijk wit blad, is idioot. We zijn allemaal opgegroeid met referenties. We hebben allemaal voorkeuren. Op de een of andere manier sijpelen die in je werk door. Tegelijk zijn je films reflecties op de maatschappij waarin we leven, en op de angsten die erin borrelen. Zijn we angstiger en wraakzuchtiger geworden dan vroeger? Lanthimos: De dorst naar gerechtigheid is van alle tijden. Ik denk niet dat Oedipus en Dirty Harry zoveel van elkaar verschillen. Het is wel zo dat de westerse wereld de voorbije tien jaar een stuk conservatiever is geworden. We leven ook alsmaar meer in een bubbel, terwijl de maatschappij net globaler is geworden. Als we door omstandigheden gedwongen worden om onze normen en waarden in vraag te stellen of die te verdedigen, slaan we meteen in paniek en reageren we angstig of agressief. Of dat nu komt door de vluchtelingencrisis, door terreuraanslagen of gewoon door je fiets die gestolen blijkt. Dat is iets wat me heel erg opvalt. Vroeger gingen we daar rationeler en opener mee om. De film weerspiegelt dat angstklimaat, maar dan op een losse, apolitieke manier. De film speelt zich af in een middelgrote stad in 't hartje van Amerika. Allicht had je daar een specifieke reden voor. Lanthimos: Ja. Geld. (lacht) Geld om te draaien in New York of Los Angeles hadden we niet, en dus kwam ik uit in Cincinatti, Ohio. Daar konden we zelfs een heel ziekenhuis afhuren. Die stad heeft iets anoniems, en dat kwam goed uit. Het onderstreept de universaliteit van de thema's. Tegelijk oogt alles heel erg Amerikaans. Het is een decor dat je kent uit Hollywoodfilms en we wilden graag in die traditie werken. Praktische vraag: schrijf je je scenario's in het Grieks of in het Engels? Lanthimos: In het Grengels. (lacht) De ideeën zijn Grieks, de dialogen Engels. Voorlopig kan ik zelfs geen films meer maken in Griekenland. Sinds de economische crisis ligt de culturele sector er lam. Ik ben een economische vluchteling, al voelde het, los van praktische redenen, ook als een natuurlijke stap om in het Engels te werken. The Favourite, mijn volgende film, is, net als The Lobster, een Brits project. Hij speelt zich af aan het hof van Queen Anne, in het Engeland van de achttiende eeuw. Jou kennende wordt dat een heel eigenzinnige kostuumfilm, of heb je zin om eens iets conventioneels te maken? Lanthimos: Ik denk niet in die termen. Dogtooth, Alps, The Lobster en The Killing of a Sacred Deer zijn films waarin ik speel met stijlen en genres, maar dat gebeurt op een organische manier. Het is niet zo dat ik denk: nu heb ik een conventionele film gemaakt, laat ik er nog wat weird shit aan toevoegen, zodat mensen zouden weten dat het een Yorgos Lanthimos-film is. Ik ben geen merk. Ik probeer films te maken in volledige creatieve vrijheid, voor zover dat mogelijk is. Daarom wil ik ook niet in Hollywood werken. Zeg nooit nooit, maar ik zie het niet snel gebeuren. Met Colin Farrell en Nicole Kidman heb je wel twee Hollywoodsterren gestrikt. Lanthimos: Laten we het zo zeggen: ik heb twee topacteurs gestrikt. Colin lag voor de hand, omdat we al hadden samengewerkt voor The Lobster. En toen bleek dat Nicole een fan van mijn werk is, heb ik haar gewoon het script opgestuurd. Een dag later stuurde ze me een sms: 'Geweldig script. Ik wil het doen.' Het is niet het spectaculaire verhaal waarop je misschien had gehoopt, maar zo simpel is het gegaan. In Cannes werd The Killing of a Sacred Deer begroet met applaus én boegeroep. Was je verrast door de controverse? Lanthimos: Niet echt. Ik weet dat ik geen zonnige komedies maak, en dat er nare dingen in de film zitten. Dan weet je dat je je aan felle reacties kunt verwachten. Ik lees weinig recensies, maar als ik er lees, dan zijn het doorgaans de negatieve. Want daar kun je altijd wat van leren, of ik het er nu mee eens ben of niet. 'Het publiek' bestaat niet. Alleen kijkers bestaan, en die brengen allemaal hun eigen waarden, ervaringen en kennis mee. Als je dat als filmmaker niet begrijpt en aanvaardt, moet je dringend een ander vak kiezen.