'Gaan we - err, hmm - hier zitten? No? Yes? Je - err, hmm - zegt het maar, hoor.' Wie Nick Park in levende lijve ontmoet, weet vrijwel meteen op wie veel van zijn komieke kleicreaties gebaseerd zijn. Stunteliger, charmanter en Britser dan de 59-jarige Park komen ze niet. En met zijn hoekige bewegingen, grappige geluidjes en kamerbrede grijns lijkt het wel alsof de minzame animator, schrijver, producent en regisseur zelf uit een van zijn films komt gestapt.
...

'Gaan we - err, hmm - hier zitten? No? Yes? Je - err, hmm - zegt het maar, hoor.' Wie Nick Park in levende lijve ontmoet, weet vrijwel meteen op wie veel van zijn komieke kleicreaties gebaseerd zijn. Stunteliger, charmanter en Britser dan de 59-jarige Park komen ze niet. En met zijn hoekige bewegingen, grappige geluidjes en kamerbrede grijns lijkt het wel alsof de minzame animator, schrijver, producent en regisseur zelf uit een van zijn films komt gestapt. Hoewel hij niet de oprichter is van het roemruchte Aardman Animations - die eer gaat naar Peter Lord en David Sproxton - is Park wel al sinds 1985 een van de drijvende krachten achter de claymation-studio uit Bristol. In die tijd zag hij Aardman uitgroeien van een vrij bescheiden atelier tot een internationaal succesvolle animatiefabriek. En Park zelf, de man die stop motion weer hip maakte, nog voor Tim Burton en Wes Anderson zich aan de oude animatietechniek met bewegende figuurtjes waagden, verzamelde maar liefst vier Oscars, zes Bafta's en nog een karrevracht andere prijzen. Geen wonder dus dat filmliefhebbers klein en groot uitkijken naar zijn nieuwste langspeler Early Man, des te meer omdat Park al sinds 2008 niet meer in de regisseursstoel, laat staan op een miniatuurset tussen de klei kon worden gespot. In Early Man flitst de maker van Chicken Run (2000), The Curse of the Were-Rabbit (2005) en die befaamde videoclip voor Peter Gabriels Sledgehammer (1986) - die dansende braadkippen en bananen! - u terug naar de prehistorie. Daar laat Park u kennismaken met Dug (voorzien van de stem van Eddie Redmayne), een jonge holbewoner die met zijn stamgenoten onzacht in aanraking komt met een beschaving die al een stuk verder in de evolutie staat. Wat volgt, is een duel tussen stenen en bronzen tijdperk, maar dan eentje dat niet met knotsen en speren wordt beslecht maar met passes en dribbels. Een beetje geavanceerde beschaving is nu eenmaal tuk op voetbal. 'Zelf ken ik niks van voetbal', lacht Park, die zich als kind al liever onledig hield met tekenen en knutselen. 'Ik was er beroerd in en het interesseert me weinig, in tegenstelling tot 99,9 procent van de wereldbevolking. Ik had gewoon geen zin om de zoveelste holbewonersfilm te maken. Ik wilde iets hedendaags erin en onze huidige maatschappij is geobsedeerd met voetbal. Bovendien heeft die sport iets heel erg tribaals. Voetbalclubs zijn de stammen van nu. Dus leek het me geestig om een stammentwist te laten uitvechten in een prehistorisch voetbalstadion.' Verwacht van het royaal met Britse silliness overgoten Early Man vooral geen stop-motionvariant op One Million Years B.C. (1966), ook al opent de film met een vette knipoog naar die cultklassieker en met een heerlijk knullig gevecht tussen kleidino's. 'Mijn hommage aan Ray Harryhausen, de stop-motionmeester uit de fifties en sixties', bekent Park. 'Ik was elf toen ik One Million Years B.C. voor het eerst zag. Op die leeftijd was ik veel meer onder de indruk van die dino's dan van Raquel Welch en haar minuscule berenvelletje. Het is die film die me deed besluiten om zelf een camera ter hand te nemen, terwijl mijn vriendjes dus buiten aan het voetballen waren.' Hoewel Early Man in eerste instantie een tijdloze avonturenkomedie is, schuilt er voor Park ook een metafoor in voor de spektakelcultuur van nu. 'Voetbal brengt mensen samen. Van alle klassen, rassen en standen. De sport biedt plezier en troost en bevordert de sociale cohesie, en dat is absoluut positief. Maar tegelijk heeft ze een schaduwkant. Ze brengt nationalistische trekjes in mensen naar boven, zeker tijdens zo'n WK. Bovendien is het een geldindustrie geworden. Vandaar dat mijn personages uit het moderne, bronzen tijdperk er zo gek op zijn. Voetbal is hun manier om succes en status te etaleren.' In die zin verschilt Lord Nooth, het geldgeile en narcistische hoofd van Real Bronzio, de vedetteploeg van het bronzen tijdperk, niet zo gek veel van de gemiddelde steenrijke clubeigenaar van nu. 'Er zit zeker een beetje sociale satire in', bekent Park. 'Voetbal heeft iets decadents. Het zijn de moderne gladiatorenspelen. Maar verder gaat dat commentaar niet.' Zo hoef je achter het dikke Franse accent van Nooth verder niks te zoeken, verzekert Park ons. 'Echt niet. Toen we aan de productie begonnen, was er nog geen sprake van een brexit. We vonden het als rechtgeaarde Britten gewoon normaal dat de schurk met een Franse tongval sprak. Ik wilde absoluut vermijden dat dat uitgelegd zou worden als: kijk ons, eigengereide Britten, die decadente, betweterige Europeanen eens een lesje leren. De brexit is al erg genoeg. Het is gewoon een vriendelijk plaagstootje in de richting van onze Franse vrienden. We produceren zelfs films samen met de Fransen. Kun je nagaan hoe breeddenkend we zijn. (lacht)' Park doelt op Aardmans samenwerking met Studio Canal. Eerdere allianties met het Amerikaanse DreamWorks ( Flushed Away) en met Sony Pictures ( Arthur Christmas en The Pirates: Band of Misfits), dat Aardman mee het digitale 3D-tijdperk in stuwde, bevielen de Britten veel minder en zijn inmiddels stopgezet. 'Het is fijn om ver van Hollywood te kunnen werken', geeft Park toe. 'Ik heb geen spijt van die Amerikaanse samenwerkingen en ze waren nodig om de veranderende, digitale markt aan te kunnen, maar ik denk dat we beter af zijn op het Europese continent. Je merkt dat cultuurverschil in elke businessmeeting. Met Amerikanen gaat het meer over targets en marges, met de Fransen vooral over de film.' Voor een scenario als dat van de digitale concullega's van Pixar - opgeslokt worden door het Huis van de Muis en een machinale geldkoe worden - is Park daarom niet beducht. 'Toen Pixar ruim twintig jaar geleden opkwam met Toy Story, dachten we: help, het is afgelopen met ons. De toekomst is digitaal en wij zijn dino's die nog met poppen spelen. Maar kijk: stop motion leeft als nooit tevoren. Je hebt de films van Henry Selick (zoals The Nightmare before Christmas en Coraline , nvdr.) en Wes Anderson (die na The Talented Mr. Fox binnenkort opnieuw een animatiefilm, Isle of Dogs , presenteert, nvdr.) je hebt de Laika-studio in Portland (The Boxtrolls), Aardman boert goed... Originaliteit verkoopt ook. Je moet niet zo snel in paniek raken. Trends komen en gaan. Kwaliteit blijft. Kijk naar de films van Ray Harryhausen. Of naar wat er met 3D gebeurt: tien jaar geleden moest alles plots in 3D, nu is het weer een extraatje.' De voorbije negen jaar werkte Park exclusief achter de schermen, als consultant, scenarist en producent, maar zijn eigenlijke biotoop blijft de tekentafel en de opnamestudio. 'Ik had geeneens door dat ik al zo lang geen film meer geregisseerd had, omdat ik ook bij de andere Aardman-films betrokken was. Maar reken maar dat het thuiskomen was toen ik opnieuw zelf figuurtjes kon creëren, met animatoren op de set werken, of met Eddie Redmayne en Tom Hiddleston de geluidscabine induiken. Eindelijk mocht ik weer de coach op het veld spelen, om het in voetbaltermen uit te drukken. En vrees niet: ik ben meer een enthousiaste amateur dan het type José Mourinho.' Wie Nick - err, hmm, right - Park voor zich ziet zitten, kan het zich zo voorstellen.