Geen idee hoe je vandaag ontzag afdwingt op de speelplaats, maar eind jaren tachtig was je dé man/vrouw als je Predator (1987) had gezien, of deed alsof. Hoe kleurrijker je beschrijving van het lelijke smoelwerk, de moordlust en de heldhaftigheid waarmee de halfnaakte spierbundel Arnold Schwarzenegger de moordende alien uit de titel te lijf ging, hoe hoger je aanzien.
...

Geen idee hoe je vandaag ontzag afdwingt op de speelplaats, maar eind jaren tachtig was je dé man/vrouw als je Predator (1987) had gezien, of deed alsof. Hoe kleurrijker je beschrijving van het lelijke smoelwerk, de moordlust en de heldhaftigheid waarmee de halfnaakte spierbundel Arnold Schwarzenegger de moordende alien uit de titel te lijf ging, hoe hoger je aanzien. Het succes van de eighties-klassieker en videotheektopper van Die Hard-regisseur John McTiernan smeekte om sequels, maar die konden niet overtuigen. Vooral de twee dubieuze mash-ups met Alien, dat andere ruimtewezen, waren nefast voor het prestige van Predator. Om zijn blazoen op te poetsen en de franchise nieuw leven in te blazen, werd Shane Black ingeschakeld. Niet omdat hij in het origineel Rick Hawkins speelde, de beroerde moppentapper die na een uithaal van Predator zijn ingewanden verliest, wel omdat hij een grote meneer is. Black verzon de Lethal Weapon-franchise en werd dankzij zijn scripts waarin humor en verrassende wendingen hand in hand gaan de best betaalde scenarist ter wereld. Met Kiss Kiss Bang Bang, TheNice Guys en het fenomenaal succesvolle Iron Man 3 bewees hij dat hij ook zelf entertainende films kan regisseren. Wie hem inhuurt, moet er wel zijn grote mond en eigenzinnige kijk bijnemen. Van The Predator heeft hij een actiefilm gemaakt die beduidend meer expliciet geweld bevat dan de familievriendelijke superheldenfranchises, maar ook met een royale portie relativerende humor. Al schaamt hij zich niet voor zijn heimwee naar de ruwe jaren tachtig. 'Dat waren toch interessante tijden?' grijnst hij. Deed het je wat, als regisseur-scenarist op de set van The Predator staan, dertig jaar nadat je als groentje Arnold Schwarzenegger bijstond in de originele film? Shane Black: Ik ben snel overgegaan tot de orde van dag. Op zo'n filmset is er geen tijd voor sentiment. Maar toen ik plaatsnam in de regisseursstoel, voelde dat best wel vreemd aan en moest ik inderdaad terugdenken aan dertig jaar geleden. Iemand stelde me toen de vraag wat ik in al die tijd heb bijgeleerd. Het antwoord is: totaal niets. (lacht) Al moet ik zeggen dat de hele ervaring me verjongd heeft. Verjongd? Hoe kan dat nu? Black: Het zal wel met nostalgie te maken hebben, plus een soort heimwee naar het gevoel van opwinding dat mijn jeugdvriend Fred Dekker (tegelijk coscenarist van The Predator , nvdr.) en ik dertig jaar geleden kregen toen we bij de bioscoop aanschoven voor die actiefilms van toen. Maar het leek ons ook gewoon een goed idee om voor old school te kiezen. Old school? Black: Jazeker. Ik breek een lans voor achteruitgang. De look van The Predator sluit opzettelijk meer aan bij de actiefilms van de jaren tachtig dan bij de blockbusters van vandaag. We halen onze neus niet op voor de mogelijkheden die de CGI-technologie biedt. Integendeel, we zijn er dol op. We zijn alleen niet wild van de videogamelook van nogal wat actiefilms. Ik heb het niet voor een camera die overal op, onder of langs vliegt, en voor beelden die onmogelijk door een cameraman kunnen gemaakt zijn. We gebruiken weliswaar CGI, maar hebben The Predator gedraaid zoals oorlogsfilms in de jaren tachtig werden gefilmd. Het is leuk dat jullie niet hebben gekozen voor het kindvriendelijke ersatzgeweld van bijna elke hedendaagse blockbuster. Black: Ha, een medestander! Heb je Logan gezien, met Hugh Jackman als Wolverine? Die was toch veel beter dan al die vorige Wolverine-films, die kinderen toegelaten waren? Daarin zie je Wolverine wel met zijn messen zwaaien, maar je weet niet zeker of hij er zijn tegenstanders mee neersteekt, want dat wordt niet getoond. In Logan daarentegen zie je Wolverine meteen zijn messen door iemands strot rammen. Wat dat betreft, hoop ik dat The Predator wat van Logan heeft. Daarom heeft The Predator ook een R-rating. Het is een poging om terug te keren naar de tijd van brutale fun en dodelijk geweld. Want met een close-up van het monsterlijke gezicht van Predator jaag je geen toeschouwer meer de stuipen op het lijf. Daarvoor is zijn smoel intussen veel te bekend en vertrouwd. Je komt hem verdorie op T-shirts tegen! Wat we wél kunnen doen is het publiek eraan herinneren waaróm de Predator ons destijds zoveel angst inboezemde. Daarom tonen we hem zoals hij oorspronkelijk bedoeld was: als een razendsnelle, meedogenloze, extreem brutale moordmachine. Zullen Logan en The Predator navolging krijgen? Is het einde van de kleuteractie nabij? Black: Ik vrees van niet. Allicht zal het bij een paar uitzonderingen blijven. Ik wilde teruggrijpen naar de attitude van de jaren tachtig. Ik was erbij op de sets van Die Hard en Predator en ik herinner me dat het er soms gortig aan toeging, dat er veel vernield werd en dat er soms aardig wat bloed werd doorgejaagd. Je wist dat je een R-rating zou krijgen, maar dat kon in die tijd probleemloos, zelfs als het een wat duurdere film was. Denk maar aan Terminator 2. Elk kind had die gezien of beweerde die gezien te hebben, maar eigenlijk was dat een R-rated film. Er wordt zelfs een oogbal in doorboord! Nu eisen de studio's PG-13 omdat ze zo veel mogelijk mensen willen aanspreken. Dat is jammer. Ik ben gewonnen voor R-rated films mét een groot budget. Predator is samen met The Terminator een van de bekendere exploten van Arnold Schwarzenegger. Waarom is hij er dit keer niet bij? Black: De studio wilde een nieuwe start en ik was het daarmee eens. De film mocht dus niet om Arnold draaien. We hebben hem wel een rolletje aangeboden, omdat we hem wilden eren. Toen hij vernam dat het om een bijrol ging, heeft hij bedankt. Eigenlijk zit er geen echt grote naam in je film. Was daar geen budget voor of was het een bewuste keuze? Black: Ik ben eerlijk gezegd geen al te grote fan van filmsterren. Sommigen zijn briljant, maar ik werk liever met acteurs die net de neus aan het venster steken. Die geven geen zier om de grootte van hun trailer en de lengte van hun pauzes. Je zou The Predator kunnen omschrijven als Predator vs. The Dirty Dozen, dat zootje ongeregeld uit de brutale oorlogsklassieker met Lee Marvin. Kun je uitleggen waarom dat een beter idee is dan Alien vs. Predator? Black: Het is niet noodzakelijk een beter idee! De studio gelooft er op dit moment niet in, maar de Alien vs. Predator-franchise is niet morsdood. Volgens mij kun je daar ontelbaar vele kanten mee uit. Al moet je het dan wel goed doen. (grijnst)Een van jouw beproefde trucs is dat je je helden in het heetst van de strijd snedige en grappige dingen laat zeggen. Black: Een film moet wervelen en entertainen. Alle ingrediënten moeten in de stoofpot. De plotmechaniek is soms minder belangrijk dan de juiste vorm en balans. In te veel horrorfilms zijn de dialogen afgrijselijk: 'Pas op!' 'Kijk hier!' 'Waar is hij?' Ik vind dat prutswerk. In een goed script staan op elke pagina minstens twee zaken waar je van opkijkt. Daar horen sappige dialogen bij. Een vriend werkt graag op de bus aan zijn scenario's 'omdat je daar hoort hoe mensen echt praten'. Ik begrijp dat niet. Filmdialogen moeten realistisch klinken, maar tegelijk krokant zijn. Je stileert, je laat het béter klinken dan op die bus. Ik bestudeer al jaren filmdialogen. Vooral die van Walter Hill en William Goldman zijn om van te smullen. Goldman is charmant en zet het publiek graag op het verkeerde been. Hij is dol op omkeringen en op personages die slim en grappig zijn. Walter Hill is meer de man van de nauwgezette, messcherpe dialoog. Ik combineer hun stijlen. Die mix van precisie en speelsheid is ideaal. In de jaren negentig was jij de best betaalde filmscenarist. Heb je nog meer tips voor aspirant-scenaristen? Black: Schud op elke pagina iets uit je mouw dat de lezer nieuwsgierig maakt naar het vervolg. Te veel scenario's zijn zo langdradig dat je geen zin hebt om verder te lezen. Je moet beseffen dat de persoon die je scenario leest er makkelijk tien op een dag voor de kiezen krijgt. Als je hem na vijf pagina's nog altijd niet aan de haak hebt geslagen, geeft hij of zij op. Kom dus niet af met oeverloze beschrijvingen en literaire, zelfingenomen teksten. Het is niet de bedoeling dat hij je oeuvre doorgrondt, jij moet hém tegemoetkomen. Schrijf scenario's die hopelijk dwingend zijn, eventueel complex maar die bovenal makkelijk en vlot lezen. We zeggen het voort.