'Sta ik er een beetje goed op?' vraagt Judi Dench me wanneer ze, aan de hand van haar assistente, de hotelsuite binnenkomt en daar een banner van haar nieuwste film Victoria and Abdul ziet. Dat Dame Judi me die vraagt stelt, is niet uit onzekerheid of omdat ze op een complimentje zit te azen. Op haar 82e is haar zicht niet bijster goed meer, en ook al straalt haar blik nog altijd majesteit en autoriteit uit, de beroemde blauwgrijze ogen waarmee ze Lady Macbeth, Queen Elisabeth, Iris Murdoch, James Bonds bazin M. en andere onvergetelijke personages incarneerde laten het alsmaar meer afweten.
...

'Sta ik er een beetje goed op?' vraagt Judi Dench me wanneer ze, aan de hand van haar assistente, de hotelsuite binnenkomt en daar een banner van haar nieuwste film Victoria and Abdul ziet. Dat Dame Judi me die vraagt stelt, is niet uit onzekerheid of omdat ze op een complimentje zit te azen. Op haar 82e is haar zicht niet bijster goed meer, en ook al straalt haar blik nog altijd majesteit en autoriteit uit, de beroemde blauwgrijze ogen waarmee ze Lady Macbeth, Queen Elisabeth, Iris Murdoch, James Bonds bazin M. en andere onvergetelijke personages incarneerde laten het alsmaar meer afweten. Scripts leest Dench al een poos niet meer ('men leest ze me voor') en zich alleen verplaatsen lukt niet langer ('ik waggel als een dronken oud vrouwtje'), maar van stoppen wil de Britse film- en theaterlegende niet weten. Zo is ze dit najaar te zien in Tulip Fever, een kostuumromance die enkele weken geleden in de zalen kwam, en in de remake van Agatha Christies klassieke whodunit Murder on the Orient Express, met Kenneth Branagh, Johnny Depp, Penélope Cruz en ander al dan niet moordlustig volk aan boord. Vanaf volgende week speelt Dench ook de hoofdrol in de royaal met sociale satire geparfumeerde biopic Victoria and Abdul. Het is, na Mrs Henderson Presents (2005) en Philomena (2013) al haar derde film met de Britse regisseur Stephen Frears. In de op feiten gebaseerde dramady, gebaseerd op het gelijknamige boek van de Indiase journaliste Shrabani Basu, zet ze de kroon van de corpulente, knorrige Queen Victoria op. Die bloeit op haar oude dag opnieuw open door toedoen van ene Abdul Karim. Hij was een jonge, charmante lakei van bescheiden Indiase komaf die de koningin, die van 1837 tot 1901 over het Britse Rijk en de Indiase kolonies regeerde, Indiase Urdu leerde - de taal van de moslims. Bovendien schopte Abdul het, tot afgrijzen van Victoria's zoon Edward VII en haar entourage, zelfs tot haar 'munshi' of moslimleraar, en resideerde hij een paar jaar op Buckingham Palace. Samen met zijn twee in boerka gehulde vrouwen. 'Based on true events. For the most part' laat de generiek in het begin weten. Wat is feit en wat is fictie? Judi Dench: Zelf ken ik niet alle details. Die moet je aan Stephen of aan scenarist Lee Hall vragen, maar alles wat je in de film ziet, is echt gebeurd. Alleen niet noodzakelijk in die volgorde. Of met die woorden. Er zijn foto's bekend van Victoria en Abdul, haar dagboeken in het Urdu bleven bewaard en we weten dat hij ongekende privileges van haar kreeg. Hij had een privékoets, mocht naast haar zitten in de opera en verbleef verschillende jaren aan het hof. Dat was zeer tot ongenoegen van Victoria's entourage, want Abdul kwam uit een lagere klasse, hij was Indiër én hij was moslim. Hun vriendschap druiste in tegen alle regels van het protocol. Dat is de reden dat het hof er na hun dood alles aan gedaan heeft om Abdul uit de geschiedenisboeken te wissen. Men heeft archieven en brieven vernietigd, en zo bleef het verhaal lange tijd onbekend. Tot Shrabani Basu er een boek over schreef en het 'geheim' opnieuw onder de aandacht bracht. Waarom was Victoria zo genereus voor Abdul dat ze er zelfs conflicten met haar familie voor riskeerde? Dench: Abdul plezierde haar. Hij schonk haar genot. Haar leven bestond, zeker na de dood van haar echtgenoot, enkel uit routine. Hij hielp haar daar even aan te ontsnappen. Ze vond in hem ook iemand met wie ze over alles op gelijke voet kon praten. Dat kon ze zelfs niet met haar kinderen. Ze was enkel omringd door jaknikkers, door mensen die belangen te verdedigen hadden. Ze zag Abdul graag. Als een ersatzmoeder, maar voor haar was hij ook een intieme vriend en een aantrekkelijke jongeman. Nu ik haar leeftijd heb en zelf een poosje weduwe ben, begrijp ik Victoria perfect. Ik ben er zeker van dat Abdul haar levensduur heeft verlengd. Het is niet omdat je oud bent dat je bepaalde appetijten verliest. Je kunt Victoria's eenzaamheid dus begrijpen? Dench: Absoluut. Dit jaar alleen al ben ik mijn oudste broer verloren, én zeven van mijn beste vrienden, onder wie twee met wie ik begonnen ben in het National Theatre. Alan MacDonald, de production designer van deze film, overleed een paar weken geleden nog. (pinkt een traan weg, maar houdt zich kranig) Oud worden is klote, beste jongen. Is dat de reden waarom je blijft acteren, omdat het je houvast biedt? Dench: Dat is het altijd geweest. Ik herinner me nog dat op een bepaald moment iedereen de Aziatische griep had in The Old Vic, waar ik op dat moment Ophelia speelde. Ik was zelf ook ziek en begon te huilen tijdens een scène, waarop John Neville, die Hamlet speelde, me apart nam en zei: 'Als je het niet kunt brengen, breng het dan niet. Het publiek heeft niet betaald om je te zien snotteren. Zoveel emotie eist geen enkele rol.' Die woorden zijn me altijd bijgebleven. Acteren kan emotioneel slopend zijn, maar het geeft je houvast, een inkomen en zin in het leven. In 2001, toen mijn man net was overleden, heb ik drie films na elkaar gedaan. The Shipping News, daarna Iris, en vervolgens The Importance of Being Earnest. Dat heeft me toen heel veel deugd gedaan. Rouwen vergt veel energie, maar je kunt het ook gebruiken als brandstof. Je sublimeert het, maakt het nuttig. Dat heb ik dit jaar opnieuw gedaan. Met deze film en met Murder on the Orient Express. Je wentelen in zelfbeklag, daar heb je niets aan, en je kunt het de mensen om je heen ook niet aandoen. Ondanks je slechte zicht blijf je wel heel actief. Waar blijf je de kracht vandaan halen? Dench: Uit de pillen die mijn dokter me voorschrijft. (lacht) Nee. Het is lastig. Heel lastig, bij momenten. Maar ik pas me aan. Ik moet wel. Wat moet ik anders? Zitten wachten tot het licht helemaal uitgaat? Nee, dank je. Voor de rest ben ik fysiek oké, men blijft me vragen voor interessante rollen en ik doe nog altijd graag wat ik ondertussen al zestig jaar doe. (wijst naar de filmposter) Die grijze vlek met die kroon op het hoofd? Dat moet ik wel zijn. Je wordt slim in dingen deduceren als je niet meer goed ziet. Je leert je te behelpen. Precies twintig jaar geleden vertolkte je al een keer Queen Victoria in Mrs Brown van John Madden. Ook die film ging over haar ongewone vriendschap met een man uit een lagere klasse, in dat geval haar Schotse bediende John Brown. Is dit een soort sequel? Dench: Het zou een mooie double bill zijn, niet? Met een koninklijk diner tussenin. Op het einde van haar leven was Victoria heel erg dik geworden. Eten was een van haar weinige geneugtes. Ze propte zich elke dag vol. Vijf gangen, drie keer per dag. Het is een wonder dat ze zo oud geworden is. Maar er zijn wel meer verrassende aspecten aan haar leven. Ze staat bekend als streng en conservatief. Dat zijn de dingen die we met het victoriaanse tijdperk associëren, maar het is bekend dat ze vriendschappelijke relaties had met jonge mannen, en dat ze mensen uit lagere klassen tot haar entourage toeliet. Haar privéleraar was nota bene een moslim uit de kolonies. Het was een kranige, eigengereide dame die zich door niemand de les liet spellen. En wie zegt dat ze ook niet van seks hield? Het is niet omdat de geschiedenisboeken haar afschilderen als een puriteinse vrouw dat dat beeld ook klopt. Ook haar imago was een product van haar tijd. Praktische vraag. Als je geen scripts meer kunt lezen, waarop baseer je je keuzes dan? Dench: Op de mensen met wie ik werk. Ik ken Stephen al jaren. Op mijn vorige rollen. En ook op de praktische kanten, gelet op mijn fysieke toestand. In Murder on the Orient Express moet ik in een coupé zitten, samen met Olivia Colman en twee honden. In een neptrein in een studio in Londen. Dat kan ik nog wel aan. (lacht)In die film speelt ook Johnny Depp. Dench:(enthousiast) O, Johnny. Wat een mooie vent. Net als Ali Fazal, die Abdul speelt, trouwens. Ook dat is een cutie. En slim, en grappig en charmant. We zijn tijdens de opnames echt vrienden geworden. We gingen wandelen in de koninklijke tuinen van het Osborne House op het Isle of Wight, hielden er onze theepauzes samen, zoals onze personages destijds ook deden. Het was fantastisch om daar te kunnen filmen, in Victoria's echte werkkamer, in de slaapkamer waar ze in 1901 is overleden. De bomen waar we op uitkeken stonden daar in haar tijd ook al. De geschiedenis kwam tot leven en was plots heel erg dichtbij, zelfs al zijn alle spullen die je in de film ziet gemaakt uit piepschuim. Al mocht ik dat misschien niet verklapt hebben. Murder on the Orient Express is geregisseerd door Kenneth Branagh, met wie je verschillende Shakespearestukken hebt gedaan. Was het een blij weerzien? Dench: Zeker. Het is de tiende keer dat we samenwerken. Ik heb hem nog geregisseerd in het theater, in Much Ado About Nothing. Hij was een ondeugende jongen, maar hij was toen al heel getalenteerd. Ik heb veel lol beleefd aan Murder on the Orient Express. Ik heb Johnny Depp ontmoet. Ik heb twee honden manieren geleerd. En we zijn met de trein naar Venetië en Istanboel gereden. Als je dat laatste gelooft, dan geloof je alles, mijn lieve jongen. (lacht)Je bent al zestig jaar actief. Zijn er rollen die er voor jou bovenuit steken? Dench: Ja. De rollen die ik makkelijk vond, want zo talrijk zijn die niet. Ik heb acteren altijd lastig gevonden. Hard werken. Ik ben nooit een natuurtalent geweest. Ik heb me altijd in teksten en personages moeten vastbijten, en ik was geen schoonheidskoningin. Ik heb het altijd op karakter moeten doen. Ik vind naar mezelf kijken soms pijnlijk. Ik denk nog altijd graag dat ik een mooi meisje van in de veertig ben, maar dan zie je dat oude mens... (valt even stil) Veel van mijn films heb ik daarom nooit gezien. In het theater kun je werken aan een rol. Als het de ene dag niet lukt, kun je morgen beter doen. Het is een voortdurend work in progress, tot en met de laatste opvoering. In film gaat het om momentopnames. Het moet goed zijn in een paar takes en dan liggen die voor de eeuwigheid vast. Ik zag Victoria & Abdul gisteren voor het eerst in afgewerkte versie en er waren verschillende dingen die ik nu anders zou aanpakken. Maar goed: nu is het te laat. Ben je na zeven Oscar- en twaalf Golden Globe-nominaties, plus al die andere prijzen, nog altijd zo onzeker over jezelf? Velen zien je zelfs als een Brits nationaal monument. Dench:(gespeeld verontwaardigd) Als een wat? Ga nu meteen je mond spoelen, jongeman. Een monument is iets van vroeger, iets uit een vitrine met een dikke laag stof op. Ik ben oud, geen fossiel. Het was als compliment bedoeld, maar mijn oprechte excuses. Je bent vooral gelauwerd vanwege je meer serieuze werk, maar je hebt in de James Bond-films ook acht keer MI5-directeur M. vertolkt. Hoe was het om een vast personage in 's werelds grootste spionagefranchise te zijn? Dench: Heerlijk. Het is ook leuk om terug te keren naar een filmpersonage en er telkens met andere schrijvers en regisseurs aan te werken. Ik kende niets van Bond toen mijn agente me indertijd het script van GoldenEye (1995) liet lezen, maar mijn echtgenoot (acteur en schrijver Michael Williams, nvdr.) vond het geweldig en zei me dat ik het absoluut moest doen. Zo kon hij tegen zijn vrienden opscheppen dat hij met een bondgirl was getrouwd. (lacht) Ik heb hem zijn pleziertje maar gegund, en ik heb het ook altijd leuk gevonden om te doen. Voor mijn kleinkinderen was ik meteen de coolste oma. Ook mijn dochter Finty was in de wolken. Die mocht tijdens GoldenEye Pierce Brosnan ontmoeten en ze stond te zwijmelen als een bakvis. Het was bijna onfatsoenlijk. Zo heb ik haar niet opgevoed. (lacht)