Eindelijk een film van Steve McQueen die je voor het plezier twee keer na elkaar kunt bekijken. Geen kwaad woord over de Britse videokunstenaar die zich met succes omschoolde tot filmregisseur, maar lichte kost serveerde hij tot nog toe niet. Zijn debuutfilm Hunger is inmiddels tien jaar oud en de plastische uitbeelding van de hongerdood van IRA-gevangene Bobby Sands zindert nog altijd na. Shame toonde hoe een seksverslaving een Manhattanite leegzuigt en zijn slavernijdrama 12 Years a Slave, waarvoor hij als eerste zwarte regisseur de Oscar voor beste film won, was meesterlijk maar ook misselijkmakend. De opeen...

Eindelijk een film van Steve McQueen die je voor het plezier twee keer na elkaar kunt bekijken. Geen kwaad woord over de Britse videokunstenaar die zich met succes omschoolde tot filmregisseur, maar lichte kost serveerde hij tot nog toe niet. Zijn debuutfilm Hunger is inmiddels tien jaar oud en de plastische uitbeelding van de hongerdood van IRA-gevangene Bobby Sands zindert nog altijd na. Shame toonde hoe een seksverslaving een Manhattanite leegzuigt en zijn slavernijdrama 12 Years a Slave, waarvoor hij als eerste zwarte regisseur de Oscar voor beste film won, was meesterlijk maar ook misselijkmakend. De opeenvolgende zweepslagen die het vel van een rug wegkletsen tot wervels bloot komen te liggen, doen nog pijn. McQueen doet geen poging om daar nog over te gaan en schuift zijn obsessies voor aftakelende lichamen dit keer opzij voor een film die wel verteerbaar is. Niet dat Widows - mee gepend door Gillian Flynn, de succesauteur achter Gone Girl en de serie Sharp Objects - nu ineens een dijenkletser is, maar hij is wel gemodelleerd naar een heist movie en bevat al wat daarbij hoort: ingenieuze kraakplannen, stijgende spanning, ontploffende bestel-wagens, slinkse complotten, grove plotwendingen, gangstergeweld, hoogverraad en Liam Neeson in een boevenplunje. Een ensemblecast om u tegen te zeggen - een opsomming van alle kleppers duurt te lang - brengt elk personage tot leven, maar Viola Davis spant de kroon. Dat komt goed uit, want rond haar personage draait de mallemolen. Zij zoekt de weduwes op die net als zij in de rats zitten omdat hun mannen sneuvelden tijdens een fout afgelopen overval. Met een grote kraak willen ze een einde maken aan hun problemen. 'We hebben veel werk voor de boeg. Huilen staat niet op de lijst,' zegt Davis stoer, 'en onze grootste troef is dat niemand denkt dat we hier de ballen voor hebben.' Met de feministische insteek wordt niet gepronkt. De weduwes zijn geen belachelijke superheldinnen. Davis' personage is van graniet en net daarom grijpt het zo aan wanneer je een glimp opvangt van haar grote verdriet. Het zijn momenten die de film verheffen. Widows onderscheidt zich niet met de plot van het gros van de hedendaagse genregenoten, maar met een grotere, grimmige geloofwaardigheid. McQueen voegt een flinke snuif sociaal realisme aan de genremix toe zonder het enorme talent van cameraman Sean Bobbitt te onderbenutten. Slimme locatiekeuzes aarden de sombere film, gebaseerd op een Britse jarentachtigserie, in het geplaagde Chicago van vandaag. Thema's als politieke en kerkelijke corruptie, gesol met sociaal achtergestelde buurten, partnergeweld, verkiezingsgeweld, de misdaadeconomie en racisme vormen de heel erg hedendaagse context. Een film die thrills, reflectie én kijkplezier combineert en dus ook nu aanleiding geeft tot een uit volle borst gezongen 'God save McQueen.'