Laissez bronzer les cadavres
...

2018 is nog geen twee weken oud en meteen blijkt dat er in de beste Belgische films ook dit jaar weer Frans gesproken zal worden. Na de prima gangsterfilm Tueurs van François Troukens en Jean-François Hensgens is er nu ook de bloedmooie stijloefening Laissez bronzer les cadavres van Hélène Cattet en Bruno Forzani. Het koppel uit Brussel prijkte eind december dus niet toevallig in het mensen-die-volgend-jaar-van-succes-verzekerd-zijn-lijstje dat The Guardian jaarlijks publiceert. Genrefans volgen de twee al sinds ze met Amer (2009) en L'étrange couleur des larmes de ton corps (2013) op geheel eigen wijze de Italiaanse exploitatiefilms uit de jaren zestig en zeventig eerden. Met hun derde film, een adaptatie van de gelijknamige Série noire-misdaadroman van Jean-Pierre Bastid en Jean-Patrick Manchette, zoeken ze hun inspiratie niet in de giallo, maar in de heistfilm en de spaghettiwestern. Uiteraard worden de pistoolschoten op de klankband dan begeleid door muziek van Ennio Morricone. Die schoten komen overigens uit de geweren van de overvaller Rhino en de bende misdadigers met wie hij 250 kilogram goud steelt en onderduikt op het mediterrane domein van een vijftigjarige kunstenares. Het is niet bepaald een spoiler om te melden dat zulks niet eindigt in een gezellige namiddag vol strandpret aan de Middellandse Zee. In het boek van Bastid en Manchette begint elk hoofdstuk van het verhaal, dat zich volledig op één dag afspeelt, met een tot op de minuut precieze tijdsaanduiding van de actie. Cattet en Forzani nemen die truc over om enige structuur te brengen in een narratief dat ze verder integraal ontleden, om het daarna met puur cinematografische middelen weer in elkaar te draaien.Het duo wordt weleens verweten dat ze stijl steeds op inhoud laten primeren, maar met hun slimme mise-en-scène, hun verfrissend visuele vertelkunst en hun oog (én oor) voor prikkelende details tonen ze dat beide niet los van elkaar kunnen bestaan. Bovendien dompelen ze elk mogelijk genrecliché zo lang onder in het bad van hun levendige en uiterst bizarre fantasie dat het er alleen maar uit kan komen als een beeld dat langer bijblijft dan de details van het verhaaltje. Laissez bronzer les cadavres is soms iets te vol van zichzelf en van zijn cinefiele invloeden, maar Cattet en Forzani maken er nooit een leeg, tarantinesk rondje Raad het plaatje van. Met elke beeldende keuze die ze maken bewijzen ze hun absolute geloof in de geschiedenis van de cinema en voegen ze er een fraaie laag aan toe.