'The bird a nest, the spider a web, man friendship.' Het is met die plastische woorden van de Britse bard William Blake dat Kelly Reichardt haar al even plastische film opent, een exploratie van camaraderie en dagelijkse bekommernissen in het Amerika van de vroege negentiende eeuw.
...

'The bird a nest, the spider a web, man friendship.' Het is met die plastische woorden van de Britse bard William Blake dat Kelly Reichardt haar al even plastische film opent, een exploratie van camaraderie en dagelijkse bekommernissen in het Amerika van de vroege negentiende eeuw. Met het meeslepende Meek's Cutoff (2011) verkende Reichardt, die doorbrak met de kleinoden Old Joy (2006) en Wendy and Lucy (2008) en momenteel met haar fetisjactrice Michelle Williams de kunstenaarskomedie Showing Up aan het schieten is, al eerder een keertje het mythische Wilde Westen. Dat leverde toen een uitgepuurde, uitgesproken feminiene antiwestern op, en ook First Cow wordt vakkundig ontdaan van gunslingers, shoot-outs en andere archetypische genre-elementen. In plaats daarvan kiest Reichardt voor een bedrieglijk simpel verhaal dat gevat wordt in intiem en onopgesmukt naturalisme. Alsof je de koeienvlaaien kunt ruiken en de modder aan je voeten voelt kleven. Dat verhaal vertelt over Otis 'Cookie' Fitzgerald (John Magaro), een sjofele stroper die anno 1820 de Chinees King-Lu (Orion Lee) ontmoet, een zo mogelijk nog grotere outsider in het pioniersland of the free. Toch ruikt het duo de kans om fortuin te maken met de verkoop van boter en melk. Als ze maar een koe hadden, tenminste. Reichardt, die zich losjes baseerde op de roman The Half-Life van haar vaste coscenarist en partner Jon Raymond, opent haar fabel over het afbakenen van een nationale en persoonlijke identiteit in het hier en nu met een dreigend shot van een olietanker en een vrouw die lijken in de grond vindt, vermoedelijk die van de twee eeuwen daarvoor overleden Otis en King-Lu. Daardoor plant Reichardt Amerika's verleden, met zijn racistische roots, stringente individualisme en obsessie met geld en status, al in de proloog in het gecontesteerde heden. Zoals we van haar gewend zijn, doet ze dat op een subtiele manier en zonder de megafoon boven te halen. Alles aan First Cow is klein, subtiel en ingetogen. De details waarmee het dagelijks (over)leven in de Far West wordt weergegeven. Het spel van de acteurs, die beseffen dat hun warmhartige personages toch nooit de helden van een western van Clint Eastwood zullen worden. En het benepen 4:3-beeldformaat, dat Reichardt bijna altijd bezigt. Dat doet je niet naar het Wilde Westen kijken via monumentale panorama's van ruige rotsen en zinderend hete woestijnen, maar met fragiele frames van bossen, weiden, schrale pioniersdorpen en personages die door de marge van een machomaatschappij dolen en allang blij zijn als ze melk uit uiers krijgen geperst. Dat alles resulteert in een atypische maar niet te missen cowboyfilm. Vanaf 9 juli kunt u hem bekijken op het cinefiele streamingplatform Mubi, al kunt u natuurlijk ook wachten tot 29 juli. Dan komt First Cow ook in de bioscopen, daar waar deze kleine grootse ballade over broeders op de prairie pas volledig tot haar recht komt. Zet je stetson alvast op.