Met Winter's Bone, goed voor vier Oscarnominaties en een karrenvracht prijzen, prikte Debra Granik zichzelf vanuit het Amerikaanse independentcircuit op de internationale regiekaart. Granik draaide daarna één bescheiden documentaire ( Stray Dog, over een Vietnamveteraan en rabiate hondenliefhebber), tot vorig jaar Leave No Trace in première ging, het waargebeurde verhaal van een vader die sinds zijn tour of duty aan posttraumatische stress lijdt en samen met zijn puberdochter Tom tracht te overleven in de bossen van Portland, Oregon, ook al maken de sociale diensten jacht op hen. In de hoofdrollen herkent u Ben Foster als Will, de veteraan en drop-out die vrijwillig de rafelranden en natuurparken van de Amerikaanse samenleving opzoekt, als een soort pacifistische, ecologisch bewuste alt.leftversie van John Rambo. En er is de achttienjarige Thomasin McKenzie, die diens dochter Tom vertolkt, en in navolging van J-Law een grote carrière tegemoet gaat.

Er is in de VS óók een stille, groene revolutie aan de gang. Daarvan wil ik getuigen.

In Cannes werd de film op lovende kritieken onthaald, hij dook in de VS meermaals in eindejaarslijstjes op en Jane Campion vond het de beste film van vorig jaar, maar Graniks derde langspeler - ze debuteerde in 2004 met het junkieportret Down to the Bone - kreeg in België geen reguliere release. Daar hebben wij dus een mouw aan gepast: Leave No Trace kunt u in onze Please Release Me-reeks nu toch in enkele bioscopen zien. Duikt u even mee het bos in.

Debra Granik: Thomasin komt uit Nieuw-Zeeland en had een rolletje in The Hobbit. De meeste Amerikaanse actrices van haar leeftijd bleken te zelfbewust en meer bezig met hun carrière dan met hun rol. Ik kan alleen maar werken met acteurs die zich volledig geven. Thomasin was niet bang om zich vuil en lelijk te maken.

Hoe bedoel je precies?

Granik: Voor de opnames zijn Ben en Thomasin op survivalkamp geweest. Ze leerden vuur maken, drinkwater opvangen, een hut bouwen... Drop hen in de bossen en ze weten hoe ze moeten overleven. Dat zorgt voor een niveau van naturalisme en intensiteit dat je anders nooit zou kunnen bereiken. Bovendien hebben we in chronologische volgorde gedraaid, wat me om praktische en financiële redenen nooit eerder gelukt was. Het ding is: waarom zou je de realiteit nabootsen als je ze ook organisch kunt integreren? In die zin zijn mijn films meer Europees dan Amerikaans. De Dardennes, Mike Leigh, Laurent Cantet, Ken Loach: dát zijn mijn inspiratiebronnen.

Hoe ben je op het straffe verhaal van Will en Tom gebotst?

Granik: De basis voor het script is de roman My Abandonment van Peter Rock, dat op zijn beurt gebaseerd is op een krantenartikel uit 2004. Dat had als kop: vader en dochter gevonden die jaren in een boshut in Forest Park bij Portland woonden. Ik zag er een veellagig familiedrama in over mensen in de marge en over kinderen die te vroeg volwassen moeten worden. Net als Jennifers personage in Winter's Bone, dat voor haar moeder, broertje en zusje moet zorgen, is het hier Tom die voor haar vader zorgt, in plaats van andersom. Het probleem is dat je iemands volwassenwording niet kunt forceren, hoe graag je die persoon ook ziet.

Waar komt je fascinatie voor mensen uit de marge vandaan?

Granik: In Amerika zijn er tienduizenden mensen die uit vrije wil tegen de sociale constructies ingaan. Ik wil weten waarom ze dat doen en hoe ze dat doen. Ik heb van nature sympathie voor outsiders. Daarom ben ik als filmmaker nooit van mijn pad afgeweken, ook niet na het succes van Winter's Bone. Ik blijf kleine films maken over mensen die geen stem krijgen in de mainstreamcinema, hoewel ze óók de toekomst van Amerika mee vormgeven. Aan de rechtse kant van het spectrum heb je de Trump-aanhangers, die ook tegen het establishment zijn, maar die krijgen al genoeg aandacht. Aan de linkse kant heb je een even grote groep mensen die zich afzet tegen de digitale hegemonie, die ecologisch bewust wil leven en die beseft dat geluk niet gelijkstaat met lagere olieprijzen en veel consumptiegoederen. Tussen al het geschreeuw en getweet van Trump en zijn aanhang in is er een stille, groene en alternatieve revolutie in de maak in Amerika. Daar wil ik van getuigen.

Er zijn nog altijd beduidend minder vrouwelijke regisseurs dan mannelijke. Wanneer breekt de genderrevolutie eindelijk aan?

Granik: In het onafhankelijke filmcircuit zijn de genderverhoudingen fiftyfifty. Aan mijn films werken evenveel vrouwen als mannen mee. Het probleem begint wanneer de budgetten en de schaal groter worden, maar er is beterschap merkbaar. Time's Up gaat over meer dan MeToo of seksuele intimidatie. Het gaat over vrouwen gelijke lonen en kansen geven. Het gaat over hen toelaten tot de hoogste beslissingsniveaus. Het zal nog een poos duren vooraleer gendergelijkheid een feit is, maar de beweging die nu is ingezet kun je niet meer keren. Te veel mensen zijn er zich nu bewust van. Het is zoals president Abraham Lincoln ooit zei: 'You can fool all the people some of the time, and some of the people all the time, but you cannot fool all the people all the time.'

Debra Granik

Geboren op 6 februari 1963 in Cambridge, Massachusetts. Groeit op in Washington, DC. Woont en werkt al jaren in New York.

Kleindochter van tv-en radiopionier Ted Granik, die tussen 1934 en 1956 tal van politieke praatprogramma's hostte.

Heeft tot nu toe drie fictiefilms gemaakt: Down to the Bone (2004), Winter's Bone (2010) en Leave No Trace (2018).

Leave No Trace

Te zien in Cinema Zuid, Antwerpen (22-24/2), Cinema Zed, Leuven (21/2), kunstencentrum Buda, Kortrijk (21+26/2), KaskCinema, Gent (27/2) en Roxy Theatre, Koersel (precieze datum nog niet bekend). Alle info: pleasereleaseme.be