Ga er maar aan staan, carrière maken als filmregisseur met een vader die in de jaren tachtig een gigantische hit scoorde met Ghostbusters (1984), een vader ook die spierbundel Arnold Schwarzenegger transformeerde in een komiek met Twins (1988) en Kindergarten Cop (1990), ook al kaskrakers.
...

Ga er maar aan staan, carrière maken als filmregisseur met een vader die in de jaren tachtig een gigantische hit scoorde met Ghostbusters (1984), een vader ook die spierbundel Arnold Schwarzenegger transformeerde in een komiek met Twins (1988) en Kindergarten Cop (1990), ook al kaskrakers. Jason Reitman ging eraan staan. Toch na een korte zijsprong. 'Hoewel ik van jongs af aan zielsveel van film houd en verschrikkelijk graag verhalen vertel, was ik vertrokken voor studies geneeskunde', legt hij uit. 'Mijn vader gaf me de moed om toch te proberen om filmmaker te worden. Van bij het begin was hij voor mij een klankbord. Hij heeft ál mijn scenario's gelezen. Ook de eerste, verschrikkelijke probeersels. Hij is een van de grootste vertellers, ik kon me geen betere leermeester wensen.' Zelf naam maken bleek bovendien een makkie. Zijn regiedebuut Thank You for Smoking (2005), een satire over een lobbyist van de tabaksindustrie, kreeg meteen applaus. Nummer twee was meteen ook een blijver: Juno (2007), een ontwapenende komedie over een ongewenst zwangere tiener, leverde Reitman een nominatie voor beste regisseur op en scenariste Diablo Cody een Oscar. Met hun tweetjes componeerden ze nog twee goudeerlijke films met glansrollen voor Charlize Theron als door de tijd genadeloos ingehaalde prom queen (Young Adult) of ploetermoeder (Tully). Met The Front Runner - in de VS kwam de film tweeënhalf jaar geleden uit, hier is hij sinds kort op Netflix te zien - waagt Reitman zich aan politiek drama. Een uitstekende Hugh Jackman speelt Gary Hart, in 1987 de gedoodverfde kandidaat om voor de Democraten deel te nemen aan de Amerikaanse presidentsverkiezingen, tot hij genekt werd door een schandaal. Vol afschuw voor de ongezien grote mediabelangstelling voor een buitenechtelijke affaire met de twintig jaar jongere Donna Rice gooide Hart de handdoek in de ring. Reitman ziet er een kantelmoment in. Jason Reitman: Gary Hart was slim, charismatisch, vooruitziend en welbespraakt. Hij kende het politieke landschap door en door en was perfect op de hoogte van de situatie in Rusland of het Midden-Oosten. Hij voorzag vóór anderen dat computers voor een revolutie in de economie en het onderwijs zouden zorgen. Kortom, een schitterende presidentskandidaat maar we mogen niet blind zijn voor zijn gebreken. Hij was ook een womanizer. Hij was er heilig van overtuigd dat zijn persoonlijk leven er niet toe deed en dat de pers het niet over zijn privéleven mocht hebben. De natie besliste daar anders over. De vragen die Harts verhaal oproept, zijn exact de vragen waar we de voorbije tijd mee worstelden. Waarom willen we alles weten over het privéleven van een president? Welke gebreken zien we bij onze leiders door de vingers? Welke kunnen niet door de beugel? Waar trek je voor toppolitici de grens tussen privé en openbaar? Welke verantwoordelijkheid hebben de media? Had Hart geen punt? Toen na jaren mediastilte daaromtrent uitkwam dat de Franse president François Mitterrand een buitenechtelijke dochter had, wimpelde hij dat met twee woorden af: 'Et alors?' Zo'n privézaak wordt pas relevant als ze interfereert met je politiek. Reitman: Of, zoals in Donalds Trumps geval, als het om serieuze zaken zoals aanranding en intimidatie gaat. De grens tussen privé en publiek belang is dun en verschuift met de jaren. Toen de Monica Lewinsky-affaire president Bill Clinton in nauwe schoentjes bracht, vroegen veel progressieven zich luidop af waarom Amerika niet meer zoals Frankrijk kon zijn. Waarom nemen wij geen genoegen met een 'et alors'? Maar vandaag zouden we volgens mij heel anders praten over Monica Lewinsky. Ze zou minder beschimpt worden en meer als het heldhaftige slachtoffer gezien worden. We gaan niet langer licht over intimidatie of relaties op het werk met een persoon in een machtspositie. Tijden veranderen. Hart kwam zelf uit het tijdperk waarin Amerika's leiders bijna ongestoord konden flikflooien. Reitman: Dat kwam er nog eens bij. Hart was ouder dan de babyboomers. Hij had de tijd van een heel amicale omgang tussen journalisten en politici nog gekend. Journalisten wisten van vele slippers en affaires maar hielden dat principieel voor zich. Hart had niet door dat die tijd definitief voorbij was. Het kantelde in de media. De nieuwe generatie journalisten was opgegroeid met het verhaal van Bob Woodward en Carl Bernstein, de journalisten die president Nixon tot ontslag hadden kunnen dwingen, en weigerde om zomaar in de pas te lopen. CNN gaf zijn correspondenten satelliettelefoons mee zodat ze van overal, 24 uur per dag, verslag konden uitbrengen. Wat is jouw engste ervaring met de media? Reitman: TMZ (een onlinetabloid, nvdr.) vond het nodig om een item aan mijn scheiding te wijden. Ik vond dat op dat moment ontzettend onbeschoft. Ik wist dat mijn ex-vrouw het zou lezen en dat ze op het stuk aangesproken zou worden, terwijl ze daar helemaal niet om heeft gevraagd. Misschien dat mijn dochter het ooit onder ogen krijgt. Dat had ik liever vermeden. De sociale media hebben het speelveld voor de klassieke media nog tien keer zo complex gemaakt. Reitman: Ja. Wat breng je, wat breng je niet: met die vraag worstelen journalisten sinds dag één en dat zal nooit veranderen. Maar we zijn inderdaad in een nieuwe situatie beland. Nieuws, fake of niet, verspreidt zich ook zonder de klassieke media. Verkozenen hebben via sociale media zoals Twitter een rechtstreekse lijn met hun aanhangers en maken daar zeer gretig gebruik van. Misbruik, in sommige gevallen. Journalisten werken ondertussen voor media die geen sluitingsuur meer kennen en in real time feedback krijgen. Een onderwerp dat veel likes en clicks krijgt, wordt bijna automatisch breed uitgesmeerd. Met het fenomeen van de clickbait zijn we intussen allemaal vertrouwd. Volgens mij zitten we in een storm en moeten we uitklaren wat we van de journalistiek mogen verwachten en hoe je de media financieel in leven houdt. Heeft de lezer, de kijker, de gebruiker ook geen verantwoordelijkheid? Reitman: We liken en klikken zoals we liken en klikken. De mens is een nieuwsgierig beestje. We willen de laatste roddels kennen. Zo zijn we. Ik vind mezelf een beschaafd mens maar ik moet toegeven dat ik ook van nieuwtjes hou. Het volk liet destijds duidelijk merken dat het Harts verhaal tot in de details wilde kennen. Wat moet een krant dan doen? De enige zijn die er niet over bericht? Straal negeren waar de rest van het land de mond van vol heeft? Ook de gewone burger heeft boter op het hoofd. Politiek is entertainment geworden. We praten over politiek zoals we over een aflevering van The Sopranos praten. We zien onze politieke leiders niet als beleidsmaker met een bepaalde visie die hun kiezers vertegenwoordigen en hun land dienen maar als personages in een nooit ophoudende dramaserie die 24 uur per dag op de nieuwszenders loopt. Komt dat nog goed? Hebben de media de weg geplaveid voor Donald Trumps presidentschap? Reitman: Ik ben maar een filmregisseur. Ik weet niet wie precies verantwoordelijk was voor het monster in het Witte Huis, maar ik heb me wel afgevraagd hoe Amerika zo diep is kunnen vallen. En naar mijn aanvoelen loont het om daar Harts verhaal bij te nemen. Werkelijk niemand in de VS gelooft nog dat het politieke systeem werkt. Dat vonden zelfs de Republikeinen toen ze het voor het zeggen hadden in het Witte Huis, het parlement én het Hooggerechtshof. Geen ethisch, logisch denkend persoon vindt ons politieke systeem deugen. Ik bedoel het niet kwaad maar na Juno, Young Adult en Tully zag ik in jou niet meteen een politiek dier dat een dertig jaar oud schandaal onder de loep neemt. Reitman: Dat ben ik ook niet. Ik herinnerde me Hart amper. Ik was destijds te jong om fel met de zaak bezig te zijn. Ik had het scenario nooit kunnen schrijven zonder de inbreng van twee coscenaristen met bakken ervaring: een journalist die voor The New York Times Magazine vijf presidentschappen van nabij gevolgd heeft en de persman van onder meer Hillary Clinton en Howard Dean (voormalig gouverneur en voorzitter van het Democratic National Committee, nvdr.). Zij waren de insiders, ik de outsider. Wat hield jou eind jaren tachtig wel bezig? Nam je vader je soms mee naar zijn filmsets? Reitman: Voortdurend. Van het Hart-schandaal kon ik me niet veel herinneren maar dat ik in 1988 ronddartelde op de sets van Twins en Ghostbusters II staat in mijn geheugen gegrift. Wat wil je? Op die leeftijd Arnold Schwarzenegger ontmoeten, dat was wat, hoor. Zelfs voor een verwend kind als ik. Ook aan Ghostbusters II bewaar ik geweldige herinneringen. Wist je dat ik in beide films ook heb meegespeeld? (als kleinzoon van een de vaders van de Twins en als brutaal nest in het begin van Ghostbusters II , nvdr.)Vond je dat leuk? Reitman: Totaal niet. Ik vond dat verschrikkelijk. Ik schaamde me. Ik was elf. Waar heb je op die leeftijd aandacht voor? Ik vroeg me nieuwsgierig af welke richting de Back to the Future-trilogie zou uitgaan. Ik vroeg een meisje om mijn vriendin te zijn en ze zei zomaar nee. (lacht) Ik heb er me ondertussen wel over kunnen zetten: als mijn dochter wil zien hoe ik er als kind uitzag, kan ze altijd die films afspelen.