Hoe zal Groot-Britannië eruitzien over duizend jaar? Als we Robert Harris mogen geloven zijn zelfs de meest pessimistische postbrexitscenario's een grove onderschatting. In zijn nieuwe historische roman De tweede slaap is het toekomstige Engeland pardoes de middeleeuwen in gedonderd. Hoofdpersonage met dienst is de intelligente, stadse priester Fairfax die tegen zijn zin een collega moet gaan begraven in een onooglijk dorpje op het Engelse platteland.
...

Hoe zal Groot-Britannië eruitzien over duizend jaar? Als we Robert Harris mogen geloven zijn zelfs de meest pessimistische postbrexitscenario's een grove onderschatting. In zijn nieuwe historische roman De tweede slaap is het toekomstige Engeland pardoes de middeleeuwen in gedonderd. Hoofdpersonage met dienst is de intelligente, stadse priester Fairfax die tegen zijn zin een collega moet gaan begraven in een onooglijk dorpje op het Engelse platteland. In het feodale Engeland is dat gedoe: een vermoeiende reis te paard over donkere modderwegen, norse sheriffs die de avondklok met lijfstraffen afdwingen en galgenaas dat zich in het struikgewas schuilhoudt om argeloze reizigers te beroven. Fairfax wordt met gepaste argwaan én eerbied ontvangen door de lokale paupers en de begrafenis lijkt een koud kunstje te worden, tot hij in de bibliotheek van de dode priester een reeks verboden boeken ontdekt. Boeken die op de brandstapel thuishoren. Boeken over de Ouden, over hun verderfelijke cultuur en hun godslasterlijke gewoontes. De priester hield zich duidelijk bezig met ketterse praktijken. Als amateur-archeoloog speurde hij de naburige heuvels af op zoek naar artefacten uit de Oude Tijd en zijn vitrinekast ligt vol verboden vondsten, sommige zelfs gemarkeerd met het blasfemische symbool van een appel waaruit een stuk is gebeten. Nieuwsgierigheid lokt Fairfax mee in het mysterie van de Oude Tijd en voor hij het goed en wel beseft, raakt hij betrokken bij een occult genootschap en overschouwt hij de opgraving van een ondergrondse tempel. Wat zal de aarde prijsgeven, en ontsnapt Fairfax aan de brandstapel? Robert Harris schrijft nooit zomaar een historische thriller. Zijn bestsellers zijn gelaagd en bevatten altijd een waarschuwing voor de lezer. Eerder al illustreerde hij met zijn Cicero-reeks hoe snel de democratie ten prooi kan vallen aan de machtswellust van demagogen en in De officier - onlangs door Roman Polanski verfilmd als J'accuse - waarschuwde hij voor oprukkende Jodenhaat. Ook in zijn nieuwe boek speelt hij een sluw spel met de tijd, met de lezer én met de vorm - de plotwending zit tegen alle thrillerregels in helemaal vooraan. Sluw gedaan, mijnheer Harris. Hoe kwam u op het geniale idee om een toekomstig verleden te bedenken? Robert Harris: Een aantal van mijn boeken - Pompeï en de Cicero-trilogie - speelden zich af in het oude Rome. Tijdens mijn research kwam ik toen in contact met archeologen en wetenschappers die aan de hand van stukjes papyrus en inscripties op artefacten probeerden te achterhalen hoe de oude Romeinen precies leefden. Kun je via die brokjes tekst hun gedachten reconstrueren of projecteren we onze eigen ideeën op hun wereld? Ik begon me af te vragen hoe archeologen over duizend jaar naar ons tijdperk zullen kijken. Wat zal er dan nog overblijven uit deze periode? Wij hebben het misplaatste idee dat alles wat we om ons heen zien eeuwig zal blijven bestaan, dat alle verwezenlijkingen die wij nu normaal vinden - een smartphone, het internet - onvernietigbaar zijn. Niets is minder waar. Dus probeerde ik me in de toekomstige archeologen te verplaatsen: hoe zouden zij de puzzelstukjes interpreteren? Hoe hebt u dat aangepakt? Vooralsnog kunnen we geen kijkje in de toekomst nemen. Harris: Ik heb me gebaseerd op de geschiedenis, altijd de prelude op de toekomst. Toen de Romeinen zich in de vijfde eeuw uit Groot-Britannië terugtrokken, gleed Engeland opnieuw af in de duisternis. De Romeinse innovaties gingen teloor, de kerk kwam aan de macht en regeerde met ijzeren hand. Tegelijk waren priesters en monniken vaak de enigen die konden lezen en schrijven en geschiedkundig onderzoek nalieten. Ik heb veel kerkelijke traktaten uit de achttiende en negentiende eeuw gelezen. Eén specifiek werk, The Voices of Morebath, heeft me op weg naar de juiste toon gezet. En ik heb Thomas Hardy herlezen, de naturalistische schrijver die ook een fictief graafschap heeft bedacht en terugkeek in de tijd. Of beter gezegd: hij koesterde een ideaalbeeld over een verloren gewaande maatschappij en werkte dat in zijn boeken uit. U woont zelf in een voormalige pastorie. Heeft dat geholpen? Harris: Ons huis in Kintbury is gebouwd op de restanten van een nog oudere pastorie, waar Jane Austen nog gelogeerd heeft. Ik hoef maar het dorp in te wandelen om door het verleden te struinen: onze kerk stamt uit de Normandische tijd en het landschap ligt bezaaid met Romeinse ruïnes. Geschiedenis is overal, je hoeft alleen te kijken. In het tijdperk van De tweede slaap wordt technologie als een ketterij beschouwd. Hebben we van technologie een afgod gemaakt? Harris: We zijn er alvast héél afhankelijk van. We leggen ons lot in de hand van die kleine toestelletjes die we altijd meeslepen. Smartphones lijken handig maar we verliezen in een ijltempo oude vaardigheden. Zelfs iets basaals en levensnoodzakelijks als oriëntatie is een ambacht geworden - wie kan nog een wegenkaart lezen? Die afhankelijkheid kan gevaarlijk zijn, want een kleine onderbreking in het internetverkeer kan snel ernstige gevolgen hebben. De minste kink in de kabel en het maatschappelijk leven stremt. Winkels zouden zonder voorraden vallen, bankautomaten zouden geen geld meer leveren... de volledige economie zou verstoord raken. Naar het schijnt is Londen slechts zes maaltijden van een hongersnood verwijderd. Zo kwetsbaar is de bevoorradingsketen. Om nog maar te zwijgen over ons intellectueel patrimonium. Onze e-mails, onze familiekiekjes, ons wetenschappelijk onderzoek zitten allemaal in een digitale wolk gestockeerd. Wat als we daar plots geen toegang meer tot hebben? Chaos zou ons deel zijn. Van de weeromstuit trekt religie in uw boek opnieuw de macht naar zich toe. Acht u het mogelijk dat er een religieus reveil komt? Harris: Religie is nooit verdwenen. Zeker de fundamentalistische interpretatie van heilige geschriften is aan een opmars bezig. We beschouwen onszelf als rationele wezens, ontdaan van elke hang naar mythologie, maar de mens blijft zeer vatbaar voor emotie, bijgeloof en complottheorieën. Mocht onze maatschappij in elkaar storten, dan ben ik er zeker van dat we en masse terug de kerken zouden binnenlopen. De Bijbel biedt dan ook een aantal sterke verhalen over hoe menselijke hoogmoed en decadentie bestraft worden met ineenstortende torens en apocalyptische oorlogen. Je mag de aantrekkingskracht van dergelijke verhalen niet onderschatten. Toch haalt de wetenschappelijke nieuwsgierigheid in uw roman de bovenhand. Zal onze honger naar kennis ons redden of net niet? Harris: Net als religie zit het wetenschappelijk denken in ons wezen geprogrammeerd, vandaar de eeuwige tweestrijd tussen beide. Onze leergierigheid is een wonderlijke karaktertrek die ons al veel voorsprong heeft opgeleverd, denk maar aan de medische vooruitgang die miljoenen mensenlevens heeft gered. Anderzijds gaan onze uitvindingen soms met ons aan de haal. Vaak zijn we nog niet klaar om met onze innovaties om te gaan. Sociale media is daar een mooi voorbeeld van. Het verbindt mensen wereldwijd maar het heeft ook het internationaal terrorisme aangewakkerd, de vluchtelingencrisis complexer gemaakt en ons democratisch proces ondergraven. Zonder sociale media zaten we in het Verenigd Koninkrijk nu niet zo in de penarie. Daarmee komen we uit bij de brexitchaos. Ziet u een uitweg? Harris: Er is maar één oplossing: een tweede referendum. Het liefst met een gedetailleerdere vraagstelling, want zij die 'leave' hebben gestemd konden onmogelijk bevatten waar hun keuze toe zou leiden. Wat betekent de brexit? Gaan we Noorwegen achterna, onafhankelijk maar economisch toch nauw verbonden met Europa, of willen we een compleet eigen koers varen? Die keuze heeft de kiezer niet gekregen. Omdat ik vrees dat het Noorse scenario niet zal voldoen aan de onafhankelijksdrang van veel Britten, denk ik dat we in een tweede referendum harde keuzes zullen voorgeschoteld krijgen: bij de EU of niet? En dan wordt de uitslag zeer onvoorspelbaar.