Staalhard ontkennen. Dat is de strategie van schrijfdocent Carlo Pentecoste nadat hij met studente Sofia Casadei in de toiletten is betrapt. Als literatuurliefhebber heeft hij natuurlijk ook In ongenade van J.M. Coetzee gelezen, dus hij weet hoe het handtastelijke professoren vergaat. Zijn versie: Sofia was flauwgevallen en hij was de koene ridder die haar terug bij bewustzijn bracht, een sprookje waar Sofia noodgedwongen in meegaat. Ook al voelt ze Carlo's tong nog tussen haar lippen branden, ze heeft geen zin in een hetze. Ze was eigenlijk toch al van plan om er de brui aan te geven. Milaan is h...

Staalhard ontkennen. Dat is de strategie van schrijfdocent Carlo Pentecoste nadat hij met studente Sofia Casadei in de toiletten is betrapt. Als literatuurliefhebber heeft hij natuurlijk ook In ongenade van J.M. Coetzee gelezen, dus hij weet hoe het handtastelijke professoren vergaat. Zijn versie: Sofia was flauwgevallen en hij was de koene ridder die haar terug bij bewustzijn bracht, een sprookje waar Sofia noodgedwongen in meegaat. Ook al voelt ze Carlo's tong nog tussen haar lippen branden, ze heeft geen zin in een hetze. Ze was eigenlijk toch al van plan om er de brui aan te geven. Milaan is haar te groot, ze wil terug naar haar eenzame vader, die in Rimini een ijzerwinkel uitbaat. Carlo's vrouw Margherita besluit om een oogje dicht te knijpen. Ze heeft er geen behoefte aan haar huwelijk op te blazen en Carlo's ontslag zou zeer ongelegen komen. Koste wat het kost wil ze haar droomappartement financieren. Toch, een kleine wraakoefening lijkt wel op zijn plaats: een slippertje met haar knappe fysiotherapeut Andrea Manfredi kan het universum weer in balans brengen. Andrea mag dan wel homo zijn, hij kan niet aan haar avances weerstaan. Hij weet dat hij complex in elkaar zit: overdag helpt hij reumatische oudjes, 's avonds doet hij mee aan hondengevechten en stapt hij zelf in de boksring om wildvreemden verrot te slaan. Ook Margherita's moeder Anna kampt met wantrouwen. Tussen de spullen van haar overleden man Franchin treft ze een stapeltje postkaarten aan, verstuurd naar zijn werkadres en geschreven door de mysterieuze Clara, die telkens afsluit met 'zeer liefdevolle groetjes'. Dode mensen kun je niet aan de tand voelen, en Anna staat voor de keuze: of het verleden omwoelen en alsnog roddels laten bloeien, of vrede nemen met het beeld van een brave echtgenoot die haar gelukkig maakte. Misschien heeft elk huwelijk een beetje buitenechtelijke lust nodig. Met die nuchtere bedenking vertolkt Margherita het centrale thema van Trouw, de zesde roman van de Italiaanse schrijver Marco Missiroli. Zijn genuanceerd opgebouwde personages worstelen met het romantische ideaal van het huwelijk: hoe hou je de vlam brandend, en welke vorm neemt liefde met de jaren aan? Missiroli is in topvorm. Vooral de perspectiefwissels zijn verbluffend: soms glijdt hij in één alinea van het ene naar het andere personage zonder dat dat geforceerd overkomt. Knap ook hoe hij vlot rond de clichés slalomt, geen sinecure bij zo'n uitgekauwd thema, en zelfs bij de tijdssprong in het tweede deel landt hij netjes op zijn twee voeten. Puur vakwerk, deze Trouw.