Zestien zijn ze, Simone en Georges, en in hen ontwaakt een geile lente. In een lege villa tilt Simone haar jurk op en doopt ze haar kut in een kom melk. Terwijl het wit van haar dijen druipt, verlost Georges zich van zijn hardheid. En dan nog eens. Het is het begin van een genotsverbond, dat uitgebreid wordt met de vrome Marcelle, een braaf meisje dat maar niet in het reine kan komen met haar verlangen naar plasseks. Simone en Georges wijden haar in, allerlei lichaamsvochten raken vermengd maar wanneer ze Marcelle tijdens een orgie in een kast opsluiten, loopt het mis: terwijl de vloer vol kronkelend vlees ligt, wordt Marcelle letterlijk gek van verlangen: er bestaan niet genoeg vingers en tongen om haar vlammende lendenen te blussen.

Centrale zin: Wat een gruwelkamer!

Simones queeste naar steeds heftiger orgasmes neemt bizarre vormen aan. Ze ontwikkelt een fetisj voor eieren, en later voor stierenkloten, en nog later voor oogballen, glibberige objecten die allemaal opgeslokt worden door haar hongerige vagina. Ondertussen slijt Marcelle haar dagen in een tehuis en vlucht het overgebleven duo naar Madrid, waar ze bloederige stierengevechten bijwonen en jonge priesters in biechtstoelen laten proeven van duivelskunsten. Wat begon als een zoektocht naar genot, zal eindigen in dood en verderf.

Porno uit de vorige eeuw, wat moeten we daarmee nog nu het internet aan de lopende band bloot spuit? Wel, De geschiedenis van het oog zit slimmer in elkaar dan het op het eerste gezicht lijkt. De dissidente filosoof-dichter Georges Bataille (1897-1962) sluit zijn schandschrift af met een dissectie van de gebruikte symbolen en probeert via psychoanalytische argumenten te achterhalen waar zijn obsessie met het oog vandaan komt. Ligt het aan zijn blinde vader, een man die ten onder ging aan de geslachtsziekte syfilis? Zoals de immer erudiete vertaler Paul Claes zo vernuftig aangeeft in zijn nawoord, schuilt het antwoord in de associatieve taal die Bataille hanteert: oeuf, oeuil, OEdipe... Je hoort het horten en kreunen in de woorden.

Ook opvallend: net als in Mieke Maaike's obscene jeugd zijn het de meisjes die het heft (en ander warm vlees) in handen nemen. Het is Simone die schaamteloos de esbattementen leidt. Georges blijft meer als een voyeur op de achtergrond en schikt zich onderdanig naar haar geile grillen. Met die feministische inslag onderscheidt Bataille zich ook van De Sade - hebt u meteen ook een politiek correcte reden om dit aangebrande werkje op uw nachtkastje te leggen.

De geschiedenis van het oog

Georges Bataille, Uitgeverij Vleugels (oorspronkelijke titel: Histoire d'oeuil), 62 blz., 20,35 euro.

Georges Bataille

Georges Bataille (1897-1962) kreeg een opleiding als bibliothecaris maar ontdekte in zichzelf een dichter, een filosoof, een dissidente surrealist en een pornograaf. Zijn oeuvre had een grote impact op denkers als Jacques Lacan en Roland Barthes. De geschiedenis van het oog werd oorspronkelijk in 1928 onder zijn pseudoniem Lord Auch gepubliceerd en krijgt nu, mede dankzij de Gentse boekhandel Het Paard van Troje, een mooie nieuwe editie.