Isaac Newton sloeg aan het theoriseren toen er een appel op zijn peer viel. Bij jou was het een ongracieus uitgevoerde koprol.

Valerie Eyckmans: Daar laat ik het verhaal althans mee beginnen. In feite ben ik vlak voor mijn veertigste verhuisd van een plein in het centrum van Antwerpen naar een huis met tuin en oprit op Linkeroever. Ik hoorde toen vaak Once in a Lifetime van Talking Heads door mijn hoofd galmen: 'How did I get here?' Nu, ik vind veertig worden niet erg, maar het is wel verwarrend. Ik ben bij momenten nog altijd het meisje dat twintig jaar geleden tot 's ochtends op café hing. Met dit verschil dat ik op die momenten nu denk: hoor ik hier nog wel te staan? (lacht)

Met Hannah Gadsby, de Australische comedienne wier naam hier al enkele keren is gevallen, heb je wel enige affiniteit.

Eyckmans:Nanette, haar Netflix-special, begint heel luchtig en geestig, maar midden in die show deelt ze enkele mokerslagen uit waardoor de sfeer wat kantelt. Aan het einde van de rit weet je niet of je nog wel mág lachen. Ze vertelt ook er niet altijd mee akkoord te zijn dat vrouwelijke komieken veel meer dan mannen aan zelfrelativering doen. Ik voelde me betrapt. Tijdens het schrijven heb ik er dus over gewaakt dat ik mezelf niet te váák neerhaalde.

© .

Je mept tussen alle gein door zelf ook hard wanneer je je abortus aanhaalt.

Eyckmans: Er mocht sowieso iets van reflectie in het boek zitten. Bovendien sluit het aan bij de thema's waarover ik het heb, zoals vruchtbaarheid en moederschap. Daarbij, ik vond dat ik eerlijk moest zijn. Door Gadsby werd ik bevestigd in het idee dat je kunt schakelen tussen ernst en humor. Eigenlijk neig ik over het algemeen - in boeken, in films - naar tragikomedie. Dat is ook wat Ricky Gervais nu met de serie After Life heeft gedaan: humor als blinkend kraslaagje boven op een poeltje ellende leggen.

Je hebt zopas het fenomeen podcasts ontdekt.

Eyckmans: Acteur, auteur en stand-upcomedian Michael Ian Black spreekt in How to Be Amazing telkens een uur lang met iemand die hij bewondert in de brede culturele sector, zoals schrijver David Sedaris of Pamela Paul, hoofd van The New York Times Book Review. Doordat hij zijn tijd neemt, vlot en geestig is en in de States ook een zekere status heeft, krijg je meer dan het standaardinterview. Alsof je mee aan tafel zit.

Talking Heads waren erbij toen je het plan voor het boek uitbroedde, dus kon die groep niet bij de presentatie ervan ontbreken.

Eyckmans: Ik zocht inderdaad een band die bereid was twee covers van hen te brengen: Once in a Lifetime en Road to Nowhere, rode draden doorheen het boek. (lacht) Zo ben ik toevallig bij Bel-Air terechtgekomen, een jong en speels poptrio uit Brussel. Ze mochten van mij ook wat eigen nummers spelen, waarbij ze drumden op lege deodorantflesjes. Een groep met een fijne attitude én humor. Ik vind ze echt goed en origineel.