Ava moet er even tussenuit. Weg van Boston, weg van de moordende deadlines en weg van de herinnering aan die gruwelijke oudejaarsavond. In haar kofferbak: het onafgewerkte manuscript van haar kookboek, een weeklagende Maine Coon-kater en een selectie goeie wijnen, want Ava bekampt haar schuldgevoel met alcohol. Ze heeft nu al een poosje niet meer met haar zus Lucy gepraat en hoopt aan de kust van Maine rust en vergiffenis te vinden. Een tijdje alleen doorbrengen, in een huis op een klif.
...

Ava moet er even tussenuit. Weg van Boston, weg van de moordende deadlines en weg van de herinnering aan die gruwelijke oudejaarsavond. In haar kofferbak: het onafgewerkte manuscript van haar kookboek, een weeklagende Maine Coon-kater en een selectie goeie wijnen, want Ava bekampt haar schuldgevoel met alcohol. Ze heeft nu al een poosje niet meer met haar zus Lucy gepraat en hoopt aan de kust van Maine rust en vergiffenis te vinden. Een tijdje alleen doorbrengen, in een huis op een klif. Een huis dat Brodie's Watch heet. Een huis waar niemand wil wonen. Een huis waarvan de lokale bevolking beweert dat er een spook in rondwaart. De geest van een oude kapitein die alleenstaande vrouwen in zijn toren gevangen houdt en hen daar van kwellend plezier voorziet. Voordeel van een spookhuis: het houdt de huur laag. Ava geniet er van het grote fornuis, gaat zeilen met de niet onknappe en zeer vrijgezelle arts Ben en knalt het ene na het andere recept uit haar tikmachine. Die nachtelijke geluiden, die bizarre erotische dromen, die geheime alkoof die tijdens werkzaamheden tevoorschijn komt - wel, die moet je er maar bijnemen, toch? De Amerikaanse bestsellerauteur Tess Gerritsen liep al jaren rond met het idee voor een spookverhaal met een hoek af. 'Net als allicht veel vrouwen stelde ik me de vraag naar de perfecte minnaar. Wat als vrouwen hun seksuele fantasieën konden uitleven met een wezen dat al hun geheime verlangens kent, hun diepste perversies die ze zelf nooit hardop zouden durven te uiten? Iemand bij wie ze zich altijd veilig zouden voelen, en net dat tikkeltje bang genoeg om de opwinding aan te scherpen?' Brodie's Watch doet denken aan het werk van Edward Hopper, maar toch vooral aan Psycho. Ooit zelf in een spookhuis gewoond? Tess Gerritsen: Het is gebaseerd op de vele oude kapiteinswoningen hier langst de kust in Maine. Tegenwoordig zijn ze omgeturnd tot B&B's maar het blijven prachtige huizen, met die uitkijktorens en dakterrassen. Zelf heb ik nooit in een spookhuis gewoond maar mijn moeder, die uit China afkomstig is, beweert bij hoog en laag dat ze als kind geesten heeft gezien. Gezien mijn wetenschappelijke achtergrond - vroeger was ik arts - blijf ik nogal sceptisch tegenover paranormale verschijningen, wat niet wegneemt dat een goed spookverhaal me doet huiveren. De knipogen naar Edgar Allen Poe zullen wel geen toeval zijn, veronderstel ik? Gerritsen: Inderdaad. Ava is van Boston (thuisstad van Poe, nvdr.) en de boot van kapitein Brody is niet toevallig The Raven gedoopt. Interessante dieren, raven. Bijzonder slim en toch jagen ze me altijd een beetje schrik aan. Zowel dokter Ben als de lokale timmerman Ned is na zijn uren kunstenaar. Hoewel ze tal van verdachte zaken uitspoken, weigert Ava net wegens hun artistieke achtergrond in hun schuld te geloven. Zijn kunstenaars per definitie de onschuld zelve? Gerritsen: Ava is daarin een tikkeltje naïef. Het is niet omdat je schoonheid in de wereld brengt dat je niet innerlijk met demonen kunt kampen. In mijn ervaring zijn het evenwel ceo's die veel vaker in de categorie 'sociopaat' vallen. Kunstenaars zijn minder geïnteresseerd in geld en macht. Is de demonische kapitein nu een echt spook of slechts een waanbeeld, veroorzaakt door Ava's schuldgevoel? Gerritsen: Dat moet de lezer voor zichzelf uitmaken! Ik ben ervan overtuigd dat schaamte en onderdrukte wroeging kunnen leiden tot ernstige psychische stoornissen, met wanen tot gevolg. Ava kampt met zelfmoordgevoelens, sociaal isolement, depressie en een milde alcoholverslaving. Dan kun je het contact met de werkelijkheid al eens verliezen. Misschien heeft ze de kapitein - echt of ingebeeld - nodig om weer richting te geven aan haar leven, om het juiste pad te vinden. Haar zelfkwelling doet me vaak denken aan flagellanten, die religieuzen die zichzelf geselen om berouw te tonen. Tegelijk komt ze in contact met haar seksuele gevoelens die ze te lang genegeerd heeft. Ook daarmee moet ze in het reine komen. Ontdekken dat pijn en genot soms dicht bij elkaar liggen en die grenzen verkennen, kan shockerend zijn voor je zelfbeeld. Terwijl er natuurlijk niets mis mee is. Veel vrouwen zouden er goed aan doen die kant eens te ontdekken. Van de slaapkamer naar de keuken: waarom is Ava een culinair auteur? Gerritsen: Haar carrière is geïnspireerd op mijn eigen jeugd. Mijn vader baatte een restaurant uit in Californië en zowel hij als mijn moeder was een briljante kok. Ik ben opgegroeid tussen prikkelende geuren en telkens nieuwe gerechten. Zelf kook ik ook heel graag. Na een dagje aan de schrijftafel vind ik het therapeutisch om op het keukenblad los te gaan met kruiden en messen en gardes. Pure ontspanning is dat. U was vroeger arts. Schrijven is een totaal ander beroep. Mist u het nooit? Gerritsen: Nee, mijn medische carrière is voorbij. Nu hou ik intens van het alleen-zijn en het scheppingsproces. Ik werf wel nog fondsen om alzheimer te bestrijden, een ziekte waar mijn vader aan overleden is. Het is frustrerend om te zien hoe weinig vooruitgang we daarin maken. Waarschijnlijk zullen we alzheimer nooit kunnen genezen. Het lijkt ingebed in het verouderingsproces en dat is de tol die we ironisch genoeg betalen voor onze verbeterde levensomstandigheden: onze levensverwachting is drastisch gestegen maar de vraag is hoe we gezond ouder worden. Ik denk dat we vooral op preventie moeten mikken, maar ook daar blijft het onderzoek in de kinderschoenen staan. Sowieso: gezond leven kan geen kwaad! Uw carrièreswitch draaide uit op een succes. Het aantal titels op uw naam is indrukwekkend. Gerritsen: Dat is een rechtstreeks gevolg van mijn slechte karaktereigenschap, namelijk koppigheid. Eens ik een idee in mijn hoofd heb voor een roman bijt ik me erin vast tot ik het uitgewerkt heb. Daarnaast is het een van de voordelen van onze hogere levensverwachting. Als je langer leeft en elke twee, drie jaar een boek schrijft, kom je automatisch aan een groter aantal boeken. Pure wiskunde. Ik raak ook snel verveeld en ik experimenteer graag met verschillende genres. Dat houdt het fris en uitdagend, ook al schrik je daarmee soms je vaste lezersschare af.