Is de dood een eindpunt, of slechts een komma in een eindeloze reeks bijzinnen? Hoewel Damian Andersen niet in de transmigratie van de ziel gelooft, moet hij, in de buik van zijn nieuwe moeder, vaststellen dat hij zich een vorig leven herinnert, tot in de griezeligste details. Want wie heeft beweerd dat alleen brave zielen wedergeboorte verdienen?
...

Is de dood een eindpunt, of slechts een komma in een eindeloze reeks bijzinnen? Hoewel Damian Andersen niet in de transmigratie van de ziel gelooft, moet hij, in de buik van zijn nieuwe moeder, vaststellen dat hij zich een vorig leven herinnert, tot in de griezeligste details. Want wie heeft beweerd dat alleen brave zielen wedergeboorte verdienen? Een doetje was Andersen niet. Als ondervrager voor de nazi's heeft hij lichamen gebroken en nu hij op het punt staat nieuw vlees te bewonen, is hij niet van zins om zijn leven te beteren. Terwijl hij tegen de baarmoederwand aantrapt om zijn moeder te straffen wanneer ze slechte muziek beluistert - zelf verkiest hij Mozart - bekokstooft hij een plan om deze tweede kans met beide klauwen te grijpen. Alleen zal hij zich de eerste jaren koest moeten houden. Niet laten merken dat hij al kan lezen, niet te vroeg beginnen te praten, lief zijn in de crèche, geen teddyberen aan flarden rijten met een mes. Beheersing, geduld, dat zijn de codewoorden. Ondertussen kijken zijn nietsvermoedende ouders uit naar de komst van hun liefdesbaby. Papa houdt een dagboek bij waarin hij zijn toekomstige zoon over zijn burgerbestaan inlicht. Ja, mama is zenuwachtig, en de schoonouders zijn pedante betweters en vriendin Maja is een aantrekkelijke losbol en op het werk loopt niet alles op rolletjes. Jaren na de geboorte van Jonas, zoals ze Damian gedoopt hebben, zal een dan kinderloze vader het dagboek opnieuw aanvullen met de akelige levensgeschiedenis van zijn gedrochtelijke zoon. Bestsellerauteur Lewinsky beleeft een duivels plezier aan zijn diabolische creatie. Damian - u had de verwijzing naar The Omen ook meteen door, nietwaar? - blijkt over een sardonische humor te beschikken en heeft een scherp oog voor het kwaad in de voor hem nieuwe wereld: 'Het ging om geld. Meningsverschillen draaien altijd om bezit. Tussen de mensen en tussen de volkeren. Ze bedenken er andere woorden voor, nobeler klinkende motieven, maar uiteindelijk gaat het er altijd om dat ze meer willen hebben dan de buurman. Dat heet patriottisme.' Het zijn dat soort observaties die, samen met de strakke opbouw van het donkere verhaal, Andersen boven de gemiddelde horror-ode uittillen. Alleen het slot komt wat abrupt, maar het zou me niet verbazen mocht Lewinsky zijn antiheld nogmaals opvoeren in een vervolgroman. Het kwaad kent tenslotte geen ketenen.