Guido Lauwaert
Guido Lauwaert
Opiniemaker
Opinie

21/11/10 om 12:14 - Bijgewerkt om 12:14

Theater: Berlin ist Berlin - Brief 2

Keuvelen met een wereldster. Kan dat? Guido Lauwaert bewijst het in Berlijn. Hij zag 'Un Tramway' en sprak Isabelle Huppert.

Theater: Berlin ist Berlin - Brief 2

© Michel Berger Hotel

Nog maar net ingekwartierd of ik ben al de baan op. Een hotel dient om te op adem te komen. Het leven gebeurt, zoals Louis-Ferdinand Céline al zei, op straat. Het straatleven prikkelt de verbeelding. Onverwachte gebeurtenissen kleuren het bestaan, dat zonder kleur niet de moeite waard is. Je bent het leven ook wat verplicht. Uit respect dat je mag deel nemen aan dit wonderlijk gebeuren. En het leven verwacht dat je het doet op een niet voorgekauwde wijze, een uitgestippeld parcours. Tot zover de aanloop van het werkelijke doen, verslag uit te brengen van een week Berlijn.

Latte Art

De omgeving van het hotel verkennend, in het voormalige Oost-Berlijn, kom ik terecht in een jongerenkroeg vol boeken, tijdschriften en een gezonde keuken. Ik bestel er een Latte. Veertig jaar geleden heette zoiets een Café Russe, twintig jaar geleden een Koffie Verkeerd, sinds kort een Latte. De kunst van het koffie schenken is hot. Het barpersoneel wedijvert met elkaar en met de kroegen in de wijde omgeving om mooi figuurtjes op het melkschuim te toveren. Dat gedoe ervaar ik als een vorm van erkenning voor wat een heus koffiehuis moet zijn: een ontmoetingsplaats om nieuwe vrienden te maken en weetjes te sprokkelen. Was dat ook niet het oorspronkelijke begin en reden van het koffiehuis? Ten tijde van de kolonisaties ontstonden openbare plekken waar reizigers samentroepten om te vernemen wat een vaart had opgebracht, wie het overleefd had, wat ontdekt was. Sommige bezoekers noteerden de belevenissen, gaven ze uit en verkochten ze aan huis, in badhuizen. Die blaadjes kregen algauw een naam, die nog steeds bestaat, zij het in licht gewijzigde vorm: courant.

De jongerenkroeg is meer dan een ontmoetingsplaats. Elke zondag is er een poëzienamiddag. Jonge, nog onbekende dichters kunnen er hun werk 'uitproberen'. Iets wat Kafka bijvoorbeeld ook deed, net als Elsschot, die de eerste versie van een nieuw boek voor een vriendenkring voorlas. Bij een goed glas wijn. Deze namiddag om vier uur is het weer zover. Ik zal erbij zijn. Je weet nooit dat je de nieuwe Enzensberger in zijn prille staat ziet en hoort. Hij een lang gedicht voordraagt, met als titel: De ondergang van de Koersk. De een Russische kernonderzeeër, genoemd naar de stad Koersk, waar tussen 5 juli en 22 juli 1943 de grootste tankslag in de geschiedenis plaatsvond tussen Duitsland en de Sovjet-Unie, verging tien jaar geleden in de Barentz Zee en het geklungel van de overheid werd wereldnieuws. Elke gebeurtenis klampt zich vast aan een vorige en klauwt naar een volgende.

Met pijn in het hart verlaat ik de kroeg die, zoals ik na een paar latte's en een goed gesprek met de manager ontdek, niet alleen een kroeg maar ook een jeugdherberg is. Op moderne leest geschoeid. Niks moderns. Alles gesprokkeld van rommelmarkten. Veel meubilair van de jaren zestig. Niets hoort bij elkaar, maar door de diversiteit straalt het geheel een sterke charme uit, levert het een goed gevoel op. Aan een muur van de receptie hangen koekoeksklokken. De ene al kitscherige dan de andere. Ze geven de tijd aan. Niet die van Berlijn. Van de voornaamste steden ter wereld: Tokio, New York, Sydney, New Delhi, Kaapstad. Ga eens kijken: www.michelbergerhotel.com.

Foute première

Snel weer naar het hotel. Voor een transformatie. Een net pak aan, want vanavond is er de Duitse première van Un Tramway in de eigen zaal van de Berliner Festspiele. Het is een bewerking van A Streetcar named Desire van Tennessee Williams. Een productie van het Parijse Théâtre de l'Odeon. Blanche, het hoofdpersonage wordt vertolkt door Isabelle Huppert, de Franse actrice die vijf films met Claude Chabrol heeft gemaakt, de eer heeft gehad met een van mijn lievelingsacteurs in een knoert van een film te staan, Philippe Noiret. Ik bedoel uiteraard de film Coup de torchon, uit 1981.

Ondanks de steractrice en een machtig stuk, een nieuwe klassieker, valt de voorstelling mij dik tegen. De Poolse regisseur Krzysztof Warlikowski heeft het homoseksuele aandeel in het stuk sterk aangedikt. Fout. De Pool heeft blijkbaar niet begrepen, wat Elia Kazan in zijn verfilming met Marlon Brando in de rol van brute kracht, weldegelijk maar subtiel heeft onderstreept, dat de man van Blanche [Isabelle Huppert] geen zelfmoord heeft gepleegd omdat hij worstelde met een [vermeende] homoseksualiteit, maar omdat hij gaandeweg geen seks met haar meer wil, uit respect voor haar. Hij vindt haar superieur aan hem, geestelijk als lichamelijk. Die overtuiging blokkeert zijn seksuele drift.

De regisseur heeft bovendien een hoop muziek in de productie gegooid. Waardeloos en nutteloos. De muziek nekt het tempo en de concentratie. Niet alleen voor het publiek maar ook voor de spelers. Het duurt een uur eer Madame Huppert haar medespelers in hetzelfde emotioneel gareel krijgt. En dan volgt er nog anderhalf uur spel. De zwakke regie mondt uit in een modeshow. Madame Huppert mag naar hartenlust showen met pakjes Yves Saint Laurent en Christian Dior. Jammer voor het stuk, voor het publiek, voor de acteurs, ook voor Huppert, die de diepe diepte van haar personage niet kan / mag uitdiepen. En wat de suggestie van een bowling kwam doen, is me een raadsel. Het publiek is wijs genoeg om te weten wanneer alle kegels gevallen zijn. Daar heeft het geen opdringerige tip voor nodig.

De ster!

Na de voorstelling is er een receptie. Ik heb de kans even met haar te praten, maar het is zo druk dat we afspreken elkaar morgen weer te zien. Dan is er na de tweede voorstelling een nagesprek met haar en de regisseur. Misschien dat we daarna de kans zien wat dieper op de zaak in te gaan. Want zoals heel wat sterren staat ze open voor een goed gesprek, zolang het maar over het vak en de passie voor het vak gaat. Het zijn niet de grote kunstenaars die het publiek op afstand houden, maar de pers die een schijn van onbereikbaarheid opbouwt. Zodat het lijkt dat het onderdeel uitmaakt van een uitverkoren volk.

Guido Lauwaert

Onze partners