Geloof, hoop en liefde: daar hebben we nu nood aan, weten ook De Roovers en Froe Froe

18/11/15 om 11:35 - Bijgewerkt op 19/11/15 om 08:41

Bron: Knack Focus

De Roovers en Figurentheater Froe Froe slaan de handen in elkaar voor een intieme en doordacht vormgegeven versie van Ödön von Horvàths klassieker Glaube Liebe Hoffnung. Ein kleiner Totentanz (1932). Het resultaat is prachtig poppentheater.

Geloof, hoop en liefde: daar hebben we nu nood aan, weten ook De Roovers en Froe Froe

© Stef Stessel

The Play = Geloof, hoop en liefde. Een kleine dodendans in zes taferelen

Gezelschap = Froe Froe en De Roovers

In een zin = Wat zo bijzonder is aan deze enscenering van Froe Froe en De Roovers is dat deze gezelschappen er samen in slagen om van zulk een trieste materie zo schoon, warm en bij momenten zelfs grappig theater te maken.

Hoogtepunt = Elisabeth besluit dat ze het niet langer aankan. Sofie Sente verdwijnt even van het toneel en er worden twee schoenen, een poppenhoofd en een poppenhand op de scène gelegd. In een houding die pakkend verwijst naar de houding waarin de kleine Aylan Kurdi lag, ergens op het strand van Bodrum.

Quote = 'Het zal alleen maar slechter worden. Maar ik laat het hoofd niet hangen.'

EN

'Nu was ik eindelijk weg en nu gaat alles opnieuw beginnen en er is niemand die u zal beschermen en uw leven heeft geen enkele zin.'

EN

'En overal buiten ze mensen uit, en altijd juist diegene die niets hebben. En toen heb ik tegen de staat gezegd: 'Zeg staat, ik ben een burger.' Maar de staat heeft niets terug gezegd. En van mijn laatste geld heb ik schmink gekocht omdat ge dan rapper werk vind.'

EN

'Ik begrijp wel dat het er soms onrechtvaardig aan toe moet gaan omdat de mens nog altijd een wild dier is. Maar het zou toch ook een beetje minder onrechtvaardig kunnen zijn.'

Meer info: www.froefroe.be en www.deroovers.be

Er ligt een kade over de scène. Het is een kade van houten planken die van de ene zijkant naar de andere zijkant loopt en dicht bij het publiek ligt. De kade is tevens het speelvlak. Boven de kade bengelen vijf tl-lampen en achter de kade staan vijf metalen krukjes. Een lamp en een krukje voor elke speler, plus accordeonist Anne Niepold.

Van zodra Luc Nuyens - die zich in deze voorstelling tot een straffe verteller zal ontpoppen - de lampen voorzichtig omhoog hijst, straalt een maanwit licht over de scène. Niepold wandelt rustig spelend over de kade en door het licht. Ze zorgt voor wat warmte in de witte kilte. En dan, dan is het wennen. Want von Horvàths stuk speelt zich af in en om een mortuarium waar een jonge vrouw haar lichaam alvast wil aanbieden en verkopen om met dat geld een leurderskaart te kunnen kopen. Een mortuarium is een plek waar - vergeef ons dit flauwe mopje - al eens een kop rolt. Et voilà, dat werd de insteek van de poppenvormgeving. Sofie Sente speelt de jonge vrouw Elisabeth. Alle andere personages worden vertolkt door poppenspelers Tania Kloek en Filip Peeters met... jawel, koppen in hun handen.

Dat is ontzettend goed gevonden maar ook ontzettend gewaagd. De poppenspelers kunnen zich amper verbergen en zelfs hun gezichten zitten niet onder een zwarte voile. Op de première voelde je de spelers nog erg zoeken naar de juiste manier om met de poppenkoppen te spelen. Ook voor de toeschouwers is het wennen. Vooral tijdens de eerste helft kijk je te vaak naar de gezichten van de poppenspelers in de plaats van naar de pop - sobere, maanwitte koppen met elk een weliswaar heel zorgvuldig geboetseerd gezicht - die ze vasthouden.

Gaandeweg wen je aan die manier van spelen en dan loopt alles - spelmatig althans - op rolletjes. Sente is een innemende Elisabeth. Ze combineert een meisjesachtige flair met de weemoed en Weltschmerz van een vrouw die al heel wat watertjes doorzwommen heeft. Ze beweegt haast onstuimig maar kijkt gekrenkt en haar stem balanceert voortdurend tussen hoop, geloof, liefde én moedeloosheid. De witte poppenkoppen steken fel af tegen haar grauwe kleren. Nuyens neemt (de stemmen van) álle andere personages voor zijn rekening en doet dat schijnaar moeiteloos en met zichtbaar plezier.

Zo spelmatig alles op rolletjes loopt, zo tragisch verloopt het verhaal. Elisabeth ziet zich verplicht om te liegen en te verzwijgen. Niemand luistert echt naar haar. Niemand heeft echt begrip voor haar. Aan dat gebrek aan geloof in hoop en liefde gaat ze ten onder... Von Horvàths stuk uit 1932 blijkt nog steeds actueel is. Te veel mensen wankelen momenteel op de kade van het leven uit gebrek aan geloof in hoop en liefde. Wat zo bijzonder is aan deze enscenering van Froe Froe en De Roovers is dat beide gezelschappen er samen in slagen om van zulk een trieste materie zo schoon, warm en bij momenten zelfs olijk theater te maken. Zo geeft die kade niet alleen zicht op ellende maar ook op de hoop op en het geloof in de liefde voor mekaar.

Els Van Steenberghe

Onze partners