Guido Lauwaert
Guido Lauwaert
Opiniemaker
Opinie

29/06/13 om 19:00 - Bijgewerkt om 19:00

Brief uit Poznan - deel 5

Guido Lauwaert is onze reporter ter plaatse op het Malta Festival in Poznan en ontdekt er Koreaans toptalent.

Brief uit Poznan - deel 5

© Woonshik Lee

De voorstelling van Meg Stuart heeft me niet geraakt. De dame kent haar vak, maakt ongetwijfeld prachtige dingen, maar ze zijn wit of zwart, kleur- en gevoelloos. Met als gevolg dat je er voor bent of je bent er niet voor.

De boodschap is wel duidelijk. Built to Last confronteert de spelers en dansers, en via hen de toeschouwers, met diverse periodes uit de westerse muziekgeschiedenis. Composities schetsen net als schilderijen en romans een tijdsbeeld. Niet alleen met hun verhaal, hun beelden, maar ook door hun techniek. Tijdens de Renaissance werd er een ander soort muziek geschreven dan in de Barok.

Wat Meg Stuart wil aantonen, is dat de huidige mens een gevoelsomslag maakt, telkens hij met een periode in aanraking komt. Als uitgangspunt interessant, als het goed uitgewerkt is. En dat was het niet. Dat zag je ook aan het publiek. Op de driehonderd aanwezigen, waren er vijftig die de zaal vroegtijdig verlieten, tweehonderd die na afloop slap reageerden en vijftig die een staande ovatie gaven, alleluja riepen en bleven voor een nagesprek. Ze konden er zo te zien niet genoeg van krijgen.

Uit wat er toen gezegd is - tijdens de dialoog tussen de moderator, de vasthouders en de spelers/dansers en Meg Stuart - blijkt voor de zoveelste maal dat je een uitleg voor alles hebt. Benaderingen waarmee je van een stort een museum maakt. Helaas, dat soort praatjes zijn niet aan deze jongen besteed. Gerard Reve vatte dat soort visies en de toelichtingen daarop, binnen zijn vakgebied maar het is grensoverschrijdend toepasselijk, zeer goed samen: Mulisch is Vulisch.

Wat de voorstelling betreft, is heel wat techniek en dramatiek voorspelbaar. Er hangt een conceptueel 'kunstwerk' boven het speelvlak, voorstellende planeten en hun manen draaiend rond een prisma. Dat knutselwerk gaat vast draaien, denk je nog voor je neerzit. En ja hoor. Goed en wel een kwartier bezig of de bollenwinkel zet zich in beweging. Achteraan zie je half weggestopt een mistmachine staan, en ja hoor, goed en wel een half uur ver of de machine begon te spuiten. Door de rook konden de dansers naar hartenlust verdwijnen en verschijnen. Niet één keer, geen twee keer maar vier maal, al kan het ook vijfmaal zijn. Als het inlevend gevoel daalt, raak je ook de tel kwijt.

Van Ludwig van Beethoven, Sergei Rachmaninoff, Iannis Xenakis, Meredith Monk, Arnold Schonberg, Antonin Dvorák, Richard Strauss werden fragmenten gebracht waarop de spelers telkens anders rondhuppelden. Logisch, zelf ik, een man zonder maatgevoel, voor wat muziek betreft althans, reageert anders op een polka dan op een wals. Wat het spreekgedeelte aangaat, dat waren niet meer dan woordgrapjes waar Geert Hoste het patent op heeft.

Ach, weg ermee. Wacht even, toch nog dit: over de acteurs/dansers niets dan lof. Hoed voor ze af. Wat koud was maakten ze niet heet, niet warm, maar wel lauw.

Heel wat interessanter was de voorstelling die ik een paar uur eerder zag. 7 Ways van de Zuid-Koreaanse danseres Geumhyung Jeong. Geen decor, geen mist, geen muziek. Het geluid bij de bewegingen van haar lichaam ís de muziek. Wat in het programmaboek staat klopt als een zwerende vinger: zij haalt de kracht van de voorstelling uit haar lichaam. Dansen in de zuivere zin van het woord doet ze niet. Ze verheft de elegantie van haar lichaam tot dans. In zeven stappen toont ze evenveel facetten van de liefde en gebruikt simpelweg wat attributen waarvan het voornaamste een masker van een vrouwenhoofd is, die ze aan het begin over een voet schuift, door het samenspel van haar beide voeten. Haar hoofd is vaak weggeborgen, haar benen worden armen en haar armen benen. Vanuit het minimale haalt ze het maximale, op zulke wijze dat het publiek meer dan eens verrast werd en spontaan begint te lachen. Er was geen houden aan.

Deze jonge danseres... Geumhyung Jeong - zij gaat het maken, hand erop - verdient een rondreis langs alle theaters van het niveau Campo, Kaaistudio en Monty, de zomerfestivals, om via die weg door te stoten naar de tweede plateaus van de schouwburgen en kunstencentra.

Van al de voorstellingen die ik op dit festival zag, behoort 7 Ways tot de top drie. Vanavond naar de laatste, Marketplace 76, van Needcompany. Ben benieuwd. Zodat ik u morgen, in een laatste brief, kan zeggen wie goud haalt, zilver of brons.

Guido Lauwaert

Poznan, 29 juni 2013

Fragment van 7 ways:

7ways_Geumhyung Jeong from Geumhyung Jeong on Vimeo.

Onze partners