Primavera Sound, dag 4: Anderhalf uur eeuwige zomer

06/06/16 om 23:14 - Bijgewerkt op 07/06/16 om 19:39

Laatste loodjes onder een loden zon, en die bleek venijniger te steken dan gedacht, met een zonneklop tot gevolg. Daarom, met enige vertraging, de laatste woorden over Primavera Sound 2016!

Primavera Sound, dag 4: Anderhalf uur eeuwige zomer

Brian Wilson © Wouter Van Vaerenbergh

De fotoserie over de vierde dag kan u hier bekijken.

Boredoms

Boredoms © Wouter Van Vaerenbergh

Van geen kwaad bewust vliegen we er meteen in met vier zotte Japanners: Boredomsbestaat al sinds 1986, met 'frontman' Yamantaka Eye als één van de enige constante leden. Te catalogeren onder psychedelische noiserock uit het land van de rijzende zon. Met hun kluwen van complexe, tribale drumpatronen - vreemd genoeg uitgeschreven op partituur - dubklanken, primal screams, ambient en freejazzelementen is het niet moeilijk te bedenken waarom dit vrij legendarische combo nauw aan het hart van lieden als John Zorn en Thurston Moore ligt.

Goed concert? Laten we het op 'boeiend' houden, maar als psychedelische noiserock door zotte Japanners uw ding is: zeker aan te raden!

Eeuwige zomer

Hij is 73, nam waarschijnlijk meer drugs en medicatie dan alle andere artiesten op de affiche samen en overleefde ook nog eens een malafide therapeut die zijn briljante maar fragiele geest nog dieper richting vernieling duwde. Dat Brian Wilson, het genie achter The Beach Boys, leeft en nog liveshows speelt is een half mirakel.

Brian Wilson

Brian Wilson © Wouter Van Vaerenbergh

En niet zomaar een liveshow: het integrale Beach Boys-album Pet Sounds uit 1966, na 50 jaar nog steeds algemeen beschouwd als één van de beste en meest invloedrijke albums ooit, brachten Wilson en zijn tien bandleden op Primavera, één van de dertien Europese shows die ze aandoen, en de laatste keer dat Wilson het album live brengt. De jaren al lang kwijt, maar kan rekenen op vocale assistentie van onder meer originele Beach Boy Al Jardine en diens zoon Matt.

De songs op Pet Sounds wordt netjes in de originele volgorde gebracht, dus neemt de set een vliegende start met Wouldn't It Be Nice, een tienerdrama in miniatuur. In songs als You Still Believe in Me en Don't Talk (Put Your Head On Your Shoulder) drijft de melancholie boven. Wilson was 23 jaar jong toen ie Pet Sounds maakte, en noemde Don't Talk al eens 'één van de liefste songs die ik ooit zong'. De manier waarop de gebroken man met gebroken stem de romantiek van een halve eeuw geleden probeert te vatten is tragisch en mooi tegelijk. Tijdens I'm Waiting For The Day zien we hem met een getormenteerde blik de hemel afturen. Enkele meeuwen vliegen over de mensenmassa. Zou de nabijheid van de zee voor zenuwen zorgen bij de voormalige Beach Boy?

'Hoe luid kunnen de meisjes schreeuwen? Hoe luid kunnen de jongens schreeuwen?' vraagt Wilson het publiek vlak voor Sloop John B wordt ingezet. De mannen winnen het pleit, vijftig jaar geleden zou het omgekeerd geweest zijn.

Eén van de jongens in het publiek - hij staat vlak voor me - is Erlend Øye, bekend van Kings of Convience, The Whitest Boy Alive en zichzelf. De boomlange Noor speelt niet op het festival maar is op bezoek, en geniet met volle teugen en in volle adoratie van z'n grote voorbeeld. En zo komt dat wanneer het Pet Sounds-luik is afgerond, en Good Vibrationsweerklinkt, we met een Noorse nerd en twee enthousiaste Kroatische radiomakers een dansje doen op het Catalaanse grind. De zon gaat onder en de hitparade die volgt mist zijn effect niet. Tijdens California Girls, Fun, Fun, Fun, en vooral I Get Around is hét moment aangebroken om een festivallief op te doen. Brian Wilson zorgde voor een lach en een traan, en leverde het bewijs dat muziek het kind in elke mens wakker maakt. Merci, meneer Wilson, voor anderhalf uur eternal summer.

Muziek met mojito

Primavera Sound, dag 4: Anderhalf uur eeuwige zomer

© Wouter Van Vaerenbergh

Kiezen is verliezen, elk festival krijgt er mee te maken. PJ Harvey of Orchestre Baobabof de legendarische metallo's van Venom? We gingen voor het tweede, PJ pikken we wel mee op Werchter, de oude, Senegalese knarren van Orchestre Baobab aan het werk zien in tropische avondtemperaturen, daar krijgen we waarschijnlijk geen tweede kans voor. En liever Afro-Cubaanse soukous- en cumbiaklanken dan een portie Britse trashmetal.

Negen man stonden er op het podium bij Orchestre Baobab, de een al enthousiaster en excentrieker dan de andere, maar met vereende krachten zorgden de veteranen van de afropop - ze debuteerden in 1972 - voor een meeslepende set vol hypnotische ritmes en indrukwekkende samenzang, die nog maar eens bewees dat 'wereldmuziek' op een alternatief rockfestival geen tang op een varken hoeft te zijn. Leg bij een komende hittegolf de albums Pirates Choice of Bamba maar eens op, en drink er een mojito met mijn groeten bij.

Primavera Sound, dag 4: Anderhalf uur eeuwige zomer

© Wouter Van Vaerenbergh

Van Afrika naar Amerika en Parquet Courts. De Texaanse New Yorkers zijn één van de spannendste gitaargroepen van het moment, en maakten hun reputatie van solide livegroep helemaal waar. Ergens tussen The Velvet Underground en The Grateful Dead vonden de frontmannen Austin Brown en Andrew Savage een gaatje. Coole mannen, met net genoeg sneer in de stem en mokerende, aan een snertvaart gebrachte riffs in de vingers, die intussen drie uitstekende albums op zak hebben, Light Up Gold (2012),Sunbathing Animal (2014) en Human Performance (2016), om royaal uit te trakteren.

'Nothing lasts but nearly everything lingers', zingt Savage in Berlin Got Blurry, één van de lang uitgesponnen jams die het opeengepakte volk in beweging bracht, maar tien minuten voor het eindsignaal maakten we ons toch uit te voeten. Er staat namelijk nóg een Amerikaanse gitaarheld op het programma.

Garagepunk

Ty Segall, de onvermoeibare garagerockrakker uit San Francisco is om 01u50 één van de headliners op Primavera Sound, en bracht samen met z'n begeleidingsband The Muggers één van de meest opwindende sets van het hele festival.

· 28 is hij nog maar, maar zijn naam staat al op een dertigtal langspelers. Segall had hier in verschillende gedaantes kunnen aantreden, zijn meest recente zijprojecten heten GØGGS, Wand en Fuzz, maar onder welke naam hij ook aantreedt, telkens ligt het scherp op de snee. Glamrock, sludge metal, lof-fi, garagepunk, psychedelica; voor Ty Segall loopt het allemaal door elkaar. Zijn meest recente album, het begin dit jaar verschenen Emotional Mugger, is daar een voorbeeld van. Een Dylan of Lennon zal hij nooit worden, maar voor wie rock-'n-roll gerust ook uit cheap thrills mag bestaan is aan het juiste adres.

En toen werd het blurry in Barcelona. Drie dagen felle zon en weinig slaap, in combinatie met een kolkende moshpit eisten hun tol. Weke benen, waas voor de ogen, en hoofdpijn maakten zich meester van lijf en leden. De man met de hamer vond het welletjes. We zagen nog net hoe Segall een fan het podium op duwde, hem z'n microfoon toestopte en op de eerste rij post vatte. De fan bleek niet van het schuchtere type en ging even hard te keer als z'n idool. Een mooi beeld om Primavera Sound mee af te sluiten, ook al was het van moetens.

Dit jaar waren de hoogtepunten Floating Points, Battles, Beak>, Titus Andronicus, John Carpenter, Orchestre Baobab, Brian Wilson, LCD Soundsystem, Parquet Courts en Ty Segall & The Muggers.Volgend jaar is er een nieuwe lente.

Onze partners