Dranouter met driedubbele Duke Special

23/04/10 om 11:12 - Bijgewerkt om 11:12

Bron: Knack Focus

Noord-Ierse singer-songwriter Duke Special komt met nieuwe driedubbele cd én speelde afgelopen zondag op Dranouter aan Zee.

Dranouter met driedubbele Duke Special

Duke Special is een Noord-Ierse pianist en zanger met een voorliefde voor vaudeville en music hall. Geen wonder dus dat hij voor zijn nieuwe driedubbele album The Stage, a Book and the Silver Screen het werk van Bertolt Brecht en Kurt Weill onder handen nam. Bovendien mocht hij op zondag 25 april het hoofdpodium van Dranouter aan Zee aftrappen. Tijd voor een interview!

Met zijn ruige dreadlocks, breed uitgesmeerde mascara en 'hobo chic'-outfits doet hij een beetje denken aan een vogelverschrikker. Een van de eerste gedachten die we hadden toen we foto's van hem zagen, was dan ook: 'Deze man zou in een film van Tim Burton moeten meespelen.' Zou hij dat zelf een goed idee vinden?

Duke Special: 'I'd like that very much! (lacht) Ik hou enorm van Tim Burtons films. Ik ben wel geen acteur, ook al speelde ik mee in de theateropvoering van Bertolt Brechts Moeder Courage. Ik had toen een rol als muzikant en zanger. Dus als Tim Burton me in die hoedanigheid kan gebruiken: zeker weten.'

Hoe was het om in het voorprogramma van Van Morisson te spelen?

'Ik speelde twee concerten in Belfast als zijn opener. Dat was een ongelooflijke ervaring. (denkt na) Van The Man is amazing. Hij heeft me veel bijgebracht: hij was de eerste om plaatsen in Noord-Ierland in songs te verwerken. Orange Field, Cypress Avenue, Hyndford Street... Zo zag ik in dat elke plaats in een song poëtisch en mooi kan klinken, ook al is ze dat in realiteit helemaal niet.'

Heb je met hem gepraat?

'Nee, zelfs de muzikanten van Vans band zijn weinig sociaal. Hij is ook heel gereserveerd, verlegen zelfs. De tweede avond stond hij wel te kijken aan de zijkant van het podium. Dat was al heel wat, vind ik.'

Je bent opgegroeid in Belfast. Welke invloed had dat op jouw persoonlijkheid en muziek?

'Noord-Ierland is alvast geen paradijs voor muzikanten. Om er iets te bereiken, moet je hard werken. Ik ben er dan ook erg vastberaden door geworden. Verder is het voor mij niet helemaal duidelijk hoe de stad me beïnvloedde. Toen men in een interview aan de muzikanten van Sigur Ros vroeg hoe IJsland hen had beïnvloed, zeiden ze: "We weten het niet, maar moesten we in Zuid-Amerika geboren zijn, hadden we vast een heel andere plaat gemaakt." Daar kan ik me volledig in vinden.'

Je nam de vijf songs van Kurt Weills onafgewerkte musical Huckleberry Finn op. Hoe leerde je die nummers kennen?

'Ik hoorde een vriend Catfish Song zingen. Vrijwel meteen vond ik het een heel mooi en onschuldig nummer. Bovendien kwam ik te weten dat het uit Huckleberry Finn kwam en stelde ook vast dat die songs nog niet vaak werden opgenomen. Nummers als September Song, Lost In The Stars of Mac The Knife worden nog regelmatig gecoverd, maar de songs op Huckleberry Finn zijn veel minder bekend. Het leek me dus een uitgelezen kans om er iets mee te doen.'

Zou Kurt Weill zelf er tevreden mee geweest zijn, denk je?

'Ik geloof van wel: een paar weken geleden ben ik naar New York getrokken om mijn versie van zijn songs te spelen voor de mensen van de Kurt Weill-stichting en ze waren er erg over te spreken. Wat mij dan weer ongelooflijk veel plezier deed. Hoe meer ik lees en bijleer over de man, hoe meer ik onder de indruk geraak van zijn persoon. Ik was dan ook blij als een kind toen ze mij hun goedkeuring gaven.'

Je verzamelde de nodige fondsen voor je laatste plaat door gebruik te maken van Pledge Music.

'In wezen is het een manier voor artiesten om hun bestaande fanbase in te zetten bij het vergaren van de nodige centen voor opnames of marketing. Fans kunnen een nieuwe cd vooraf bestellen of ze kunnen zich een exclusieve ervaring of een uniek voorwerp aanschaffen. Dat kan gaan over een privéconcert, een dag in de studio met hun idool, een persoonlijk gedicht of een workshop songschrijven. Zo krijgen artiesten de kans om zonder ondersteunende platenfirma hun ding te doen.' Hoeveel van die privéconcerten moet je zo spelen?

'Tot nu toe speelde ik er een, maar ik heb er nog zes op het programma staan. Daarnaast twaalf gedichten, tien coversongs, tien workshops songschrijven en dan nog een aantal handgeschreven vellen met tekst. Niet te onderschatten, dus. (lacht)'

Is het daardoor allemaal nog wel de moeite? Denk je dan niet: 'Volgende keer ga ik gewoon terug in zee met een platenfirma?'

'Het leuke is dat we voor deze plaat ons eigen marketingteam konden samenstellen, terwijl je bij een platenfirma maar een van de vele artiesten bent. Al te vaak beland je al snel achteraan in de kast. Terwijl de mensen die je zelf inhuurt zeer toegewijd zijn en voor je door het vuur zouden gaan. Elke methode heeft natuurlijk zijn voor- en nadelen.'

Je besloot The Silent World of Hector Mann op te nemen in samenwerking met Nirvana-producer Steve Albini. Toch een speciale combinatie, als je het mij vraagt?

'Inderdaad, Albini staat uiteindelijk nog het meest bekend om zijn werk met garage- en punkrockbands. Terwijl de muzikanten in mijn groep bijna allemaal op akoestische instrumenten spelen.'

Hoe ben je bij hem terechtgekomen?

'Ik leerde hem kennen via Paul Pilot, de producer van mijn laatste twee albums. Wat me overtuigde was dat Albini een briljant technicus is en hij wat je speelt zeer minutieus weet vast te leggen. Ik wilde uitgedaagd worden en samenwerken met andere mensen. Het was de uitgelezen kans om iets te doen dat ik normaal niet zou doen. We speelden live in de studio en namen alles in één keer op. Als iemand, vaak ik zelf (lacht), een fout speelde, moesten we helemaal herbeginnen.'

Hij heeft de reputatie nogal stug en nors te zijn. Viel het mee om met hem samen te werken?

'Ik vond hem heel gemakkelijk om mee samen te werken. Vaak dwong hij mij om dieper in mezelf te graven en mezelf in twijfel te trekken. Als je hem vraagt wat hij over een bepaalde song denkt, mompelt hij iets in de zin van: 'Ik heb daar geen mening over.' Hij wil geen producer zijn, maar is dus wel een onwaarschijnlijk goede studiotechnicus. If it's shit, he'll record it really well, but it'll still be shit... Je moet dus zelf zeer kritisch zijn en niet verwachten dat hij je op je fouten wijst.'

Duke Special in de studio bij Steve Albini:

Freek Lauwers

Onze partners