Verslag Eurosonic 2015 @ Groningen, Dag 1: Ierse muurbloempjes en arctische exotiek

15/01/15 om 17:41 - Bijgewerkt om 17:40

EuroSonic geldt al jaren als het belangrijkste showcasefestival in Europa. In Groningen struikel je letterlijk over de jonge bands die om aandacht schreeuwen. Want tussen de 3.275 muziekprofessionals die hier de clubs afschuimen, is er altijd wel één die voor dat beslissende duwtje in de rug kan zorgen.

Verslag Eurosonic 2015 @ Groningen, Dag 1: Ierse muurbloempjes en arctische exotiek

Samaris © gf

Drie avonden lang kun je in de binnenstad van Groningen het talent van de toekomst ontdekken. Adele, Franz Ferdinand, Jake Bugg, Editors, White Lies, James Blake, Palma Violets, allemaal hebben ze hier, op één van de 35 op wandelafstand van elkaar verwijderde podia, hun eerste stapjes naar een internationale doorbraak gezet.

Succes is nooit gegarandeerd, want of je tussen de vele honderden bands op het programma opvalt of niet, hangt van talloze factoren af. Maar wie niet waagt niet wint: met een beetje geluk houdt aan artiest aan zijn concert op EuroSonic een platencontract, een machtige bookingagent of een plekje op een buitenlands festival over. Dat verklaart waarom ook dit jaar weer zeventien Belgische groepen, waaronder Oscar & The Wolf, Intergalactic Lovers en Condor Gruppe, naar Groningen zijn afgezakt. Goed nieuws is er alvast voor Melanie De Biasio, die een prestigieuze EBBA (European Border Breaker Award) mee naar huis mag nemen. Dat dankt ze aan haar jongste cd 'No Deal', die het ook buiten onze landsgrenzen uitstekend heeft gedaan.

Ieder jaar staat tijdens EuroSonic de muziekscene van een Europees land centraal. Dit jaar zijn alle schijnwerpers op IJsland gericht, en naar de afgeladen volle zalen te oordelen, is het publiek behoorlijk nieuwsgierig naar wat er in het Hoge Noorden op het gebied van pop, rock, elektro en dance allemaal te beleven valt. Zelf onthouden we van de openingsavond alvast deze vijf interessante namen:

• SISTERS (De Spieghel, 20u)

Sisters is een piepjong trio, afkomstig uit het Ierse stadje Limerick, dat zijn pijlen dezer dagen vanuit Londen afschiet. De groep speelt snedige punkpop waarin catchy melodieën worden gecombineerd met noisy gitaren en baspartijen waar Kim Deal zich niet voor zou schamen. Ook de aanstekelijke samenzang van frontvrouw Aoife en snarengeselaar Niall vormt een pluspunt.

Sisters pretenderen niet dat ze iets nieuws hebben uitgevonden: hun muziek laat zich haast vanzelf associëren met die van de Britse C86-generatie uit de eighties. Maar hun liedjes klinken compact en aanstekelijk, bevlogen en fris, en hun kwispelende single 'Hush Hush' heeft op het humeur van ondergetekende alvast een weldadige invloed. Het drietal kampeerde al in de studio met lieden als Mark Ronson en Bruno Mars. Radiomakers zullen hun dra te verschijnen debuut-cd dus onder geen beding kunnen negeren.

• MAMMÚT (Grand Theatre, 21u30)

In IJsland is Mammút al jaren een instituut: de groep won er in 2003 de plaatselijke Rock Rally (Músiktilraunir), kwam terecht op het Smekkleysa-label, waar iemand als Björk tot vandaag haar centen in investeert, en bracht tot dusver drie uitstekende langspelers uit. Ook live weet het sextet van wanten. Het speelt een melodieuze en sensuele vorm van postpunk, voortgestuwd door nerveuze, kort aangebonden gitaren, occasioneel gelardeerd met enige elektronica.

Girl Power staat bij Mammút centraal, want het zijn vooral de drie vrouwen in de groep die de lakens uitdelen. Zangeres Katrína Kata Mogensen is niet toevallig de dochter van de bassist van Kukl, een legendarisch IJslands punkcombo waar ook mevrouw Björk ooit deel van uitmaakte. Het enige dat de internationale doorbraak van Mammút in de weg staat, is dat de groep zich in haar songs hoofdzakelijk van haar moedertaal bedient. Maar dat heeft u toch ook niet belet Sigur Rós in de armen te sluiten?

• SOAK (Grand Theatre Up, 22u15)

Ze is amper achttien en oogt als het meisje uit je straat dat tijdens feestjes altijd onopvallend in een hoekje blijft zitten. Maar wanneer je haar in haar eentje met een gitaar op het podium ziet staan, dwingt ze wel degelijk ontzag af. SOAK, een samentrekking van soul en folk (al associeert ze zich met geen van beide genres) is het alter ego van de Noord-Ierse Bridie Monds-Watson en ondanks haar jeugdige leeftijd klinken haar sobere, verstilde songs zowel vroegrijp als bedachtzaam. Na twee mooie ep's werd ze al opgevist door major Warner Bros, die binnenkort haar eerste werkstuk van lange adem uitbrengt.

Naar haar soepele fingerpickingspel en mijmerende songs als 'Explosions', 'Sea Creatures' of 'Shuvels' te oordelen, staat ze inmiddels ingeschreven in het bevolkingsregister van het plaatsje Toekomst. Live doet een nummer als 'B a noBody' zelfs denken aan een akoestische eenmansversie van The XX. Toegegeven, SOAK maakt geen muziek voor de grote massa (al weet je dat in deze internettijden nooit zeker), maar ze schrijft wél liedjes waar troost uit te putten valt. Zondag is ze te zien in het Antwerpse Trix waar ze, samen met Low, de vijftiende verjaardag van het radioprogramma Duyster mag opluisteren. Op tijd komen is de boodschap.

• LOW ROAR (Grand Theatre Up, 23u45)

Ryan Karazija is een Californiër die enkele jaren geleden naar Reykjavik verhuisde en zijn aanpassingsproblemen chroniqueerde in songs die hij met een laptop opnam in zijn keuken. Sinds 2011 leverde dat twee prachtige platen op, waar de muziekpers adjectieven opkleefde als 'dromerig', 'episch', 'melancholisch' en 'neoklassiek'. Karazija brengt de vruchten van zijn creativiteit uit onder de naam Low Roar en laat zich op het podium, waar hij zelf een akoestische gitaar en een klein keyboard beroert, bijstaan door een drummer en een toetsenman.

Zijn grote troef is echter zijn stem, een helder instrument dat afwisselend doet denken aan Jónsi en Thom Yorke en waarmee hij duizelingwekkende hoogten verkent. Zijn muziek vertoont, qua grandeur, raakpunten met die van Sigur Rós, maar doet net zo goed denken aan Dead Can Dance (gesteld dat Lisa Gerrard een man zou zijn geweest) of aan Starsailor (maar dan in een vulkanische aswolk gehuld).

Zoals blijkt uit songs als 'Just A Habit' of 'Give Up', zijn de heren van Low Roar echter veel méér dan epigonen. De groep laste al haar songs naadloos aan elkaar, zonder het publiek een adempauze te gunnen. Intussen toverde de klavierspeler afwisselend strijkers, een koor en een trompet tevoorschijn en ontlokte hij zijn synths schurende en schrapende geluiden, waarmee hij de schoonheid van de muziek op gezette tijden saboteerde. Het publiek reageerde euforisch. Low Roar is ongetwijfeld één van die namen die, na EuroSonic, nog lang zullen blijven nazinderen.

• SAMARIS

Een zangeres met een timbre à la Björk, een klarinetiste die goed naar Jon Hassell heeft geluisterd en een techneut die inventieve laptopelektronica combineert met tranceverwekkende techno- en triphopbeats: samen vormen zij Samaris, een IJslands gezelschap dat opvalt door zijn weinig conventionele instrumentatie. Met de steun van het Britse One Little Indian-label is het trio al een poosje aan een internationale opmars bezig en ook in Groningen liet het publiek zich willoos betoveren door nummers uit de cd's 'Samaris' en 'Silkidrangar'.

Dromerige dansmuziek, gebouwd op IJslandse gedichten uit de negentiende eeuw: geen idee of iemand er op zat te wachten. Maar ook wie, zoals wij, geen snars van de teksten begreep, raakte moeiteloos in de ban van nummers als 'Tíbrá' en 'Ég vuldi fegin ver∂a'. Want zeg nu zelf: een vleugje arctische exotiek is toch nooit weg?

Lees meer over:

Onze partners