Richard Thompson en Chris Smither @ Tønderfestival: Ambachtelijke rootsmuziek van topniveau

28/08/15 om 14:17 - Bijgewerkt om 14:17

Met wat goede wil zou je Tønder als de Deense versie van Dranouter kunnen beschouwen. Het festival zoomt vooral in op folk, Americana en andere vormen van rootsmuziek. Tijdens de openingsdag kregen we alvast memorabele shows van Chris Smither en Richard Thompson voorgeschoteld.

Richard Thompson en Chris Smither @ Tønderfestival: Ambachtelijke rootsmuziek van topniveau

Richard Thompson © gf

"Hand made music", zo luidt de tagline van het Tønderfestival. Dat is geen loze kreet: de programmatoren van de vierdaagse, die al aan zijn 41ste aflevering toe is, leggen graag de nadruk op het ambachtelijke aspect van het songschrijven. Op de acht podia valt dus vooral folk, blues, country en bluegrass te degusteren, maar behalve voor Amerikaanse tradities heeft Tønder ook oog voor, pakweg, keltische, Scandinavische en mediterrane. Levende legendes en jonge talenten staan er broederlijk naast elkaar en behalve op het grote openluchtpodium vinden er ook optredens plaats in marquees van verschillende formaten of in het intieme kader van een spiegeltent.

Tønder, dat in het zuiden van Denemarken, vlakbij de Duitse grens ligt, mag dit jaar dagelijks zo'n 12.000 toeschouwers verwelkomen en is nog niet ten prooi gevallen aan de megalomanie van vele andere Europese festivals. De atmosfeer is er dan ook gemoedelijk en ontspannen, wat niet belet dat er deze week nog grote namen als Mary Gauthier en John Prine op de affiche staan.

Voor Hayseed Dixie, vier Amerikaanse hillbillies die op Tønder het vuur aan de lont staken, mogen we dan weer de omschrijving 'prettig gestoord' van stal halen. Het gaat om een akoestische bluegrassband die met behulp van banjo's, mandolines en fiddles knotsgekke maar virtuoze versies speelde van nummers van AC/DC ('You Shook Me All Night Long'), Black Sabbath ('War Pigs') of Survivor ('Eye of the Tiger') en er zelfs in slaagde het publiek eensgezind 'Coldplay sucks!" te doen scanderen. Mannen naar ons hart dus. En bijzonder onderhoudend, bovendien.

Rustiek

Iets serieuzer ging het er aan toe tijdens het optreden van The Stray Birds, een trio uit Pennsylvania dat naar country neigt en zich vooral specialiseert in ontwapenende close harmony-zang. Hun songs over weeshuizen en in moord of doodslag eindigende liefdesaffaires, gebracht met rekwisieten als gitaar, dobro, fiddle en contrabas, herinnerden afwisselend aan The Everly Brothers en het oeuvre van Gillian Welch en Dave Rowlings.

De ene keer ingetogen ('Muddy Waters'), de andere keer uitbundig en feestelijk ('New Shoes', 'Sabrina'), net als op hun pas verschenen, vierde cd 'Best Medicine', overigens. The Stray Birds coverden ook Townes Van Zandt ('Loretta') en Jimmie Rodgers ('Blue Yodel #7') -altijd een teken van goede smaak- maar gaf vooral aan dat ze, met Maya de Vitry en Oliver Craven, zelf twee liedjesschrijvers van formaat in de rangen hadden.

Van een nog iets groter kaliber is de inmiddels 70-jarige Chris Smither, een singer-songwriter die opgroeide in New Orleans en een vijftiental langsplers op zijn palmares heeft staan. Hij zag zijn werk, een synthese van folk, blues en ragtime, al opgenomen door onder anderen Emmylou Harris, Diana Krall en Bonnie Raitt, met wie hij lange tijd samenwerkte en die hem liefkozend haar "eigen Eric Clapton" noemt.

Dat Smither nooit zo bekend werd als slowhand, had met een langdurige periode van alcoholisme te maken. Maar dat is verleden tijd: de artiest is al een hele poos clean, beleeft zichtbaar plezier op het podium en beschikt over een verbluffende fingerpickingtechniek, bestoven door Mississippi John Hurt, Lightnin' Hopkins, Son House en Fred McDowell. Ook zijn donkerbruine, rustieke stem staat bij Americanaliefhebbers hoog aangeschreven.

Met zijn onlangs verschenen cd 'Still on the Levee' vierde hij een carrière die al een halve eeuw omspant, maar op Tønder vertoonde hij allerminst vermoeidheidsverschijnselen. Zijn songs gaven blijk van inzichten die je pas verwerft nadat je veel zwarte sneeuw hebt gezien, maar werden altijd met humor ("I move so slow my shadow often kicks me from behind", zong hij in 'Time Stands Still') of een ondeugende knipoog verwoord ("If you listen to your mama / You'll never have no fun", luidde het in 'Don't Call Me Stranger'). Smither borstelde subtiele portretten van zijn ouders en van slechte vrouwen en eindigde met een sterk vertraagd 'Sitting on top of the World', een bluesstandard uit 1927 van de Mississippi Sheiks. Een tijdloze set van een muzikant die op zijn oude dag nog lang niet is uitgezongen.

Fluitje van een cent

Eigenlijk is Richard Thompson, 66 intussen, niet eens zoveel jonger, maar de Brit beschikt natuurlijk al langer over een legendarische status. Tijdens de sixties stond hij met Fairport Convention aan de wieg van de folkrock en sindsdien heeft hij, solo of met zijn ex, Linda, een discografie opgebouwd die nauwelijks zwakke momenten kent.

Zijn jongste cd 'Still' werd geproducet door Jeff Tweedy van Wilco, maar bij de man met de onafscheidelijke baret hoef je niet aan te kloppen voor gemakzuchtige promonummertjes: uit die plaat stond slechts één enkel nummer ('Josephine') op het menu. De rest van zijn akoestische soloset, van 'Bathseba Smiles' tot 'One Door Opens', was een boeiende dwarsdoorsnede van zijn hele oeuvre.

Wat elk concert van Richard Thompson tot een belevenis maakt, is zijn inventieve gitaarspel, waardoor je voortdurend het gevoel krijgt dat er een hele band op het podium staat. Wanneer je Thompsons vingers over de snaren ziet glijden, lijkt het een fluitje van een cent, maar dat ís het natuurlijk niet. Zijn bijzondere tunings, zijn gevoel voor timing, zijn souplesse en raffinement worden terecht als uniek beschouwd. Thompson doet je beseffen dat je één song op honderd manieren kunt spelen en dat een artiest die zijn métier kent altijd verrassend uit de hoek kan komen.

Op Tønder pakte hij uit met gevoelige ballads ('The Ghost of You Walks', 'Persusasion'), meebrulbare zeemansliederen ('Johnny's Far Away'), luchtige popnummers ('I want To See The Bright Lights Tonight'), gedreven rockers ('Valerie') en zijn eigen interpretatie van 'Easy Rider' ('1952 Vincent Black Lightning'). Maar hij bracht net zo goed hulde aan wijlen Sandy Denny, met een fraaie cover van 'Who Knows Where The Time Goes', of diepte klassiekers op als 'Wall of Dead', 'I Misunderstood' en het van seksuele frustratie bol staande 'Read About Love'.

Tussen de songs door zat Thompson nooit om een kwinkslag verlegen, ook niet toen hij op het einde van zijn set een snaar brak ("Only rich people have a spare guitar") en hij die nog in allerijl diende te vervangen, met het oog op een toegift. Dat werd uiteindelijk een pakkende uitvoering van 'The Dimming of the Day'. En zo bewees de guitige Brit andermaal dat hij in zijn genre tot de absolute top behoort. Mis hem niet wanneer hij op 7 oktober de Brusselse AB aandoet.

SETLIST RICHARD THOMPSON: Bathseba Smiles / The Ghost of You Walks / Valerie / Josephine / Johnny's Far Away / Stony Groud / 1952 Vincent Black Lightning / Dry My Tears and Move On / I Want To See The Bright Lights Tonight / Who Knows Where The Time Goes / Good Things Happen To Bad People / Saving The Good Stuff For You / Read About Love / Wall of Death / Persuasion / I Misunderstood / One Door Opens // The Dimming of the Day.

Lees meer over:

Onze partners