EuroSonic @ Groningen, Dag 2: Verpletterend Madensuyu geeft iedereen het nakijken

17/01/14 om 14:58 - Bijgewerkt om 14:58

Bron: Knack Focus

Eurosonic biedt vooral de mogelijkheid om nieuwe groepen te ontdekken. Maar soms loont het ook de moeite te gaan kijken naar iets wat je al kent. Al was het maar om een Gentse band als Madensuyu glorieus boven zichzelf te zien uitstijgen.

EuroSonic @ Groningen, Dag 2: Verpletterend Madensuyu geeft iedereen het nakijken

Wie in Groningen tijdens Eurosonic een avondje van zaal naar zaal rent, ontdekt veel nieuwe muziek van wisselende kwaliteit. Maar soms loont het ook de moeite te gaan kijken naar iets wat je al kent. Al was het maar om een Gentse band als Madensuyu glorieus boven zichzelf te zien uitstijgen.

Chauvinisme is ondergetekende doorgaans vreemd. Toch is het hartverwarmend vast te stellen dat de meeste Belgische groepen hier dit weekend voor bomvolle zalen spelen (het is ooit anders geweest) en ook door buitenlandse toeschouwers en muziekprofessionals enthousiast worden ontvangen. Flying Horseman en Dans Dans worden vandaag bijvoorbeeld geïnterviewd door de Deense radio en ook het optreden van Geppetto & The Whales is gisteren niet ongemerkt voorbijgegaan.
Wat er nog méér te onthouden viel van dag twee, leest u hieronder.

THE STRYPES
Er zijn zo van die groepen die klinken alsof ze vijftig jaar te laat zijn geboren. The Strypes is er zeker één van. Het kwartet uit het Ierse Cavan maakt smerig klinkende, franjeloze garagerock die bevrucht is door de vroege rock-'n-roll van Little Richard, de blues van Slim Harpo en de sixties-punk die we kennen van de fantastische compilatiereeks 'Nuggets'. De voorbje maanden werden The Strypes al gehypet door NME en Mojo en hoewel hun rechttoe rechtaanmuziek een beetje anachronistisch aandoet, klinkt ze ons, vooral live, behoorlijk opwindend in de oren. Zanger-harmonicaspeler Ross Farrelly en gitarist Josh McClorey trokken op het podium meteen alle aandacht naar zich toe. Korte, snedige songs uit hun debuut-cd 'Shapshot', zoals 'What A Shame', 'Angel Eyes' en het van Bo Diddley geleende 'You Can't Judge A Book By The Cover' flitsten je terug naar de begindagen van The Beatles en The Stones, toen muzikanten nog scherpgesneden pakken droegen en het leven zoveel simpeler was dan vandaag. The Strypes: zo retro als de pest, maar niettemin met een hoog entertanmentgehalte.




THE VEGETABLE ORCHESTRA
Van Einstürzende Neubauten leerden we ooit dat je in principe uit ieder voorwerp muziek kunt halen. Maar een musicerende voedselbank? Daar hadden ook wij nog nooit van gehoord. Het Weense Vegetable Orchestra bedient zich al vijftien jaar van een instrumentarium dat uitsluitend uit... verse groenten bestaat. Pompoenpercussie? Check. Fluiten gemaakt van wortels? Check. Een viool, vervaardigd uit prijstengels? Check. Je moest het zien om het te geloven, maar zelfs het geritsel van een bos peterselie of het door een distortion pedal gejaagde geluid van iemand die een bloemkool snijdt, kreeg een plek in de composities van deze maffe Oostenrijkers. Het zal u dus niet verbazen dat hun jongste cd de titel 'Onionoise' meekreeg. Natuurlijk heeft de speelse avantgarde van de Veggies minstens evenveel met performance als met muziek te maken, en om voor de hand liggende redenen ligt tijdens hun concerten de nadruk meer op ritme dan op melodie. Een radiohit zien we deze bonte bende niet meteen scoren, maar je kunt alvast niet zeggen dat haar huis-, tuin- en keukenmuziek niet organisch klinkt. En weet u nog een andere band op te noemen die na afloop van zijn optredens van zijn instrumentium een lekker soepje kan koken? Over de prijs voor het origineelste optreden hoefden we dus niet lang na te denken. The Vegetable Orchestra: twelve points.




SEX JAMS
Nog méér Oostenrijks geweld, maar dan van een heel andere orde, kregen we geserveerd door Sex Jams. De groep heeft haar bezetting gedeeltelijk gemeen met Mile Me Deaf, een fuzzpopgezelschap dat zich vorig jaar tijdens GLIMPS al in gunstige zin had doen opmerken. Het grote verschil is dat Sex Jams met Katarina Trenk over een wilde zangeres beschikt, die tijdens EuroSonic meer aan één duik in het publiek waagde. De tussen postpunk en noiserock laverende muziek van de groep deed nog het meest denken aan een rechtlijnige versie van Sonic Youth: de gitaar van Wolfgang Möstli zocht regelmatig slecht verlichte kronkelpaadjes op, maar de uitbundige liedjes (vooral uit de vorig jaar verschenen cd 'Trouble, Honey' en de nieuwe 10-inch 'Junkyard') klonken al bij al vrij eenvoudig. Echt vernieuwend kon je Sex Jams niet noemen, maar er hing tijdens hun optreden wél veel elektriciteit in de lucht. Bovendien stond het kwintet -één van de troefkaarten van het kleine Weense Siluh-label- met veel appetijt en zelfvertrouwen op het podium. En naar de geestdriftige reacties van het publiek te oordelen, waren we niet de enigen die de Sex Jams zeer te pruimen vonden.




MADENSUYU
Als er één groep donderdag met kop en schouders boven alle andere uitstak, was het wel het Belgische Madensuyu. Zanger-gitarist Stijn Ylode De Gezelle en drummer Pieterjan Vervondel stonden, pardon, záten slechts met zijn tweeën op het podium, maar ontketenden zoveel verschroeiende kracht en legden zoveel gedrevenheid aan de dag dat het leek alsof je op zijn minst met een viermansband te maken had. Madensuyu trad aan voor een afgeladen volle Vindicat en leidde het publiek in geen tijd naar de opperste staat van euforie. De set, waarin materiaal uit de nieuwe cd 'Stabat Mater' werd afgewisseld met weergaloze klassiekers als 'FAFAFAFUCKIN' en 'Ti:ME', refereerde qua sound weliswaar aan Sonic Youth, The Velvet Underground en NEU!, maar als puntje bij paaltje kwam klonk het duo toch vooral als Madensuyu. Intensiteit, strakheid en minimalisme waren de sleutelwoorden. Meer nog dan als een concert kwam de passage van de Gentenaren over als een overrompelende guerilla-aanval. En reken maar dat er slachtoffers vielen. Uit de fonkelende ogen van de toeschouwers viel af te leiden dat Madensuyu in Groningen enkele fans voor het leven heeft gemaakt. Neen, hier viel echt geen speld tussen te krijgen.




MONEY
Wat weten we over Money, behalve dan dat we er nooit genoeg van hebben? Dat het ook de naam is van een groep uit Manchester, die werd ingehaald door het toonaangevende Bella Union-label en vorige zomer debuteerde met de cd 'The Shadow of Heaven'. Live vertoonden de overwegend trage, ingetogen emo-songs van Money soms raakpunten met die van Elbow. Alleen zat er wat meer galm op de gitaar en toonde het kwartet, onder leiding van zanger Jamie Lee, een voorliefde voor epische structuren. Niet kwaad, maar iets te saai en te doordeweeks om je aandacht langer dan tien minuten vast te houden. Het soort Money, kortom, dat al dreigt te devalueren nog voor je het goed en wel op je spaarrekening hebt gepleurd.




THE WANDS
The Strypes was niet de enige band op EuroSonic die te lang voor de achteruitkijkspigel had geoefend. Ook The Wands, een kwintet uit Kopenhagen, had meer met het verleden dan met de toekomst te maken. De groep, die een uitgesproken sixties-imago cultiveerde, maakte muziek op het snijpunt van psych en garage. Het ene moment deden haar songs denken aan die van The Lyres, maar dan zonder het karakteristieke orgeltje, het andere aan de meest psychedelische momenten van Echo & The Bunnymen. De stem van de zanger leek trouwens als twee druppels water op die van Ian McCulloch. Dat de heren niet vies zijn enig geestesveruimend spul, blijkt al uit de titel van hun debuut-ep 'Hello I Know the Blow You Grow is Magic'. Net als Jacco Gardner en Ty Segall hebben de vier heren en de op tamboerijn actief zijnde dame van The Wands heimwee naar vroeger tijden, maar goeie songs zijn goeie songs. En daarvan hebben ze er beslist enkele in de aanbieding.



Dirk Steenhaut

Onze partners