Stereolab: Indietronics meets sixtiespop

15/11/10 om 12:30 - Bijgewerkt om 12:30

Bron: Knack Focus

De nieuwste worp van Stereolab is 'Not Music.' Wat dan wel? Een uitbundig treffen van indietronics en sixtiespop!

Stereolab: Indietronics meets sixtiespop

Stereolab ***

Not Music

Indiepop

PIAS

Geen enkele groep heeft zo'n toepasselijke naam als Stereolab. De naam suggereert een stereofonisch geluid dat een erlenmeyer komt opgekringeld. En zo klinkt de muziek van Sterolab ook écht: alsof het onder de gloed van een bunsenbrander in het ijle evaporeert en wij luisteraars als toevallige omstanders het exclusieve recht genieten ons eraan te beroezen.

Dat exclusieve recht mag u overigens vrij letterlijk nemen, want in zijn haast twintigjarige bestaan is het los-vaste collectief onder aanvoering van Tim Gane en Laetitia Sadier er nooit in geslaagd om uit de underground te breken. Best zonde, want achter een mistgordijn van dwarse beats en balsturige bleeps gaat een liefde voor melodieuze popmuziek schuil. Denk aan Burt Bacharach, denk aan Antonio Carlos Jobim, denk aan The Beach Boys.

Jazeker, Stereolab stond mee aan de wieg van ambient en postrock, maar heeft hoegenaamd geen uitstaans met de etherische leegheid die er synoniem mee is geworden. Integendeel, de Londense laboranten zijn met het klimmen der jaren alleen maar somptueuzer gaan klinken. Op het twee jaar oude Chemical Chords verrijkten ze hun muzikale palet zelfs met woeste strepen Motown en subtiele wolkjes doowop. En ook Not Music, samengesteld uit dezelfde opnamesessie als Chemical Chords, is een uitbundig treffen van indietronics en sixtiespop.

Opener Everybody's Weird Except Me slingert je meteen terug naar het jolige yéyé-tijdperk. Supha Jaianto is sprankelende spacepop op een aanstekelijke backbeat. So Is Cardboard Clouds vertoeft met zijn zwoele blazerssectie en melancholische vocalen in het vaarwater van Belle & Sebastian en Equivalences doet denken aan de filmische flair van Henry Mancini en de wollige warmte van Air. Dat we aansluitend enkele middelmatige instrumentals moeten verbijten, zoals het besmuikt naar Kraftwerk knipogende Silver Sands, zijn we ter hoogte van het slotoffensief allang vergeten. De luisteraar uitgeleide doen met een batterij vette synths uit de Grandaddystal (Pop Molecules) en hem tot slot onderdompelen in een bad van galopperende drums en schijnbaar flippende faxmachines (Neon Beanbag): uw oren zijn beslist al van heel wat minder gaan tuiten.

Vincent Byloo

Onze partners