Review: Melancholia

19/05/11 om 16:08 - Bijgewerkt om 16:08

Bron: Knack Focus

Net nu Lars von Trier eindelijk nog eens een ironievrije Gouden Palm-pretendent heeft gemaakt zet de Deense relneef zichzelf opnieuw meters buitenspel door op de persconferentie achteraf allerlei stupiditeiten over Hitler te verklaren. Nochtans is er van nazi-sympathieën niet de minste sprake in zijn verrassend beheerste Melancholia.

Review: Melancholia

Net nu Lars von Trier eindelijk nog eens een ironievrije Gouden Palm-pretendent heeft gemaakt zet de Deense relneef zichzelf opnieuw meters buitenspel door op de persconferentie achteraf allerlei stupiditeiten over Hitler te verklaren. Nochtans is er van nazi-sympathieën niet de minste sprake in zijn verrassend beheerste Melancholia, een psychodrama uit twee delen over twee zussen die elk op een aparte manier reageren op het einde der tijden. Voor de depressieve bruid Justine (een goeie comebackrol voor Kirsten Dunst) is de wetenschap dat een hemellichaam straks frontaal op de Aarde zal botsen eerder een geruststelling dan een reden tot paniek. Voor haar 'normale', levenslustige zus Claire (Charlotte Gainsbourg) is het daarentegen het signaal om alle angsten en vetes te bezweren, in de ijdele hoop dat alles toch nog goed komt.

Von Trier opent zijn hoogromantische doemsprookje met een wondermooie proloog waarin het verhaal wordt samengevat in enkele hypergestileerde tableaus en slowmotionbeelden op muziek van Wagners Tristan & Isolde (dan toch een nazi-referentie?). In het eerste deel volgt hij vervolgens Justine tijdens haar turbulente bruiloftsfeest, met barokke decors en handbewogen beelden alsof Luchino Visconti zijn eigen versie van Festen aan het draaien is. In het tweede, meer introverte deel verlegt Von Trier ten slotte de focus op Claire en op de andere bruiloftsgasten die lijdzaam toezien hoe de planeet Melancholia de Aarde dreigt te vermorzelen.

In tegenstelling tot zoveel andere films over het einde der tijden, zoekt Von Trier de suspense enkel binnenshuids en binnenskamers, terwijl hij zich ook op geen enkel moment vergrijpt aan de pseudofilosofische kitsch van Terrence Malicks The Tree of Life, een film die qua thematiek nogal wat raakvlakken heeft. Jammer genoeg maakt die sobere aanpak de film ook net een tikje saai en afstandelijk, terwijl sommige personages nogal karikaturaal ogen (Charlotte Rampling als de bitch van een moeder, John Hurt als de zuipschuit van een pa) en een zeker déja vu-gevoel zich gaandeweg van je meester maakt.

Niettemin: Von Triers beste film sinds Dogville, en zeker zijn meest beheerste en serieuze.

Dave Mestdach

Lees meer over:

Onze partners