Recensie: de nieuwe existentiële komedie van Roy Andersson

03/09/14 om 11:24 - Bijgewerkt om 11:24

Met zijn minutieus gecadreerde composities, zijn kurkdroge sitcom en zijn ironische, vaudevilleske observaties over het moderne leven wordt Roy Andersson wel eens de Zweedse Tati gedoopt. Alleen is Anderssons wereldbeeld stukken grauwer, donkerder en absurdistischer dan dat van Grand Jacques.

Recensie: de nieuwe existentiële komedie van Roy Andersson

© x

Een echte rode draad hoef je in A Pigeon Sat on a Branch Reflecting on Existence - de titel alleen al! - alvast niet te zoeken, al zijn er twee handelsreizigers die in meerdere tableaus opduiken en daarin tevergeefs hun carnavalsgadgets - vampiertanden, een lachzak en een monstermasker - aan man en vrouw trachten te slijten. Het is alsof Andersson, die als steeds elk shot tegen het doek schildert als ware het een schilderij uit een onbestemde tijd van toen, lijkt te zeggen hoe weinig er in dit ondermaanse te lachen valt, tenzij je als een vampier je tanden in je medemens zet, af en toe een kunstmatige lach fabriceert en een monsterlijk masker opzet.

Hoewel deze existentiële komedie op het eerste gezicht een losse stoet van droogkomische sketches lijkt, zit onder elke scène dan ook een symbolische subtekst, zelfs wanneer een groep soldaten plots in een zingen uitbarst in de kroeg - een hilarische flashbackscène naar de oorlog die de draak steekt met goedkope nostalgie. Of wanneer er een duizendkoppig 18de eeuws leger plots een andere kroeg komt binnen gestapt, een even hilarische, nog absurdere scène die met zijn acht minuten durende single take, tientallen figuranten en complexe choreografie bovendien ook technisch een heuse tour de force is.

Ha-ha humor is kortom niet wat Andersson serveert, en soms blijft het onduidelijk wat de Zweedse regisseur precies bedoelt, of gaat de intrieste grap de mist in, maar ook in dit slotstuk van zijn trilogie over de menselijke conditie (eerder waren er de festivalfavorieten Songs from the Second Floor (2000) en You The Living (2007)) weet hij een volstrekt eigen universum op te bouwen, waarin je nooit goed weet of je nu moet lachen of huilen en van de pure verwondering of verwarring dan maar beide doet. De wereld volgens Andersson in één enkel shot van zestig seconden? Een aap hangt aan elektroden in een labo en krijgt elektrische schokken toegediend, terwijl een onderzoekster op de achtergrond aan het bellen is en monotoon en ongeïnteresseerd zegt: 'het komt allemaal wel goed.'

Lees meer over:

Onze partners