Een terugblik op het filmische parcours van Michael Moore

08/06/16 om 16:17 - Bijgewerkt om 16:24

Een overzicht van wat Michael Moore vóór Where To Invade Next - zijn nieuwe, wederom aanstekelijke mix van food for thought, politiek pamflet en humor die vanaf nu in de Belgische zalen loopt - allemaal heeft uitgevreten.

Een terugblik op het filmische parcours van Michael Moore

Michael Moore © Reuters

Roger & Me (1989)

Michael Moores eerste - en volgens menig critici beste - documentaire werd meteen ook zijn grote doorbraak. Het onderwerp, de gevolgen van de sluiting van de fabriek Motors Liquidation Company (vroeger General Motors) in zijn geboortestad Flint, lag hem nauw aan het hart. Niet alleen de regionale economische impact komt aan bod, Moore gaat ook op zoek naar de emotionele gevolgen. Na het sluiten van de fabriek nam de criminaliteit in het gebied zienderogen toe. Sinds enkele jaren staat de stad op de lijst met de gevaarlijkste steden van Amerika.

Daarnaast probeert de documentairemaker ook Roger B. Smith, de voormalige CEO en voorzitter van General Motors, te confronteren met de situatie, maar het blijkt niet gemakkelijk hem te pakken te krijgen. Een paar jaar later zoekt Moore opnieuw enkele personen uit de documentaire op, en registreert hij die ontmoetingen in de korte docufilm Pets or Meat: The Return to Flint (1992).

Canadian Bacon (1995)

In 1995 waagt Michael Moore zich voor het eerst aan een fictiefilm, meer bepaald een satirische, politieke komedie. In Canadian Bacon beslist de president van de Verenigde Staten een Koude Oorlog te voeren tegen Canada, in een poging om zijn populariteit op te krikken. Het grote publiek is niet echt enthousiast over het verhaal, en ook de critici zijn niet mals voor Moore.

The Big One (1997)

Na het Canadian Bacon-fiasco besluit Moore het over een andere boeg te gooien. Hij richt zich opnieuw op het onderzoeken van controversiële thema's. Zijn eerste stap daarin is The Big One. Deze docu volgt de filmmaker tijdens de boektournee van Downsize This! Random Threats from an Unarmed American, waarin Moore kritiek uit op bedrijven die ondanks grote winsten massaal werknemers ontslaan. De documentaire gaat verder dan een sfeerverslag en is eerder een zoektocht naar gerechtigheid voor de rechteloze Amerikaan. Moore praat met vakbondsmedewerkers, probeert quasi onbereikbare CEO's te strikken voor een reactie en onderzoekt ondertussen ook de economische tekortkomingen van Amerika.

Bowling For Columbine (2002)

Zijn grootste internationale succes kent Moore in 2002 met Bowling For Columbine. Aanleiding voor de docu is de gewelddadige moordpartij in de Columbine High School in 1999, waarbij 13 personen het leven lieten. Moore stelt de wapencultuur van de Verenigde Staten in vraag en deinst er niet voor terug de confrontatie aan te gaan met voorstanders van de wapenwetgeving. De film brak internationaal talrijke kassarecords en leverde Moore meteen ook een eerste, en tot nu toe enige, Oscar op.

Fahrenheit 9/11 (2004)

Kritiek op de politiek komt ook aan bod in Fahrenheit 9/11. Daarin worden de gevolgen van de aanslagen van 11 september behandeld, maar de documentaire geeft Moore vooral de mogelijkheid een kritische blik te werpen op het presidentschap van George W. Bush, de strijd tegen terrorisme en de verslaggeving daarover in de media. Het publiek en de jury van het filmfestival van Cannes zijn zo onder de indruk dat ze hem een twintig minuten durende staande ovatie geven. Én een Gouden Palm.

Sicko (2007)

Drie jaar na Fahrenheit 9/11 grijpt Moore de kans om een andere kwestie aan te kaarten: de Amerikaanse gezondheidszorg. In Sicko focust hij op de ziekteverzekeringen en de farmaceutische industrie, maar maakt hij ook de vergelijking met de gezondheidszorg in Canada, Groot-Brittannië, Frankrijk en Cuba. Een nieuwe Oscarnominatie blijft niet uit, maar die verzilveren lukt hem niet.

Slacker Uprising (2007)

Met de presidentsverkiezingen van 2004 in het vooruitzicht, beslist Moore 18- tot 29-jarigen aan te moedigen te gaan stemmen. Hij trekt door verschillende swingstaten en houdt er speeches in hogescholen en universiteiten. Het resultaat is Captain Mike Across America, later bewerkt tot Slacker Uprising. Opmerkelijk is dat de filmmaker de documentaire gratis verspreidde via het internet, maar wel enkel voor inwoners van de Verenigde Staten en Canada.

Capitalism: A Love Story (2009)

In september 2009 lanceert Michael Moore Capitalism: A Love Story, waarin de financiële crisis en de Amerikaanse economie tijdens de overgang van de Bush-administratie en de Obama-administratie centraal staan. Capitalism: A Love Story is een typische Moore-film - grappig, soms overdreven -, maar breekt geen records.

Evelyne Lemahieu

Onze partners